Antiastmamatrassen

Matrashoezen die huisstofmijten weren zijn populair bij allergiepatiënten. Onderzoeken toonden de laatste jaren aan dat ze alleen bij huisstofmijtgevoelige astmapatiënten werken.

ASTMAPATIËNTEN die overgevoelig zijn voor huisstofmijten halen makkelijker adem als ze slapen op een matrashoes waar huisstofmijten zich niet in kunnen nestelen. De hoeveelheid huisstofmijten in hun bed vermindert door die hoezen met bijna 90 procent.

Onderzoek van de Universiteit van Maastricht waaruit dit blijkt, laat zien dat de matrashoes nuttig kan zijn, zij het voor een beperkte groep allergiepatiënten. De afgelopen jaren waren juist de twijfels toegenomen over het nut van de circa 250 euro kostende hoezen. Dat was op grond van onderzoek onder hooikoorts-, allergie- en astmapatiënten bij wie niet heel precies was vastgesteld of de huisstofmijt de oorzaak van de allergie was. Daar kwam uit dat een matrashoes geen zin heeft als hij in een huis wordt gebruikt dat verder niet allergeenvrij wordt gemaakt. In een allergeenvrij huis (gladde vloerbedekking, goed stofzuigen, gewassen gordijnen etc.) verbetert het slapen op een mijtvrije matrashoes de allergie niet meer.

vergoeding

De Gezondheidsraad bereidt een advies voor over het nut van matrashoezen. Valt dat negatief uit, dan staken ziektekostenverzekeraars waarschijnlijk de vergoeding van de hoezen. De Maastrichtse onderzoeksleider prof.dr. Onno van Schayck van het Maastrichtse onderzoeksinstituut Caphri (Care and Public Health Research Institute), is tegen overhaaste stappen. Van Schayck: ``Het risico is groot dat de zorgverzekeraars al eerder besluiten om de vergoeding voor de matrashoezen af te schaffen en die komt dan niet snel meer terug. Je moet echter goed weten wat je doet. Ik ben er een groot voorstander van de problemen bij allergie bij de bron aan te pakken: iemand die gevoelig is voor huisstofmijt moet dus speciaal beddengoed vergoed krijgen. Je moet iedere allergie specifiek aanpakken. Bij huisdierallergie moet je dat probleem aanpakken. En een astmapatiënt die zijn medicijnen niet goed inneemt, moet je goed voorlichten. Je moet inzoomen op de behoeften van de patiënt zelf. Ik ben niet tegen medicijnen bij astma – die kunnen de meeste patiënten niet missen – maar preventieve maatregelen kunnen wel degelijk zinvol zijn.''

longfunctie

De Maastrichtse onderzoekers verdeelden 52 astmapatiënten die in hun bloed antilichamen bezaten tegen huisstofmijt en dus bewezen overgevoelig waren voor deze beestjes, in twee groepen. De ene helft kreeg matrashoezen, kussenhoezen en dekbedovertrekken die ondoorlaatbaar waren voor huisstofmijt, en de andere helft (de placebogroep) kreeg beddengoed dat er hetzelfde uitzag maar wel doorlaatbaar was. Alle patiënten moesten dagelijks hun longfunctie bepalen met een peakflowmeter. Ook de hoeveelheid huisstofmijt in het matrasstof werd gemeten (Journal of Allergy and Clinical Immunology, oktober 2004).

Na negen weken was niet alleen de hoeveelheid huisstofmijt sterk afgenomen (87% minder dan bij de patiënten met de doorlaatbare placebo-hoezen) maar ook de longfunctie was bij de behandelde groep patiënten verbeterd met gemiddeld zo'n 5%. Dat klinkt niet opzienbarend maar het is vergelijkbaar met het effect van medicijnen op de lange termijn. Van Schayck: ``We hoorden steeds vaker dat hoezen gewoon niet werken. Maar ik vind het doodzonde om astmapatiënten op hoge doses medicijnen te zetten terwijl de blootstelling aan allergenen gewoon doorgaat. Dat is dweilen met de kraan open. Wij wilden bewijzen dat hoezen wel degelijk helpen bij een heel specifieke groep, die waarvan je zeker weet dat huisstofmijt de belangrijkste veroorzaker is van de luchtwegontstekingen.''

Het Maastrichtse resultaat is in tegenspraak met een Nederlands onderzoek uit 2003 onder leiding van allergoloog dr. Roy Gerth van Wijk van het Erasmus Medisch Centrum (New England Journal of Medicine, 17 juli 2003). Zijn conclusie was dat een ondoordringbare matrashoes weliswaar de blootstelling aan huisstofmijt vermindert maar dat allergische klachten niet afnemen. En ook in een gelijktijdig gepubliceerd Engels onderzoek van Woodcock was er geen enkel effect. Toch erkent dr. Gerth van Wijk dat het Maastrichtse resultaat best juist kan zijn: ``Ons doel was om het nut van matrashoezen te bepalen bij een zo breed mogelijke groep patiënten, mensen met hooikoorts, met astma of met eczeem. Van Schayck heeft veel strikter alleen gekeken naar astmapatiënten met een bewezen blootstelling aan huisstofmijt.''

Gerth van Wijk wijst verder op een onlangs in het New England Journal of Medicine (9 sept) gepubliceerd onderzoek van Morgan dat in dezelfde richting wijst als dat van Van Schayck: ``Morgan heeft bij een grote groep Amerikaanse kinderen met astma gekeken naar het nut van saneringsmaatregelen maar dan toegespitst op het allergische profiel van het kind, zoals matrashoezen bij allergie voor huisstofmijt, speciale HEPA-luchtfilters (HEPA staat voor High Efficiency Particulate Arrestance) bij allergie voor huisdieren en bestrijdingsmiddelen bij kakkerlakkenallergie. En daarbij zag hij wel degelijk heel duidelijk resultaat. Er zit misschien toch meer perspectief in saneringsmaatregelen dan eerder leek maar dan in het kader van een veel bredere aanpak.'' Gerth van Wijk adviseert zelf nog steeds matrashoezen bij allergie voor huisstofmijt, maar dan in combinatie met zeil op de slaapkamervloer; en de knuffels van astmatische kinderen moeten regelmatig in de vriezer.

experiment

Het Maastrichtse onderzoek duurde veel korter dan dat van Gerth van Wijk en Woodcock, negen weken vergeleken met een jaar. Dat maakt de resultaten moeilijk vergelijkbaar. Volgens Van Schayck was het korte onderzoek een bewuste keuze: ``Wij wilden snel en eenvoudig aantonen dat die hoezen wel degelijk nut hebben en dat hebben we bereikt met een kort experiment bij een kleine groep patiënten. We doen nu hetzelfde onderzoek nog eens over maar dan bij een veel grotere groep van 250 streng geselecteerde astmapatiënten die allemaal bewezen overgevoelig zijn voor huismijt. De helft daarvan krijgt een echt ondoordringbare hoes en de andere helft een placebohoes. Allebei de groepen zijn getraind in zelfbehandeling met corticosteroïden. Het doel is om te bewijzen dat de ene groep minder van die medicijnen nodig heeft dan de andere.''