Olieprijs met 4 pct omhoog na aanslagen

De olieprijs heeft een turbulente start van het jaar gehad. De onrust in Irak en een productieverlaging van Saoedi-Arabië zorgden gisteren voor een prijsstijging van 4 procent. Vanmorgen daalde de olieprijs weer.

De moord op de gouverneur van Bagdad had een directe impact op de olieprijs. De aanslag heeft de vrees doen toenemen over het doorgaan van de verkiezingen in Irak en de toekomstige olieproductie van het land. Deze productie is de laatste maanden al gedaald door aanslagen op pijpleidingen. Ook gisteren werd een leiding opgeblazen, dit keer op 75 kilometer ten zuiden van Bagdad, nabij een elektriciteitscentrale.

Behalve de onrust in Irak zorgde een productiedaling in Saoedi-Arabië voor de prijsstijging. De vermindering van 500.000 vaten per dag was verwacht en in overeenkomst met afspraken die olie-kartel OPEC vorig jaar maakte, maar deed toch kortstondig de vrees voor tekorten weer toenemen.

In een reactie steeg de Amerikaanse olie West-Texas Intermediate (WTI) met 4 procent, ofwel 1,79 dollar, tot 43,91 dollar per vat. De WTI daalde vanmorgen weer met 24 cent. De prijs van Brent steeg gisteren met 58 cent naar 41,07 dollar om vanmorgen weer 28 cent prijs te geven.

WTI was het jaar maandag begonnen met een daling van 1,33 dollar. Volgens sommige analisten werd deze veroorzaakt door het milde winterweer in het dichtbevolkte – en dus veel olie consumerende – noordoosten van de Verenigde Staten. Of deze redenering klopt is onduidelijk. De Amerikaanse weervoorspellers van Meteorlogix verwachten dat de temperaturen de komende weken over het algemeen boven de gemiddelde temperatuur voor januari zullen liggen, maar bijvoorbeeld eind deze week zal het weer in het noordoosten juist weer slechter zijn dan normaal.

Gisteren werd bekend dat de Russische regering goedkeuring heeft verleend voor de bouw van een pijpleiding die de export van olie naar Japan mogelijk moet maken. De ruim 4.000 kilometer lange leiding vanuit Oost-Siberië naar de regio Primorsk aan de Japanse Zee vergt 15 tot 18 miljard dollar (11,3 tot 13,6 miljard euro) aan investeringen.

Het project is toegewezen aan staatsbedrijf Transneft dat uiteindelijk 1,6 miljoen vaten olie per dag door de buis wil laten stromen. Volgens analisten echter is het de vraag of er voldoende olie in Siberië wordt opgepompt om de capaciteit van de pijp volledig te gebruiken.