Dood aan de jansaliegeest

Omroeptopman Harm Bruins Slot luidt het nieuwe jaar in met de sombere voorspelling dat de komende drie jaar rekening moet worden gehouden met een verlies van een kwart van de kijkers en een halvering van de STER-inkomsten.

Bij ongewijzigd beleid, zei hij erbij, in plaats van het accent te leggen op een opbeurend perspectief.

De Haagse politici maken hun oordeel over wat met de omroep moet gebeuren afhankelijk van externe adviezen – het WRR-advies bijvoorbeeld –, waarvan nu al is uitgelekt dat die voor de omroep weinig om het lijf zullen hebben. Dan moet de staatssecretaris in het voorjaar met haar visie op de omroeppolitiek komen. Wedden dat dat geen echte visie zal blijken te zijn, maar eerder een opsomming van beleidsvoornemens met ingebakken compromissen? En kent u de mop over de omroepen die zeiden het bestel te gaan verlaten? Die gingen niet. Ondertussen wordt het bestaan van omroepmedewerkers die goede programma's willen maken steeds moeilijker. De oplossingen die Bruins Slot aandraagt voor zijn treurige prognose zijn typische halfslachtige Hilversumse algemeenheden.

De profielen van Nederland 1, 2 en 3 moeten worden aangescherpt volgens resultaten van kijkonderzoek.

De verenigingen moeten apart blijven, maar tegelijkertijd moeten ze ook integreren op de drie netten.

En er zal geld bij moeten. Als Den Haag de omroep in de kou laat staan, zullen nieuwe bronnen van inkomsten aangeboord moeten worden.

Het zijn de gedachten van de hoogste man van de Publieke Omroep. Denk maar niet dat de overige omroepbonzen onder de indruk zijn van deze `agenda voor 2005'. Die gaan cynisch door met hun strategie van pappen en nathouden. En denk evenmin dat politiek Den Haag van de dreigementen van Bruins Slot opschrikt door spontaan diep in de buidel te tasten. De bodem van de omroepreserve komt in zicht.

Het ontbreekt aan echte structurele vernieuwing. De overheid moet het lef tonen om de huidige Mediawet te vervangen door een nieuwe wet die: 1) uitgaat van de nieuwe technologische en media-ontwikkelingen; 2) een antwoord geeft op de problemen waarmee de gedrukte media en de oude publieke omroep worden geconfronteerd en die 3) rekening houdt met de nieuwe Europese regelgeving.

Als over de toekomst van de Publieke Omroep wordt nagedacht, komt men algauw op de proppen met een `Nederlandse BBC'. Dat klinkt leuk, maar het getuigt niet van realiteitszin. Zolang er in ons land een politieke meerderheid is voor de omroepverenigingen, moeten die het vertrekpunt zijn voor de vernieuwing.

Tot nu toe is het burgerinitiatief van de krasse Antonie Dake er het best in geslaagd om een richting voor de toekomst van de Publieke Omroep onder woorden te brengen. Zijn plan heet `Naar een andere publieke omroep', en beoogt het revitaliseren van de oorspronkelijke maatschappelijke functie van de publieke omroep. Deze visie gaat uit van twee in plaats van drie netten; afschaffing van de STER; de grote commerciële sport naar de commerciële omroep, stoppen met de NOS en de NPS en terug naar het maken van goede en interessante programma's die niet aan de kijkcijferterreur worden onderworpen.

Alles wat de laatste tijd gebeurt, pleit voor Dakes plan. De Mol heeft een belangrijk deel van de voetbalrechten van de NOS afgepikt. Uit een onderzoek van de Bond van Adverteerders blijkt dat meer dan 80 procent van de reclamezendtijd door de kijkers niet gezien wordt en Bruins Slot voorspelt een enorme daling van de STER-inkomsten. En mede door de bezuinigingen wordt het steeds moeilijker om drie televisiekanalen zo te financieren dat ze het bekijken waard blijven.

Het is logisch dat de omroepverenigingen belang hebben bij zoveel mogelijk geld en zendtijd en dat ze zich daarom tegen de ideeën van Dake afzetten. Maar het publiek denkt daar anders over. Uit een onderzoek van `Marktresponse Nederland BV' dat in opdracht van Dake werd verricht (en dat opvallend weinig aandacht kreeg) blijkt dat de Nederlandse bevolking in meerderheid vindt dat de Publieke Omroep zich te weinig onderscheidt van de commerciële omroep; dat het amusement aan de commerciële omroep kan worden overgelaten en dat de Publieke Omroep moet ophouden via hoge kijkcijfers met de commerciëlen te concurreren.

Als ik de Raad van Bestuur was, dan wist ik het wel. Ik zou de programmamakers aansporen om creatieve alternatieven voor de populaire voornemens van De Mol te ontwikkelen. Vrouwenvoetbal lanceren. De amateursport mooi in beeld brengen. Nieuwe toernooien bedenken. In Barcelona zag ik een waanzinnig spannend straatvoetbaltoernooi op een prachtig plein met duizenden mensen. Waar blijft het offensief? Waar is het enthousiasme?

En de politiek zou het lef moeten tonen om plannen die de kern van een goed structureel alternatief voor de bestaande omroepmalaise in zich dragen (met een minimum aan amendementen) te omarmen.

Dood aan de jansaliegeest.

Nico Haasbroek is journalist en voormalig hoofdredacteur van het NOS journaal.