Denken is verdacht in hysterisch Nederland

De gevoelens van het volk worden de laatste tijd in Nederland gevaarlijk serieus genomen. Je hersens gebruiken is verdacht, voelen en joelen daarentegen prima. Neem het parvenu-achtige pronken met de eigen vrijgevigheid. Nederland is bot.

Eigenlijk schrijf ik dit in de verkeerde krant. Het was uitgerekend de `slijpsteen voor de geest' die in de woelige tijden die nog lang niet achter ons liggen, met enige regelmaat zo niet als schuldige dan wel als symbool werd aangewezen voor het achterhaalde politiek correcte denken van de oude linkse kerk en haar brave slippendragers, dat door ontkenning van alles wat mis was in dit land ervoor had gezorgd dat alles misging in dit land. Om het allemaal nog erger te maken, ging toen ook nog eens André Hazes dood. Toen Elsbeth Etty kort daarna voor het volkstribunaal van Barend en Van Dorp werd gedaagd om verantwoording af te leggen voor het feit dat zij in een column in deze krant had geweigerd te delen in de voorgeschreven collectieve adoratie van André Hazes, was Deelderepigoon en Broodbiograaf Bart Chabot opgetrommeld om zijn stem te lenen aan de breedgevoelde afschuw van dit staaltje intellectualistisch individualisme van de columniste. ,,Weet je wat er mis is met jou?'' zei hij. ,,Je hebt meer hersens dan gevoel.'' En zonder noemenswaardige pauze voegde hij hieraan toe: ,,En weet je wat het nog meer is? Ik schrijf nu al vijftig jaar poëzie en nog nooit heb ik één bespreking gehad in die intellectualistische krant van jou.'' Samen met zijn columniste stond NRC Handelsblad terecht. De aanklacht was intellectualisme en gebrek aan binding met de gezonde gevoelens van het volk en zijn populaire helden Fortuyn, Van Gogh, Hazes en Chabot. En zoals dat gaat met dit soort aanklachten, is de aanklacht zelf het vonnis.

De laatste tijd hebben veel mensen, meestal Belgen, die er tenauwernood in slaagden hun lachen in te houden, mij gevraagd wat er toch mis is met gidsland Nederland. Een allesverwoestende vloedgolf aan commentatoren en opiniemakers heeft de afgelopen maanden geprobeerd deze vraag te beantwoorden. We kunnen ons nu nauwelijks nog herinneren wat al hun verschillende antwoorden waren, maar gelukkig is de vraag achterhaald door de actualiteit. Het gaat weer goed met ons. We kunnen weer hossend door de straten joelen met onze oranje opblaashamers, want we zijn weer eens wereldkampioen vrijgevigheid. Er was wel een allesverwoestende vloedgolf voor nodig met meer dan honderdduizend slachtoffers, maar dan heb je ook wat. In een hartverwarmend vertoon van collectieve belangeloosheid, compleet met hartverwarmend belangeloze optredens van al onze fijne, hartverwarmend belangeloze artiesten, heeft ons kleine landje het hem toch maar weer geflikt om een hartverwarmend groot bedrag in te zamelen voor al die arme stakkertjes in Azië. Het was niet alleen een demonstratie van solidariteit, maar vooral ook van saamhorigheid. Er zijn berichten dat zelfs moslims een paar euro's hebben gedoneerd. Ook voor de moslims een oranje opblaaskroon! Met z'n allen de schouders eronder. Open het dorp. Mies Bouwman is back. Waar een klein landje groot in kan zijn.

Wat er mis is met Nederland, is precies dit: saamhorigheid wordt afgedwongen met oranje opblaashamers. Wie weigert hartstochtelijk te delen in alles wat ons een warm gevoel geeft, is verdacht en eigenlijk geen echte Nederlander. Ik ken geen land in Europa dat zozeer gepreoccupeerd is met de definitie van de eigen identiteit. Normaal gesproken is die gegeven en hoeft derhalve niet bij voortduring onderwerp te zijn van panische discussie. Geen enkele Italiaan hoeft zich af te vragen wat het betekent om Italiaan te zijn. Je hebt Petrarca en Dante, Verdi en Puccini, augustus aan zee en mamma die pasta kookt. Ware identiteit is geworteld in historisch besef en traditie. Maar sinds in Nederland het onderwijs is afgeschaft, worden we niet langer gevoed door wortels, die sterk en stevig in de grond grijpen en ons in staat stellen stormen te trotseren met de rustige trots van een eeuwenoude eik. Daarom zijn wij gedwongen onze identiteit te enten op massahysterie. Bovendien is het een reactie van een land dat zijn zelfvertrouwen heeft verloren. Niemand is zo bang dat zijn eigen identiteit teloorgaat door de invloed van vreemde elementen als degene die bang is dat zijn eigen identiteit teloorgaat. Omdat wij niet meer weten wie wij zijn, dwingen wij een ieder precies zo te zijn als wij, in de angst dat wij anders onszelf niet meer zijn. Ooit, in dagen van sterker vertrouwen, was het ons genoeg te weten dat anderssoortigen onder ons geen last zouden bezorgen, nu, in de dagen van angst, is de anderssoortigheid als zodanig een bedreiging geworden.

Wat er mis is met Nederland, is precies dit: dat in een vloedgolf van massahysterie 122 miljoen euro wordt ingezameld voor de slachtoffers van de tsunami in Azië. En dan heb ik het nog niet eens over het smakeloos opportunisme van de horde Bekende Nederlanders die elkaar voor de televisiecamera's verdringen om te demonstreren dat zij het hart op de goede plaats hebben. Ik heb het ook nog niet eens over het smakeloos exhibitionisme van een volk dat als de eerste de beste onopgevoede parvenu koketteert met zijn eigen liefdadigheid. Ik heb het over het principe. Uiteraard zal ik de eerste zijn om te erkennen dat een ramp zonder weerga heeft plaatsgevonden en dat het van het grootste belang is dat er middelen beschikbaar komen om de slachtoffers te helpen. Maar het is gênant dat het nodig blijkt dit over te laten aan de opofferingsgezindheid van particulieren. Steun aan minderbedeelden en slachtoffers waar ook ter wereld is een taak van de overheid. Volgens sommige berekeningen volstaat één procent van het wereldwijde defensiebudget voor het lenigen van de hongersnoden in de wereld. Eén enkele Joint Strike Force straaljager zal naar schatting van analisten ongeveer 60 miljoen euro gaan kosten. Het is op zijn zachtst gezegd pijnlijk om trots te zijn op brave, vrijgevige burgers die voor een goed doel een bedragje bij elkaar schrapen waar je nog geen twee vliegtuigen voor kunt kopen, terwijl zij toestaan dat hun belastinggeld in veelvoud wordt gespendeerd aan zaken die de wereldbevolking tot dusver eerder kwaad dan goed hebben gebracht.

Het vertoon van collectieve liefdadigheid is een explosie van gevoel, van een nobel gevoel van medeleven met de slachtoffers van een natuurramp in combinatie met massahysterie die voortkomt uit het verlangen te mogen delen in het warme gevoel van nationale goedheid. Wie de moed zou hebben over de dingen na te denken, zou tot de conclusie kunnen komen dat het, in plaats van incidenteel te doneren op giro 555, misschien te verkiezen zou zijn om te stemmen op een partij die structureel het beste voorheeft met gebieden op de wereld die onze steun hard nodig hebben. Dezelfde brave burgers die nu massaal in de buidel tasten voor de slachtoffers in Azië, zullen straks massaal stemmen op partijen die het ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking willen afschaffen, zoals iemand van de VVD onlangs nog heeft voorgesteld, en op partijen die de afschaffing van ontwikkelingshulp als zodanig in hun programma hebben opgenomen.

Wat er mis is met Nederland, is precies dit: er heerst gevoelsdictatuur. Denken is verdacht. Men zegt wat men voelt en men doet wat men zegt. Het is de tirannie van het volksgericht waar Barend en Van Dorp exponenten van zijn, waar het als deugd geldt om meer gevoel dan hersenen te hebben en waar een ieder die drie zinnen zonder grammaticale fout kan uitspreken en weigert te huilen bij Hazes of te hossen in het oranje, de aanklacht van intellectualisme uitlokt, de zwaarste aanklacht, en de aanklacht zelf is het vonnis. Deze anti-intellectualistische terreur ontwricht de Nederlandse samenleving op een fundamentelere manier dan de geëmancipeerde gevoelsmensen kunnen bevroeden.

Wat er mis is met Nederland, is precies dit: we zijn onbeschoft. Wie zegt wat hij voelt en doet wat hij zegt, is een lompe hork. Zo iemand eist respect, vindt anderssoortigen abnormaal, denkt dat hij de norm is voor alles omdat hij niet denkt, eist zonder scrupules zijn deel op en neemt met compromissen geen genoegen, laat zich niets vertellen, zegt dat hij het nu eenmaal zo voelt, weigert voorrang te verlenen als hij zelf voorrang heeft, weigert zich aan te passen aan anderen omdat hij alleen van belang is, weigert in te binden om conflicten te vermijden, weigert deuren open te houden, weigert te luisteren naar iemand met een verhaal, weigert te begrijpen dat hijzelf minder is dan een ander of in ieder geval rekening te houden met die mogelijkheid, weigert te ritsen bij de invoegstrook, weigert zijn mond te houden bij vertraging, weigert überhaupt zijn mond te houden, weigert pardon te zeggen als het niet zijn fout is, weigert überhaupt pardon te zeggen, weigert te buigen voor minderen, weigert extra fooi te geven bij fouten van de bediening, weigert extra fooi te geven zonder dat iedereen ziet dat hij extra fooi geeft, weigert te streven naar hogere leegte, weigert iemand bij te staan die geen vriend is tenzij uit eigenbelang, weigert op te staan in de tram, weigert dankbaar te zijn voor een wielklem omdat het goed is dat de wet wordt gehandhaafd, weigert niet te zeggen wat hij voelt, weigert niet te doen wat hij zegt, weigert, weigert, weigert.

Het leven in nabijheid van anderen vereist intellectuele distantie. Toen Prometheus de mensen had gemaakt uit klei, en het vuur van de goden had gestolen om hen in staat te stellen werktuigen te bouwen en zich te voeden, ging het mensenras op een haar na teloor omdat de mensen niet met elkaar konden leven. Zeus greep in en gaf hen díkê en aidôs, wetten en begrip van het principe dat het beter is om niet altijd te doen wat je zou willen en kunnen doen. Aidôs is het intellectuele besef dat het welzijn van de ander prevaleert boven eigenbelang. Het is het uitgangspunt van iemand die genoegen schept in de wetenschap dat het verkeer soepeler circuleert als hij anderen voor laat gaan. Aidôs is de kunst van het nalaten. In een gevoelsdictatuur zijn de wetten tot op zekere hoogte nog te handhaven, maar gaat het andere ingrediënt voor maatschappelijke cohesie teloor.

Wat er mis is met Nederland, is precies dit: we zijn onze veelgeroemde tolerantie kwijt. Tolerantie is, volgens de elegante formulering van de socioloog Kees Schuyt, onderdrukking van de neiging te onderdrukken. Tolerantie staat of valt met intellectuele distantie. Wie tolerant is, begrijpt dat de anderen anders zijn, zou misschien zelf nooit zo willen zijn als zij, heeft misschien zelfs nare gevoelens bij die anderen, vindt ze misschien zelfs vies en verkeerd, maar heeft het intellectuele besef dat het beter is voor de samenleving om dergelijke gevoelens te onderdrukken en er niet naar te handelen. Tolerantie is niet hossend met een warm gevoel en een oranje opblaashamer integratie afdwingen, maar accepteren dat de ander niet host.

Wat er mis is met Nederland, is precies dit: niet alleen het gemene volk maar ook de politiek heeft haar intellectuele distantie verloren. Ondoordachte onderbuikgevoelens bij de man in de straat zijn van alle tijden. Maar voorheen werden die in onze representatieve democratie onschadelijk gemaakt doordat de volksvertegenwoordigers zich wisten te distantiëren van het volk. De televisiedemocratie van vandaag de dag heeft steeds meer weg van een hysterische directe democratie waarbij er iedere dag verkiezingen zijn. Uit electorale overwegingen hebben vooral de rechtse politici de laatste tijd bij voortduring de neiging mee te hossen op de vloedgolven van gevoel in de samenleving en elke vlaag van massahysterie tot programmapunt te verkaren. Volgens Aristoteles kent elk politiek systeem zijn eigen nachtmerriescenario. De keerzijde van democratie is, volgens hem, de ochlocratie, waarin de massa regeert. De Nederlandse democratie is een ochlocratie geworden, omdat de rechtse politici die het op dit moment voor het zeggen hebben, zich uit electorale angst laten regeren door de massa. Daardoor heerst ook op het Binnenhof de gevoelsdictatuur.

Het enige wat ons nog kan redden (en zal redden, ik blijf optimist), is afschaffing van de situatie waarin het niet als deugd geldt om meer hersenen te hebben dan gevoel en waarin intellectualisme een scheldwoord is.

De gevoelsdictatuur dient omvergeworpen. Ik roep alle intellectuelen van Nederland op die naam met trots te dragen en alle anderen om intellectueel te worden. Maar ik schrijf dit in de verkeerde krant.

Dichter, criticus en schrijver. Vorig jaar verscheen van zijn hand `Het Grote Baggerboek', dat genomineerd werd voor de AKO-prijs.