Alle mannen die Berbers heten

De meeste Nederlanders weten wel dat veel Marokkanen een Berberse achtergrond hebben, maar wat die nou precies inhoudt weet haast geen mens. Ook Berbers zelf, of `Imazighen' zoals ze zichzelf noemen, hebben geen bijzonder sterk ontwikkeld bewustzijn van een aparte identiteit. Traditioneel leefden ze verspreid over de meeste staten van Noord-Afrika, van Marokko en Algerije tot aan Egypte. Ze kennen sterke stamverbanden, en een eigen taal die sterk van het Arabisch verschilt. Maar een massaal streven naar erkenning van de Berbercultuur, laat staan een politiek-nationalistische beweging, is er tot voor zeer kort eigenlijk nooit geweest.

Toch zijn de Berbers zeker geen `volk zonder geschiedenis'. De oudste teksten in Berberdialecten dateren uit de vierde eeuw voor Christus, en door de eeuwen heen zijn er diverse beroemde auteurs van Berberafkomst geweest, van de Latijnse komediedichter Terentius (tweede eeuw) en de kerkvader Augustinus (eind vierde eeuw), tot de moderne schrijver Abdelkader Benali.

Gelijktijdig met de grote Marokko-tentoonstelling in de Nieuwe Kerk in Amsterdam is er nu, voor het eerst in het Nederlands, een inleiding op de cultuur en geschiedenis van de Berbers verschenen. Evenals de tentoonstelling besteedt dit boek vooral aandacht aan het verre verleden, wat een beetje ten koste gaat van informatie over recentere ontwikkelingen. De auteur, Mohammed Chafik, is niet de eerste de beste: hij was onder meer de hoofdauteur van het Berbermanifest van 2000, dat de erkenning van de taal en cultuur van de Berbers in Marokko bepleitte. In 2002 werd hij onderscheiden met de Prins Clausprijs onderscheiden.

Er bestaan andere, op sommige punten wellicht verfijndere, inleidingen, zoals het franstalige Les berbères van J. Serviers en The Berbers van M. Brett en E. Fentress. Chafiks boek is evenzeer een onderdeel van de strijd van Berbers om culturele erkenning, als een beschrijving van die strijd. Aan de Nederlandse vertaling een hoofdstuk toegevoegd over de recente politieke en taalkundige ontwikkelingen rond de Berbers in Marokko, Algerije en Nederland.

Mystiek

Chafiks boek legt de nadruk op Marokko. Algerije, dat anders dan Marokko eeuwenlang onder Ottomaans gezag heeft gestaan, komt verhoudingsgewijs weinig aan bod. De eerste hoofdstukken maken een ouderwetse indruk, vooral omdat ze hedendaagse noties klakkeloos terugprojecteren op het verleden. Zo stelt Chafik de Berbers te veel voor als een oorspronkelijk al samenhangend volk met een eigen cultuur. Het valt te betwijfelen of sterk van elkaar verschillende en zelfs geïsoleerde groepen als de Toearegs, Rifkabylen, en de bewoners van de Siwa-oase in Egypte zich ooit als deel van een Berbergeheel hebben beschouwd. Ook beschrijft hij de Romeinse overheersing van Noord-Afrika wel erg nadrukkelijk naar analogie met de Franse kolonisatie van twintig eeuwen later.

Over de islamitische periode schrijft Chafik opmerkelijk weinig. Je ziet hem worstelen met de complexe en veranderlijke verhouding van de Berbers tot de Arabische taal, cultuur en nationale identiteit, en tot de islam als religie. Aanvankelijk boden de Berbers geduchte tegenstand aan de Arabische veroveraars. Later uitte hun enthousiasme voor de islam zich in verscheidene invloedrijke religieuze bewegingen. Dikwijls hadden die een mystieke inslag, maar sommige ervan waren juist tégen de mystieke islam gericht. Ook machtige islamitische Berberdynastieën zoals de Almoravieden en de Almohaden, die meer dan twee eeuwen over Spanje hebben geheerst, zijn uit zulke religieuze bewegingen ontstaan. Over deze dynastieën is Chafik veel te kort. Meer nog dan zulke historische feiten mis je een uitvoeriger beschrijving van de hedendaagse stammenstructuur en van het moderne volksgeloof. Chafiks schaarse opmerkingen daarover geven je de indruk dat hij in beide een belemmering ziet voor de ontwikkeling en versterking van een gemeenschappelijke berbercultuur.

Identiteit

Het idee dat de Berbers een apart volk zijn met een eigen, grotendeels orale, cultuur en geschiedenis kreeg vooral een impuls tijdens de Franse koloniale overheersing. De Fransen probeerden op diverse manieren de verschillen tussen Berbers en Arabieren te versterken, onder meer via het beruchte Berberdecreet van 1930, dat de Berberbevolking van Marokko aan een aparte rechtspraak wilde onderwerpen. Geen wonder dat manifestaties van `Berber-identiteit' nog lang daarna werden ervaren als onderdeel of nasleep van een koloniale politiek. Aanvankelijk stuitten zulke manifestaties op weerstand van Arabische nationalisten, en later op die van islamisten.

De talrijke Berberdialecten hebben traditioneel een nogal lage sociale status, en hebben ook nooit een moderne, gestandaardiseerde geschreven variant ontwikkeld. De afgelopen decennia is dat veranderd. Het laatste hoofdstuk, door twee Tilburgse taalkundigen geschreven en daardoor ook eigentijdser van methodiek, beschrijft deze ontwikkelingen in meer detail. In onderwijs en media werd het Berber decennia lang vrijwel volledig genegeerd. In de jaren negentig veranderde dit razendsnel in zowel Marokko als Algerije. Momenteel is in beide landen de Berbertaal officieel erkend, en wordt ze gesteund en verspreid via onderwijs op lagere scholen, en vooral ook via het theater.

In Nederland ging het anders. Ongeveer de helft van de 250.000 Marokkanen alhier heeft een Berberachtergrond. De jaren negentig zagen een langdurige en moeizame strijd om onderwijs in de eigen Berbertaal, naast Modern Standaard Arabisch en het Marokkaans-Arabische dialect. Toen deze pogingen eindelijk succes leken te krijgen, was het politieke klimaat omgeslagen, en werd het hele idee van moedertaalonderwijs terzijde geschoven. Aanpassen en inburgeren is nu de norm, niet het behoud – laat staan het creëren – van een eigen cultuur. Het is opmerkelijk dat Nederland en de landen van herkomst in dit opzicht zich in precies tegenovergestelde richting hebben ontwikkeld. In Algerije en Marokko hebben de machthebbers het afgelopen decennium, met enig succes, een nationale en seculiere Berber-identiteit erkend en gestimuleerd als tegenwicht tegen het islamisme. Misschien kan dit relatief succesvolle beleid ook Nederlandse politici op een idee brengen.

Mohammed Chafik: Imazighen. De Berbers en hun geschiedenis. Bulaaq, 160 blz. €16,50