Vijand

Plotseling vroeg ik me af waar het woord 'vijand' vandaan komt. Dat woord kom je de laatste tijd namelijk nogal eens tegen. Ik heb het even voor u opgezocht. Het komt van het Gothische werkwoord fijan, dat 'haten' betekent. In de Tweede Wereldoorlog waren de Duitsers de vijand, in de Koude Oorlog de Russen. De Duitsers kwamen akelig dichtbij, maar de herinnering daaraan is verbleekt en de meeste Nederlanders zijn inmiddels na de oorlog geboren. De Russen bleven

veilig opgeborgen achter hun IJzeren Gordijn. Ze leverden voornamelijk stof voor James Bondfilms en spionageromans, en in Kuifje spraken besnorde bandieten altijd met een Russisch-rollende-r. Hun dreiging was abstract en werd doorgaans uitgedrukt in aantallen kernkoppen. Griezelig genoeg, maar onze haat richtte zich in die dagen veeleer tegen de kernkoppen van eigen bodem dan tegen die van de vijand. 'Liever een Rus in de keuken dan een raket in de tuin', was de leuze waarmee hele volksmassa's te hoop liepen tegen de plaatsing van de SS-20's in Nederland. Ludiek.

Maar vandaag de dag klinkt het woord 'vijand' opeens veel grimmiger. De fundamentalist is namelijk zo maar in levenden lijve in onze keuken opgedoken en dat is een stuk minder ludiek. Onmiddellijk werd op de opiniepagina's in kranten en in discussieprogramma's op tv teruggegrepen op de Tweede Wereldoorlog. 'Wie durft bij wie onder te duiken' lijkt soms wel een nationaal gezelschapsspel geworden.

Ik ben van na de oorlog, dus ik ben goddank nooit getest op moed. Als student van 25 heb ik ooit een jaar bij de toenmalige vijand gewoond, in het communistische Leningrad. Dat was een zeer interessante ervaring, maar voor mij als buitenlander natuurlijk totaal ongevaarlijk. Toch was ik zeer gevoelig voor die sfeer van onderhuidse dreiging. In die totalitaire samenleving kozen sommige mensen voor het verzet, terwijl ze donders goed wisten wat de consequenties daarvan konden zijn. Toen is me wel iets opgevallen. Het waren meestal niet de mensen met de grootste mond die de diepste indruk maakten.