Juichen als stil protest

Socrates schitterde op het WK van 1982. Maar de Braziliaan is altijd meer dan een voetbalster geweest. Zijn hele leven strijdt hij al voor sociale rechtvaardigheid.

Het nietige Garforth Town, in het onherbergzame hoge noorden van Engeland, ontving vorige maand voor het eerst in zijn historie tweeduizend fans. Om precies tien minuten de 50-jarige Socrates te bewonderen. Het viel niet mee, bekende de oude voetbalster, die bij wijze van stunt door eigenaar Clifford naar de club was gehaald. De Braziliaan beleeft een koude Britse kerst, maar hoort eigenlijk de voetbalbond van zijn land uit het slop te halen. Aan de zijde van president Lula, destijds zijn strijdmakker voor sociale rechtvaardigheid.

Socrates omhelst het emancipatiegeloof van Gilberto Freyre, de Braziliaanse socioloog van de armen. Die droomde van een welvarend land en bewierookte al in de jaren vijftig het Braziliaanse voetbal om zijn dionysisch niveau. Naar Dionysus, god van de geestdrift en vervoering: `Het gekleurde voetbal openbaart flexibiliteit en genot, verrassing en zwier. De dans op het veld bezorgt de mensen ontroering en vreugde in het leven. Voetbal helpt de ketens van de slavernij te verbreken.'

Socrates pookt de strijd aan tegen de schier onuitroeibare corruptie in het Braziliaanse voetbal. Hij bedacht hervormingsplannen, die zowel de `verblanking' moeten tegengaan als het onderwijs de hoogste prioriteit geeft: kinderen in het voetbal moeten pedagogisch en sportief worden bijgeschoold.

Op het WK van 1982 zoemden de superlatieven rond het sambaspel. Brazilië waande zich al wereldkampioen. De wervelende balcirculatie dreef op de dialogen van voetbalfilosoof Socrates. Eén keer raken, futebol arte. Tot de Italiaan Paolo Rossi toesloeg en Brazilië elimineerde. Zelden heeft een team het WK zo gedomineerd als Socrates' seleçao. De ontgoocheling verteert nimmer.

Met Socrates, geroepen om de scepter over het wereldvoetbal te zwaaien, komt het niet echt meer goed. Wél deelstaattitels met Corinthians, maar geen nationale Braziliaanse triomf. Nooit uitverkoren door de FIFA tot beste wereldspeler. Toch blijft Socrates één van de markantste voetballers uit de voorbije eeuw. Hij voerde zijn hele leven sociale strijd en vertaalde de politiek naar het voetbal, altijd in het gezelschap van zijn boezemvriend Luiz Inacio da Silva, bijgenaamd Lula.

Brazileiro Sampaio de Souza Viera de Oliveira werd geboren op 19 februari 1954. Zijn vader liet zich verleiden door de Griekse Oudheid en noemde zijn zoon Socrates. De latere topspeler ontdekte bij zijn illustere naamgenoot de belangrijkste levensles: de gedachten zijn vrij. Hij tartte, net als de levenskunstenaar uit de vierde eeuw, met genoegen de macho's van de macht. Socrates studeerde geneeskunde, de universiteit doceerde het verzet tegen de militaire dictatuur. Hij spiegelde zich tot in zijn uiterlijk aan zijn vrijheidsheld Che Guevara, donkere krullen en gerimpelde baard. Hij koos voor de Braziliaanse linkerzijde van Lula.

De charismatische vakbondsleider, in 2002 verkozen tot president, stimuleerde met zijn arbeiderspartij de strijd voor mensenrechten en tegen schrijnende armoede. Socrates bleef als voetballer zijn jeugdige standpunten trouw. Als hij had gescoord, toonde hij een gebalde vuist: `Mijn juichen was een stil protest tegen de honger in mijn land, tegen het imperialisme, tegen rechts', vertelde hij in 1998 aan Vrij Nederland.

Bij Corinthians uit Sao Paulo, de arbeidersclub met de grootste supportersschare van het land, ondernam hij in 1979 een grensverleggend initiatief. Hij stichtte de spelersbeweging Corinthians Democracia. De spelers kozen zelf voor hun levensstijl en beslisten samen over zowel de dagelijkse dingen als de ernstige zaken. Corinthians Democracia klopte op de tafel voor spelersrechten. In 1982 won Corinthians de titel van de staat Sao Paulo met op de achterkant van het shirt `Democracia!' Eerder speelden Socrates en zijn vrienden met de dwingende oproep `Ga Stemmen' op de rug. Voor 100.000 fans toonden opposanten van het regime de eerste banier die amnestie eiste voor politieke gevangen. In 1982 werd via beperkte verkiezingen een stap gezet naar afschaffing van de gehate dictatuur. Socrates noemt deze tijd `de beste van zijn leven', in het boek Futebol van de Brit Alex Bellos: `Ik weet dat het voor de andere spelers ook zo was.'

Socrates en Corinthians Democracia werden een referentiepunt in de verkiezingen. Socrates voerde het woord op bijeenkomsten voor anderhalf miljoen mensen. Toen kruiste zijn weg die van Lula, zelf sinds zijn jeugd een fan van de meest volkse voetbaltempel van het land. Van Corinthians loopt schijnbaar een natuurlijke lijn naar de Partido dos Trabalhadores, Braziliës massieve arbeiderspartij.

Naast Lula bekennen ook de twee andere leiders van de PT zich tot het geloof in de club. Het verhinderde niet dat het huidige bestuur van Corinthians evengoed tot de zogenaamde cartolas behoort: corrupte toplui die het voetbal financieel leegzogen en naar de rand van de afgrond brachten. President Lula bestreed hen na zijn verkiezingszege met zijn eerste nieuwe wet voor `Ethiek in de Sport' en het unieke `fanstatuut', een democratisch controlerecht binnen de club voor de miljoenen Braziliaanse supporters. De officiële voetbalwereld keerde zich tegen Lula, maar hervormingsgezinde krachten binnen het bestuur van Corinthians steunden de nieuwe richtlijn.

Socrates knikte goedkeurend. Hij voetbalde zijn hele leven op het ritme van het tropicalisme. Met deze muzikale genotsmix klonk geestesgenoot Gilberto Gil in de jaren zeventig bossa nova, jazz, samba en rock aan elkaar. Als aanklacht tegen de politieke censuur. Socrates sloot er zich graag bij aan.

Wanneer verliest president Lula zijn schaamte – de vriendschap met Socrates was te nauw om hem in 2002 te benoemen tot minister van Sport – en roept hij hem terug om de Augiasstal van de cartolas op te kuisen? En het Braziliaanse voetbal zijn noodzakelijke omwenteling te geven? De dansende dokter tegen de dictatuur kan zijn ongeduld amper bedwingen.