Lenen van je naasten

Afgelopen maandag reikte het Tros consumentenprogramma Radar de Loden Leeuw 2004 uit. Dat is de prijs voor de meest irritante tv-reclame, volgens een peiling onder 40.000 kijkers. Dit jaar ging de prijs naar de geldverstrekker Becam, een bedrijf uit de stal van DSB's Dirk Scheringa, met Frits Bom als leningman. Becam mocht bij de uitreiking flink wat reclame maken; de Loden Leeuw is dus geen last. Vorig jaar ging de prijs naar een andere leningendochter van Scheringa. Dus zullen zijn reclamemakers er alles aan doen om ook dit jaar met een tenenkrommer te komen. Een spotje met Louis van Gaal? Die hoort immers als nieuwe trainer van de voetbalclub AZ ook tot de DSB-familie.

Wanneer je afgaat op de zonnige advertenties moet iedereen lenen om zijn (ijle) behoeften direct te bevredigen. De verleidelijk lage (maar tijdelijke) rentepercentages vliegen je om de oren. Helaas liggen die in de praktijk hoger, want een geldverstrekker wil zekerheden in de vorm van een eigen huis, een vaste baan, een partner met een eigen inkomen, weinig andere schulden, een overlijdensrisicoverzekering enzovoort. Kortom: wie niet hóeft te lenen, leent het goedkoopst. Daar komt bij dat een verstrekker/ondernemer een zo hoog mogelijk percentage wil bedingen en de lener zo min mogelijk wil betalen. Gevolg: loven en bieden bij meerdere aanbieders. Vraag er minstens drie.

Wie ondanks alles toch leent – voor een auto, een tweede huis, een verbouwing, effecten, iets anders – moet zich vooraf beraden op een andere aanpak dan domweg lenen bij een commercieel bedrijf. Je moet lenen zien als een onderdeel van je persoonlijke financiële planning (pfp) en alle facetten meenemen in de beslissing.

Zo is er in je familie, vrienden- of kennissenkring vast wel een bereidwillig iemand met (te veel) spaargeld dat weinig opbrengt. Zeg netto 2 procent, na aftrek van de 1,2 procent heffing in box 3, en bruto 3,2 procent. Moet je voor een commerciële lening 8 procent betalen, en leen je op vertrouwen bij een naaste, dan besparen beide partijen samen 4,8 procent (8 minus 3,2) rente per jaar. Op een lening van 20.000 euro bespaar je dan exclusief kosten minimaal 960 euro per jaar. Die kan je samen gelijkelijk delen. Dan betaalt de lener 5,6 procent en geen 8 procent, wat voor de uitlener een rentevoordeel van 2,4 procent betekent; 5,6 minus 3,2. Het kan anders, maar dat moet je samen afspreken.

Daarbij kan je als goede bekenden samen soepele voorwaarden afspreken. Maar pas op! Een spreekwoord zegt: je leent een vriend, maar maant een vijand. Wanneer de lener aan zijn verplichtingen voldoet, is er niets aan de hand, maar dat kan omslaan in vijandschap bij wanbetaling. Daarom is het zaak om de voorwaarden en afspraken minimaal vast te leggen in een onderhandse akte. Gaat het om forse bedragen en risico's, dan is een notariële akte aan te bevelen. Hoewel papier nooit kan voorkomen dat een lener in gebreke blijft.

Hoe zit dit fiscaal in elkaar? Niet zo ingewikkeld. De uitlener zet zijn 20.000 euro in box 3 om in een normaal met 1,2 procent belaste vordering van 20.000 euro op de lener – als het gaat om bedragen boven de vrijstelling. De rente die hij ontvangt en consumeert is vrij van inkomstenbelasting.

De lener ontvangt 20.000 euro (in box 3) waar een even grote schuld in box 3 tegenover staat. Die bedragen vallen niet helemaal tegen elkaar weg. Per persoon telt 2.700 euro (2005) niet mee als schuld. Per fiscaal paar is de schuldendrempel 5.400 euro, ongeacht de toedeling van bezittingen en schulden. Toch levert het restant van de schuld (14.600 euro) een voordeel op. Staat die tegenover bijvoorbeeld een tweede huis in box 3 (de geleende 20.000 euro gaan op aan een andere auto), dan bespaar je over 14.600 euro de 1,2 procent heffing of 175,20 euro, per jaar.

Een variatie op deze constructie gaat als volgt. Iemand (een ouder) zonder geld in box 3 kan voordelig lenen op de overwaarde van zijn huis. De lening en de schuld (behalve de voornoemde drempel) vallen in zijn box 3. De lening schuift hij door naar een ander (een kind) die nergens of moeilijk kan lenen, tegen hetzelfde of een iets hoger percentage. De ouder verdient hier niets aan, maar het kind profiteert van diens financiële kracht. Zo leen je zonder Dirk Scheringa.

    • Adriaan Hiele