Het begin

Het geluid van klotsend water weergalmt tegen het plafond, de wanden rondom en de plastic bloemstukjes, die her en der om het zwembad verspreid staan. Het reguliere gebruik van het bad is voor deze dag afgelopen, straks zullen er ongeduldige huisvrouwen achter de ramen staan om aangevuurd door luide muziek aan hun wekelijkse aqua-jogginglessen te beginnen. Nu ploeteren er de komende vijf kwartier beginnende wedstrijdzwemmertjes van de Houtense zwemvereniging GoSwim – de zogeheten `mini-joren' – door het bijna dertig graden Celsius warme water. Zwemmen hoefden ze niet te leren, want ze dienen minimaal in het bezit te zijn van diploma B om alvorens toegelaten te worden tot deze training. De strenge badjuf geeft op luide toon instructies, houdt iedereen scherp in de gaten. Op een avond leggen de kinderen tussen de 800 en 1.000 meter af, onderverdeeld in de schoolslag, de borstcrawl en verschillende techniektrainingen, al dan niet met gebruik van een plankje of andere hulpstukken. Tweemaal in de week oefenen de jongens en de meisjes volgens een schema van de Nederlandser zwembond geoefend. Krachttraining is vooralsnog uit den boze. Wel is er voorlichting over de juiste voeding. Na afloop worden de lijnen uit het water gehaald en opgerold, en volgt een gezamenlijke douche. Wat onder een opvallende stilte plaatsvindt. De kinderen zijn zichtbaar toe aan hun bedrust.

Dit is de derde aflevering in een serie over kinderen en sport.