Een speciale brouwerij met speciale bieren

Nederland telt eindeloos veel subsidieregelingen, fondsen en potjes ter ondersteuning van bijzondere projecten. Vandaag: Start Foundation steunt een brouwerij.

Johnny Jordaan, Willy Alberti, Heintje en André Hazes zijn de helden van brouwerij De Prael. Oude lp-hoezen en affiches van de kampioenen van het levenslied sieren de muur van de kantine-annex-proeflokaal op het bedrijventerrein in Amsterdam-Sloterdijk. De zeven soorten bier die in de kleine brouwerij worden geproduceerd – blond, tripel, Duits tarwe en vier seizoensbieren – dragen de namen van de volkszangers. ,,Omdat we dol zijn op smartlappen'', vertelt bedrijfsleider Arno Kooy.

De Prael is niet zomaar een brouwerij: het bedrijf draait op 35 werknemers die kampen met schizofrenie of een andere psychiatrische handicap. Het merendeel is nog onder behandeling, maar woont wel zelfstandig. Drie personeelsleden zijn in loondienst van de sociale werkplaats en gedetacheerd bij De Prael. De rest heeft met behoud van uitkering via diverse GGZ-instellingen een reïntegratieplek gekregen bij de brouwerij. En het werkt, vertelt Kooy. ,,Extern onderzoek naar het social return on investment van dit experiment heeft uitgewezen dat we per jaar 7.000 euro per werknemer besparen op opnamekosten, medicijnen, activiteitenbegeleiding en overlast.''

Dat wil niet zeggen dat alles zonder slag of stoot gaat bij De Prael. ,,Het blijft een kwetsbare groep'', volgens Kooy. ,,Dat maakt de bedrijfsvoering lastig. Een deel van de werknemers werkt zelfstandig en neemt zelfs een stuk begeleiding over, maar de meesten moet je regelmatig aan het werk zetten. Dat gebrek aan initiatief hoort enigszins bij het ziektebeeld.''

Arno Kooy, nog altijd in dienst als arbeidsbegeleider bij GGZ Buiten-Amstel, zette De Prael op in 2001, samen met vriend Fer Kok en met behulp van adviesbureau De Omslag en de GGZ Buiten-Amstel. ,,Ik had bij de GGZ als taak om stage- en vrijwilligersplaatsen te zoeken voor psychiatrisch zieken. Maar dat liep heel vaak stuk op de begeleiding. Deze werknemers kunnen niet lang werken, kunnen zich moeilijk concentreren en hebben overzichtelijk werk nodig.'' Omdat hij en Kok amateur-brouwers waren en wel eens filosofeerden over een eigen brouwerij, stelden ze een bedrijfsplan op en legden dat voor aan de gemeente en aan diverse fondsen.

Met zo'n twee ton (in guldens) aan investeringssubsidie van het SKAN-fonds (voorheen Stichting Katholieke Noden), de VSB, Schiphol en de deelraden Oud-Zuid en Zuider-Amstel gingen Kok en Kooy aan de slag in een voormalige textielgroothandel annex illegaal naaiatelier in Amsterdam-Zuidwest. Alles werd tweedehands aangeschaft. Een machinefabriek die melkketels maakt voor de zuivelindustrie vervaardigde uit gebruikte onderdelen een brouwinstallatie. Bij een bakkerij werd een schrootmolen op de kop getikt om graan te pletten en de bar voor het proeflokaal werd uit een failliet café gesloopt. Dit jaar gaven alle fondsen opnieuw een bijdrage.

Ook Start Foundation, de stichting die de opbrengsten van de verkoop van uitzendbureau Start aan United Services Group beheert en het rendement uitkeert aan goede doelen, investeerde 62.000 gulden (ruim 28.000 euro) in De Prael. Dit jaar volgde een tweede (en laatste) bijdrage van 63.000 euro voor uitbreiding van de productielijn en het bijspijkeren van commerciële vaardigheden. ,,We hebben gekozen voor de brouwerij, omdat we vernieuwende projecten willen steunen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt'', licht André Hendriksen, projectadviseur van Start Foundation, toe. Het fonds keert jaarlijks zo'n 2 miljoen euro uit aan enkele tientallen doelen. ,,De combinatie van sociale werkgelegenheid en bedrijfsvoering sprak ons aan.'' De stichting verwacht wel een rapportage en nam het initiatief tot het onderzoek naar social return on investment.

Het aanboren van nieuwe geldstromen is een belangrijke zorg voor Arno Kooy van De Prael. ,,Als er niks misgaat, speelt de brouwerij quitte. We kunnen de exploitatie uit de omzet betalen.'' Die bedroeg dit jaar 180.000 euro: 60.000 euro uit de verkoop van bier en 120.000 euro uit geld dat onder meer GGZ Buiten-Amstel betaalt voor de reïntegratieplekken. ,,De bijdrage van de GGZ wordt niet hoger,'' volgens Kooy, ,,want we kunnen maximaal 35 werknemers aannemen.'' En dus moet er meer geld komen uit de bierverkoop. Kooy: ,,We hebben nu zo'n vijftien bierwinkels en cafés waar ons bier wordt verkocht. Maar de markt voor speciaalbieren is lastig: er is veel aanbod en de merkentrouw is laag.'' Desondanks hoopt Kooy dit jaar op 10 procent winst. Zijn hoop is onder meer gevestigd op speciale doelgroepen, zoals een rotaryclub die een eigen bier heeft gebrouwen en gekocht bij De Prael. Eén doel is volgens Kooy in elk geval bereikt: ,,Deze mensen zijn gelukkiger nu ze werken. Ze zijn daardoor minder eenzaam en maken een product waar ze trots op zijn.''

Dit is een serie over bijzondere fondsen, subsidies en potjes. Volgende week: geld voor een zieke kastanje.