Yudhoyono roept in Atjeh op tot eenheid

De Indonesische president Susilo Bambang Yudhoyono heeft gisteren in Banda Atjeh, de hoofdstad van de zwaar door de tsunami getroffen provincie Atjeh, opgeroepen tot eenheid. ,,Ik vraag onze broeders en zusters vooruit te kijken, lering te trekken uit deze ramp en Atjeh weer op te bouwen voor een betere toekomst.'' Yudhoyono zei dat zijn regering werkt aan ,,een masterplan'' voor de wederopbouw van de geteisterde streken.

De president sprak na een gebedsdienst in de Baituraman moskee, het voornaamste gebedshuis in Atjeh. De provincie in het noordwesten van Sumatra is sinds 1976 het toneel van een bloedige strijd tussen regeringstroepen en aanhangers van de seperatistische Beweging Vrij Atjeh (GAM). De bijeenkomst die de president bijwoonde, markeerde het islamitische offerfeest ter afsluiting van de hadj (pelgrimstocht naar Mekka).

Sinds de tsunami is er sprake van een officieus staakt-het-vuren tussen het Indonesische leger en de GAM-strijders. Maar landmachtchef generaal Ryamizard Ryacudu zei deze week dat zijn manschappen sinds de vloedgolf ,,gedwongen waren geweest 120 rebellen dood te schieten'' omdat zij zich aangevoerde hulpgoederen hadden willen toeëigenen. Een woordvoerder van de GAM zei daarentegen dat het leger voornamelijk gewone burgers had gedood.

Bijna vier weken na de ramp in de Indische Oceaan die aan 225.000 mensen in elf landen het leven heeft gekost, zei de speciale gezant van de Verenigde Naties voor de tsunami, Margaretha Wahlstrom, dat de hulpverlening een nieuwe fase in gaat.

,,We belanden nu snel in de tweede fase van onze steunverlening waarin de nadruk komt te liggen op de hulp aan mensen om hun dagelijks leven weer op te pakken, weer aan het werk te gaan, ervoor te zorgen dat kinderen weer naar school kunnen en te voorkomen dat er ziektes uitbreken'', aldus Wahlstrom op een persconferentie in Bangkok.