Verzekeraars: versnelde verklaring van overlijden

Nabestaanden van vermisten moeten formeel rekenen op minimaal een jaar voordat hun levensverzekeraar geld uitkeert.

Maar de verzekeraars hebben naar aanleiding van de natuurramp in Azië intussen bij het ministerie van Justitie schriftelijk ,,navraag'' gedaan of de wettelijke procedure kan worden versneld. Dat zei vanmorgen een woordvoerder van de Bond van Verzekeraars.

Het staat individuele verzekeringsmaatschappijen vrij om nabestaanden alvast een voorschot op nabestaandenpensioen of levensverzekering te geven. Verzekeringsmaatschappij Aegon bevestigt dat. ,,Een vliegticket of bewijs van reservering is voor ons al voldoende'', zei vanmorgen een woordvoerder. Zodra de `verklaring van overlijden' door de rechtbank is afgegeven wordt volgens Aegon de zaak definitief met de nabestaanden verrekend.

Banken gaan van geval tot geval te werk. ,,Het komt neer op maatwerk en zorgvuldig overleg met de familie'', zegt een woordvoerster van de ING Bank. Van aanvragen om rekeningen te blokkeren teneinde misbruik te voorkomen, zoals volgens haar in Zweden al is gebeurd, zijn bij de ING nog geen gevallen bekend.

In het Burgerlijk Wetboek staan overigens regels waaraan banken zich in het geval van overlijden van cliënten moeten houden. Volgens een woordvoerster van de Vereniging van Banken gaat het daarbij om zaken als zaakwaarnemer, het tekenen van een verklaring, aanvaarding daarvan door de bank.

Tot 2002 gold in Nederland bij vermissing een periode van vijf jaar voordat de rechtbank de verklaring van overlijden afgaf. Dat is in het geval van `dood is onzeker' ook nu nog het geval. Bij `dood is waarschijnlijk', waarbij een getuigenverklaring van derden de doorslag kan geven, is sindsdien de wettelijke termijn verkort tot één jaar. Volgens een woordvoerster van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie wil dat in dat geval zeggen dat de nabestaanden één jaar moeten wachten alvorens zij een `verklaring van overlijden' kunnen aanvragen bij de rechtbank in het arrondissement waar de vermiste woont. De behandeling daarvan duurt zo'n drie maanden.

In geval van `dood is zeker', de derde van de drie wettelijke mogelijkheden, is overigens de Haagse rechtbank daartoe als enige rechtbank in Nederland exclusief bevoegd. Deze mogelijkheid bij vermissing is sinds de vliegramp in 1978 op Tenerife bij wet ingesteld. Hierbij kunnen nabestaanden meteen bij de rechtbank een verklaring van overlijden aanvragen.

Justitie vindt het niet nodig om de procedure opnieuw aan te passen, al ,,bestuderen wij het verzoek van de verzekeraars [om de procedure te versnellen] nog nauwkeurig''. Volgens het ministerie geeft de overheid met brochures en websites aan nabestaanden met vermiste verwanten ,,voldoende voorlichting over wat men moet doen bij vermissing''.

Voor een werkgever bestaat er in het geval van een vermiste werknemer geen wettelijke regeling over wat te doen. Dat wil zeggen: ,,Juridisch valt men terug op het `goede werkgeverschap' uit het Burgerlijk Wetboek'', zei een woordvoerder van ondernemingsorganisatie VNO-NCW. ,,Een werkgever zal naar bevind van zaken handelen.''