Vervolging M. B.

Mohammed B., de vermoedelijke moordenaar van Theo van Gogh, wordt ook vervolgd voor moordplannen op de Kamerleden Ayaan Hirsi Ali, Geert Wilders, burgemeester Cohen van Amsterdam en diens wethouder Aboutaleb.

Daarvan werd B. vorige week in kennis gesteld. Eerder al bleek hem het belemmeren van het functioneren van Hirsi Ali ten laste te worden gelegd. Met de nieuwe beschuldiging plaatst justitie Mohammed B. ook strafrechtelijk in de zogenoemde Hofstadgroep, een terroristische organisatie. De twaalf arrestanten uit die groep zijn opgepakt op verdenking van diezelfde moordplannen. Behalve informatie van de veiligheidsdienst spelen dreigbrieven een rol in dat onderzoek. Een dreigbrief aan Hirsi Ali werd door de moordenaar op het lichaam van Van Gogh achtergelaten.

Bij de eerste pro forma-zitting volgende week in Amsterdam zal het in de eerste plaats gaan om de moord op Van Gogh. Voor de overige moordplannen zal B. nu elders berecht kunnen worden, samen met de andere twaalf verdachten. Volgens advocaat mr P. Plasman van B. heeft justitie de aanklacht uitgebreid ,,om alle opties open te kunnen houden''. Hij spreekt ook over ,,een veiligheidsklep'' voor justitie voor het geval het niet lukt om levenslang te krijgen.

Het openbaar ministerie in Amsterdam erkent dat mogelijkheden worden opengehouden. De verwachting is dat het onderzoek naar de moord eerder zal kunnen worden afgerond dan het onderzoek naar de Hofstadgroep.