ABP, PGGM renderen goed

De grootste twee Nederlandse pensioenfondsen, ABP en PGGM, hebben in het vierde kwartaal van het vorig jaar dankzij de dalende rente extreem goede rendementen behaald.

ABP verdiende in die periode 4,8 procent met zijn beleggingen van inmiddels 168 miljard euro. PGGM boekte in dezelfde periode een rendement van 4,6 procent.

De hoge rendementen hebben echter geen invloed meer op de pensioenpremies die de twee fondsen dit jaar heffen. ABP en PGGM hebben eind vorig jaar al nieuwe premieverhogingen aangekondigd om hun nog altijd ondermaatse financiële posities te herstellen.

Het totale rendement van ABP over 2004 kwam uit op 11,5 procent, net iets beter dan 2003. PGGM scoorde 10,9 procent rendement. ABP verzekert de pensioenen van ruim een miljoen werknemers bij overheid en onderwijs. PGGM werkt voor ruim een miljoen werkers in de sectoren zorg en welzijn.

Topbelegger J. Frijns van ABP is, net als vorig jaar om deze tijd, een beetje somber over de vooruitzichten voor het beleggingsrendement van het pensioenfonds, zo bleek vanochtend op een persconferentie op de luchthaven Schiphol. Hij erkent dat hij vorig jaar ongelijk heeft gehad met de verwachting van een stijgende rente die het rendement onder druk zou zetten. Niettemin blijft hij verwachten dat de rente zal oplopen, waarschijnlijk sneller in de Verenigde Staten dan in Europa. ,,De rente moet toch omhoog'', aldus Frijns. Momenteel bedraagt de Amerikaanse toonaangevende rente 2,25 procent, de Europese 2 procent.

De centrale banken kunnen volgens Frijns niet blijvend een ruim monetair beleid voeren waarbij de rente laag blijft. Een oplopende rente is volgens hem ook een signaal van verbeterende economische groei. Bovendien komen pensioenfondsen vanaf volgend jaar onder nieuwe toezichtsregels van De Nederlandsche Bank waarbij hogere rentestanden zullen leiden tot een daling van de verplichtingen van pensioenfondsen. Op die manier kan de financiële positie van de pensioenwereld verder verbeteren.