Vrije geesten versus bekrompen boeren

Beide toneelstukken spelen in een bak met water. Beide bevatten brief encounters, korte, hevige amoureuze ontmoetingen. Dat zijn de enige overeenkomsten. Verder vallen alleen de verschillen op, ook in kwaliteit. Het Maastrichtse gezelschap Het Vervolg speelt een double bill: twee korte Britse toneelstukken op één avond: Lunch (1985) van Steven Berkoff en Messen in kippen van David Harrower, geregisseerd door Léon van der Sanden.

Lunch (1985), hier eerder te zien als Bellevue lunchvoorstelling, gaat over stadse, wereldwijze mensen; een getrouwde vrouw en een advertentieverkoper aan zee. Berkoff laat zijn personages hardop denken in mooie fantasieën die botsen met de realiteit. Na de daad beledigen de geliefden elkaar tot op het bot, om te maskeren – of juist te zeggen – dat ze elkaar geraakt hebben. Lunch is op papier een mooie étude, waarbij Berkoff zijn kenmerkende mengsel van erotische poëzie en grove straattaal in een snelkookpan smijt. Maar de jonge regisseur Annelore Kodde laat de mogelijkheden van het stuk grotendeels onbenut. De koude, gele belichting en het water maken het toneelbeeld nogal lelijk, het spel van Mieneke Bakker en Bart Slegers overtuigt niet. Nergens wordt deze liefdesgeschiedenis hartverscheurend, het lot van deze mensen laat me koud als de bak water waarin ze worstelen.

Messen in kippen (1995), hier eerder gespeeld door het Noord Nederlands Toneel, gaat over boeren die zich slechts rudimentair kunnen uitdrukken. Harrower laat ze praten in een tot kunsttaal verheven dialect, kortaffe zinnen van een paar elementaire woorden, fraai verdraaid. Peer Wittenbols, zelf liefhebber van dit soort taal, is daarvoor de ideale vertaler. De vrouw van de ploeger wil de wereld benoemen. De ploeger is daarvoor te aards; hij zit liever in de stal bij zijn jonge merries, die soms opeens een meisjeslach blijken te hebben. Daarom wordt zijn vrouw aangetrokken door de molenaar, een man met een bredere blik, die wel de gave van het woord bezit en daarom voor boze tovenaar wordt aangezien. Bekrompen dorpelingen, dicht bij de natuur, versus vrije, pure geesten die snakken naar cultuur. En naar de bevrijding en verwarring die taal kan brengen. De vrouw, de ploeger en de molenaar staan ook voor drie stadia van beschaving.

Aardig is dat Harrower de relaties niet zo zwart-wit schetst. Zo zou je denken dat de vrouw zich de literator in de dop toont, maar het is de botte ploeger die zich in vergelijkingen uitdrukt, om zo de schoonheid van zijn liefdes te bezingen en zijn daden te maskeren. De vrouw is juist degene die wil dat een woord slechts één duidelijke betekenis heeft; wat een anti-literaire houding is. Het verwarrende taalgebruik dat ze bij haar man afwijst, vindt ze bij de molenaar juist aantrekkelijk. Het verschil: leugen en waarheid.

Dezelfde bak met water die in Lunch zo afstotelijk werkte, is hier een zinderende arena voor een explosie van oerdrift. Kletsnat werpen de lichamen zich op elkaar, de molenaar laat zijn meel hoog opstuiven. Op de achtergrond zien we videobeelden van het seksleven der planten. De mannenrollen zijn door de jonge Folmer Overdiep en Joost Horward niet zo sterk gevuld, maar Marleen Scholten, lid van collectief Wunderbaum (v/h Jonghollandia), is helemaal raak als de ploegersvrouw: het pure, naïeve natuurkind met de onweerstaanbare erotische aantrekkingskracht. En uiteindelijk gevaarlijk als een wild dier.

Voorstelling: Lunch/Messen in kippen, door Het Vervolg. Gezien 15/1 Derlon, Maastricht. Aldaar t/m 19/2. 23-26/2 Maaspoort, Venlo. Inl. (043) 3507171 of www.hetvervolg.nl.

    • Wilfred Takken