'De nacht maakt de stad abstracter.'

De videokunst van de Albaniër Anri Sala bezit een bijna magische kracht. Hij wil geen verhaaltjes vertellen, maar is op zoek naar het beeld achter het beeld.

In een kubusachtige kast doemt een paard op, voor een vangrail. 'Kijk maar even, het duurt vijf minuten', zegt Anri Sala en beent weg om zijn zoveelste telefoontje te plegen. Het paard op de vluchtstrook beweegt een beetje, schudt zijn hoofd en vervaagt langzaam. Dan gloeien lampen op in het duister, het geblaf van honden zwelt aan en het paard wordt weer scherp, kort voordat een vrachtauto langs rijdt met angstaanjagend veel herrie.

In het Berlijnse appartement van videokunstenaar Sala is het tijdens de vertoning even donker als de snelweg waar het paard bivakkeert. Buiten het appartement rijden auto's dicht langs de betonnen gebouwen aan de brede allee in Berlijn. Ze lijken door te razen langs het paard, dat beurtelings vervaagt en helder wordt op het scherm. Als Time after Time is afgelopen, dringt een enorm suffe vraag zich op: hoe heeft Sala dat paard op de snelweg gekregen?

'Daar geef ik geen antwoord op', zegt Sala verontschuldigend. 'Dan vul ik te veel zelf in. Een Australiër komt uit een land met een sterke paardencultuur; hij denkt mogelijk: 'Dat is een getraind paard.' Een Roemeen denkt misschien aan een paard dat is mishandeld door een zigeuner - heeft misschien dus een racistische interpretatie. Het doet er ook niet toe waar de film is opgenomen. Ik wil dat iedere kijker zelf interpreteert.'

De videokunst van Anri Sala (30) bezit inderdaad een bijna magische kracht. Zijn beelden en geluiden geven niet alleen een sterk zintuiglijke ervaring, maar brengen ook een stroom van gedachten op gang over hoe de wereld in elkaar steekt. De 'kwetsbaarheid van de moderne samenleving' zag een criticus in Time after Time. En de krabben die in Ghost Games worden opgejaagd met lichtbundels uit lantaarns worden wel gezien als de vluchtelingen in de wereld.

Sala heeft in korte tijd erkenning gekregen. Op de Biennale van Venetië trok hij veel aandacht met een video over een man die in een kathedraal in slaap sukkelt. Op het Internationaal Filmfestival Rotterdam, dat eind januari begint, is Sala artist in focus. Sala reist veel. Hij is net terug uit Londen.

Hoewel Sala zijn films bij vertoning niet uitlegt, wil hij zijn werkwijze en drijfveren wel uitgebreid toelichten. De kleine, tengere man in donkere vrijetijdskleding praat zelfverzekerd en geconcentreerd. Opvallend vaak spreekt hij daarbij misprijzend over 'mooie beelden' of 'alleen maar esthetiek'. Koestert hij een wantrouwen tegen beelden? 'Ja, tenminste, ik wantrouw beelden die al een functie hebben - op reclamezuilen, verkeersborden of wat ook. Ik zoek altijd het beeld achter het bestaande beeld en dat vind ik vaak in dingen die niet meer werken. Het feit dat iets niet meer voldoet aan zijn oorspronkelijke functie, betekent niet dat het waardeloos is. Integendeel.'

Seinlicht

Sala noemt zijn laatste werk, Three minutes, een filmpje van - inderdaad - drie minuten. 'Neem een kapot seinlicht. Voor een spoorwegovergang heb je er niets meer aan, maar ik heb het seinlicht uitgekleed, bewerkt en tot een soort symbool gemaakt.' Sala wijst op het computerscherm, waarop een still uit de film is te zien. In het beeld valt een oranje glaasje van een verkeerslicht te herkennen, maar eigenlijk doet het vooral denken aan een soort gloeiende planeet in een duister heelal. In de film Lakkat liet Sala drie kinderen eindeloos woorden zeggen uit het Wolof, een lokale taal in Senegal - woorden voor alle schakeringen tussen licht/wit en donker/ zwart. 'Het Wolof kent heel veel nuanceringen voor grijs en schemering, maar geen woorden meer voor andere kleuren zoals blauw, geel en rood', vertelt Sala. Die Wolof-woorden woorden zijn vervangen door Franse, waarschijnlijk in de koloniale tijd.

'Achter woorden en beelden zit een betekenis, politiek, sociaal, cultureel of wat ook.' Deze zoektocht in de verborgen werkelijkheid geeft de videokunst van Sala de diepgang, die hem in korte tijd zo gewaardeerd heeft gemaakt. Maar hij waarschuwt: 'Ik ben geen maker van documentaires, geen verhalenverteller.' Nadrukkelijk zegt hij: 'Ik wil dus ook geen verhaaltjes vertellen over Albanië, die interessant zijn voor het buitenland.'

In Albanië, waar Anri Sala in 1974 werd geboren, stortte het communistische regime pas laat in de jaren negentig in. Tijdens de omwenteling zat Sala in zijn geboortestad Tirana op de kunstacademie, waar hij leerde schilderen volgens de sociaal-realistische Russische school. 'Toen de vrijheid kwam, stortte iedereen zich op expressionisme, surrealisme en allerlei andere lang verboden stijlen', vertelt Sala. Hij bleef zich toeleggen op het schilderen van fresco's. 'Dat gaat heel langzaam. Een muur kost me een maand. Het trage tempo gaf me de gelegenheid om rustig na te denken over alle snelle veranderingen', zegt Sala.

Sala verruilde Tirana in 1996 voor Parijs, waar hij op de kunstacademie filmpjes begon te maken. 'Ik was toe aan een snel medium om te reflecteren op de veranderingen.' Van fresco's naar videokunst, is dat niet een grote sprong? 'Helemaal niet', bezweert hij. 'Bij fresco's maak je geen bewegingen met de kwast, je laat de kleur als het ware opkomen in de kalklaag. Bij video's kijk ik alleen wat er te zien is op het beeld dat ik heb gefilmd - en beslis dan bij het monteren wat ik er in laat of uithaal. Ik houd niet van de fysieke gebaren van het schilderen en niet van de trucs die je in videoclips bijvoorbeeld ziet - ook een soort gebaren.'

Natuurlijk bewerkt Sala wel eens een beeld, zegt hij. 'In Time after Time is het paard een groot deel van de tijd onscherp en komt het pas weer scherp in beeld als de lampen opgloeien. Maar als ik gebaren maak, moeten het onbekende gebaren zijn. Zichtbare gebaren drukken namelijk uit: dit ben ik! Ik wil dat niet. Het gaat erom wat je zichtbaar maakt.'

Doofstommen

Wat heeft Sala bijvoorbeeld zichtbaar gemaakt in Intervista, quelques mots pour le dire, de film waarmee hij zes jaar geleden doorbrak? In deze film vindt Sala in zijn ouderlijk huis een 16-mm-filmpje, waarop zijn eigen moeder wordt geïnterviewd tijdens een congres van de communistische jeugdbond in 1976. Alleen het geluid ontbreekt. 'Dát maakte het interessant, dat achter de beelden van mijn moeder iets verscholen moest zijn.' Sala gaat op zoek naar zijn moeders woorden, 'ook al waren die niet echt een geheim.'

Met behulp van doofstommen wist Sala de tekst van zijn moeder te reconstrueren - het te verwachten blabla over wereldvrede en imperialisme - en confronteerde haar met haar eigen woorden. Zijn moeder kon niet geloven dat ze dat gezegd had. 'Het was moeilijk om te doen. Het gesprek had plaats in de intimiteit van mijn ouderlijke woning en tegelijkertijd liet ik zoveel mensen meekijken. Het kon niet anders. Mijn moeder was niet trouwer aan de partij dan welke andere moeder ook, maar ik moest met háár praten - niet met de moeder van een vriend.'

Intervista is veelal geduid als een afrekening met het communistische verleden van Albanië, maar dat is volgens Sala veel te simpel gedacht. 'Interessant aan deze film is dat ik met behulp van doofstommen de woorden van mijn moeder kon reconstrueren. En dat mijn moeder niet kon geloven wat ze toen heeft gezegd.' Niet omdat haar teksten bol stonden van de communistische retoriek. 'Maar omdat het voor haar bijna geen Albanees leek. Ze was verbijsterd over de woordvolgorde in haar zinnen. Ik ontdekte dat de grammatica van een taal blijkbaar verandert als het politieke systeem verandert.'

Stalinistische woonblokken

De sporen van de communistische dictatuur zijn in Tirana het meest zichtbaar in de talloze stalinistische woonblokken. Burgemeester Edi Rama heeft twee jaar geleden tal van flatgebouwen laten beschilderen in heldere kleuren die grillige banen en vlakken vormen op de betonnen muren. Hij wilde 'de stad van de lotsbestemming veranderen in een stad van de keuze', zegt de burgemeester in Dammi i colori (Geef me de kleuren), de film die Sala in 2003 maakte over het grote schilderproject. De film toont opengebroken straten, waar zwerfhonden lopen tussen afval, brokken steen en pallets. Boven deze onbeschrijflijke rotzooi lichten de heldere kleuren van de gebouwen op.

Toen er één straat was beschilderd, liet Rama een opiniepeiling houden. 'Daarin werden de bevolking twee vragen gesteld. Allereerst: vindt u de kleuren mooi? Ten tweede: vindt u dat het schilderen moet doorgaan? Op de eerste vraag antwoordde 60 procent ja, op de tweede vraag antwoordde 90 procent ja. Dus 30 procent vond de kleuren niet mooi, maar vond wel dat het schilderen moest doorgaan. En daar begon mijn interesse! Dat betekent namelijk dat achter de kleuren iets schuil gaat dat betekenis heeft.'

Die betekenis ligt in de verhouding tussen de stad en zijn bewoners. 'De mensen in Tirana haten de stad, misbruiken de stad door hun afval op straat te gooien. Kleuren zijn de eenvoudigste manier om het contact tussen de mensen en de stad te herstellen. Natuurlijk, de straten moet worden gerepareerd, de riolen aangelegd, huizen opgeknapt, maar dat kost allemaal heel veel geld. Schilderen kost bijna niets.' Kleuren moeten de bewoners ook weer vertrouwen geven in de politiek na jaren van onderdrukking en corruptie. 'Het stadsbestuur behandelt de mensen die de politici hebben gekozen met respect door te schilderen.'

Dammi i colori zit vol beelden en geluiden die zich in je vasthaken. De schaduwen van de steigers glijden over de muren, waardoor je het gevoel krijgt dat de tijd verglijdt. 'Ik had een vrachtwagen met twee sterke lampen, die waren gericht op de gebouwen. De truck heb ik langzaam laten rijden en zo verschuift de schaduw. Dat maakt het gebouw levend, bijna een persoon', zegt Sala.

De stad zelf - 'niet speciaal Tirana' - is namelijk de hoofdpersoon. Daarom heeft Sala ook veel gefilmd bij nacht: 'Overdag zijn er veel mensen op straat, 's nachts is de stad leeg en krijgt zo meer nadruk. Bovendien maakt de nacht de stad abstracter, tilt hem naar een theoretisch niveau. Door 's nachts te filmen vergroot ik de onzekerheid of de stad nu wel of niet bestaat.'

Wie de film bekijkt, wordt zich extreem bewust van kleuren. Hé, daar is een kind dat zijn gezicht heeft beschilderd in felle kleuren. Sala zegt: 'Dat kind liep daar gewoon. Zoals er mensen huizen achter beschilderde gevels, zo schuilt er een mens achter een masker. Een betekenis achter een beeld.' M

Karel Berkhout en Sandra Smallenburg zijn kunstredacteur van NRC Handelsblad.

Hans den Hartog Jager is schrijver en beeldend kunstcriticus.

Vincent Mentzel is staffotograaf van NRC Handelsblad.