Bloot eigendom en uitkering

In 1991 lieten mijn broer en zus het huis van onze ouders op naam van de kinderen zetten om te voorkomen dat onze ouders het moesten opeten, wanneer zij naar een bejaardenhuis gaan. Inmiddels is dat wettelijk achterhaald, maar onze constructie bestaat nog. Ik zat toen in de lappenmand en deed niet actief mee. Er zouden geen gevolgen zijn voor mijn bijstandsuitkering. Maar in 2001 is de belastingwet veranderd en moeten de kinderen het huis opgeven aan de belasting en met terugwerkende kracht belasting betalen. Inmiddels moet ik rondkomen van een WAO-uitkering en heb ik na aftrek van de vaste lasten 150 euro per maand te besteden. Dus de 250 euro die ik moet terugbetalen, zijn een probleem. Mijn broer met een prima inkomen hoeft niets te betalen! De belastingdienst in mijn woonplaats schrijft: `omdat er door u geen vermogensbestanddelen in box 3 zijn aangegeven en de waarde in het economisch verkeer mogelijk niet al te hoog is, zie ik er om doelmatigheidsredenen van af om voor het belastingjaar 2001 een onderzoek in te stellen naar de waarde van het bloot eigendom. Bij de eerstvolgende aangifte dient uzelf een en ander aan te reiken.' Wat het pijnlijker maakt: wanneer mijn ouders overlijden en mijn huisdeel wordt uitgekeerd, dan moet ik dat opeten. Ik moet dus van een kleine uitkering betalen voor iets waar ik op de lange duur niks aan heb. Maar het verkopen van mijn deel aan mijn broer en zus schijnt gepaard te gaan met hoge successierechten. Ik word hier echt wanhopig van.

(A. de O.)

De kinderen hebben ieder eenderde deel van het bloot eigendom van het ouderlijk huis en de ouders het vruchtgebruik. Dat blote eigendom (minder dan de verkoopwaarde) is een vermogensdeel en valt als bezitting in box 3. Over het saldo van uw bezittingen en schulden in die box betaalt u 1,2 procent belasting. Een bedrag van 19.252 euro is daarvan in het algemeen vrijgesteld. Heeft u broer voldoende schulden in box 3, dan kan het zijn dat hij daardoor geen belasting betaalt in box 3. Uw blote vermogen kan uw WAO-uitkering niet belemmeren, wel mogelijk uw eventuele bijstanduitkering, zelfs met terugwerkende kracht. Dat kunt u navragen bij de sociale dienst. Na het overlijden van uw langstlevende ouder betaalt u alleen successierecht over eenderde deel van het vruchtgebruikdeel. Het blote eigendom is immers al uw eigendom. U kunt uw deel verkopen aan uw broer of zuster, wat niet leidt tot een aanslag successierecht. Qua vermogenstoets schiet u er mogelijk niets mee op. U zet stenen om in geld, wat ook box 3-vermogen is.