Amerongen Renswoude

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week in Utrecht.

De blaadjes hollen ons vooruit, ze rollen in paniek over elkaar heen en ze sleuren elkaar mee, maar ze blijven individuen. Je kunt er één uitkiezen en die dan blijven volgen, anders dan tussen de stammen van de beukenbomen, daar is er sprake van Gesamt-gewervel: hoog oplopende knisperingen.

Wij hollen net niet, al maant de zuidwesterstorm in onze rug bij vlagen tot spoed. De kruinen zwiepen heen en weer. De kale loofbomen gieren in de wind, de zwiepende naaldbomen sissen meer. Kraken en piepen doen ze hetzelfde. Soms plopt er een tak naar beneden, voor, achter of op de wandelaar. Het voelt wel stoer, zo'n plotselinge tik op arm of hoed, maar wat er wordt afgerukt is niet meer dan sprokkelhout. Vers omgewaaide bomen zien we nergens.

Het Amerongsche Bosch is een weelderig bos, met alles wat je wilt: rulle paden, hoge stammen van gevarieerde makelij, met ruimte voor een schot licht over gekapt hout, varens en gebosbes. Daarom is het even schrikken op de top van een `heuvel', waar één enorme eikenboom verdwaasd tegen de wind vecht in een landschap van stronken en stompen. Staatsbosbeheer laat per informatiebord weten bezig te zijn met het herstel van de oorspronkelijke bosaanplant. Iets in wielvorm met de paden als spaken. Vandaar dat de boel is omgehakt. Bij nadere beschouwing doen inderdaad rijtjes iele boompjes hun best, maar hoe lang moeten die groeien voor de boel wat minder troosteloos is?

Afdalend vluchten we terug het bos in. De wind dwingt de wolken van elkaar. De toppen van de bomen worden aangestipt met koudvuur, verderop tijgert het zonlicht over een stukje purperbruine heide. Via een planken zomerhuis met een hoopgevende Ford Cobra II in het zand ervoor (dreigend blikken cobraatje op de grill), dwingt de route ons de `burbs' van Veenendaal in. Er volgt een kilometer wandelcorvee langs huizen, steevast met symmetrisch op de vensterbanken opgestelde, bleke sierbloempotten. Een wilde muis steekt de straat over, de rest van de levende have bestaat hier uit laagpotig hobbyvee.

Verlossing volgt na de A12, op de veldwegen door het weideland. Vooral het lange `Dijkje' is een juweel, omgord door stevige bomen, met een soundtrack van een loeiende wind en het geraas van het spoor. Een vrouw te paard passeert ons in stap en draaft verder, richting Kasteel Renswoude. Sta, zit, sta, zit. Laarzen tot de knie, rechte rug, ferme groet. Man staat even in vuur en vlam.

16 km. Kaarten 13, 14, 15 uit Utrechtpad, uitg.

NIVON, Amsterdam, 2003. Eind- en beginpunt van de route worden verbonden middels bus 80 (Renswoude, halte Kerkstraat) en, na overstap in Veenendaal (halte Centrum), bus 51 (Amerongen, halte Amerongseberg).

Inl. tijden: www.9292.nl of tel. 0900 9292.

Tel. taxi 0900 8895 of 0900 2000 150.

    • Joyce Roodnat