Hulp komt voor velen te laat, als ze al komt

De hulpoperatie voor de tsunami-slachtoffers wordt de grootste ooit. En toch, de tragische uitkomst is, als altijd, al bekend: voor velen komt de hulp te laat.

De Sri-Lankese visser Sini Mohammed Sarfudeen heeft het overleefd. Sinds zondagochtend, toen de tsunami even na negen uur lokale tijd in volle hevigheid op de oostkust van Sri Lanka beukte, dreef hij op zee, zich vastklampend aan zijn gekapseisde boot. Gisteren werd hij opgepikt door een legerhelikopter die op weg was voedsel te droppen in het overstroomde kustgebied.

Sarfudeens redding – hoewel: zijn lichamelijke conditie was uiterst precair – is een lichtpuntje in de race die hulpverleners in de getroffen Aziatische landen hebben ingezet, van Sri-Lankese soldaten tot buitenlands ambassadepersoneel in Thailand, en van Indiase dorpsbewoners tot medische teams van niet-gouvernementele organisaties in Atjeh. Nooit eerder is op een moment op zo'n grote schaal zoveel hulp van zoveel mensen voor zoveel slachtoffers nodig geweest. En de uitkomst staat eigenlijk al vast, zoals hulpcoördinator van de VN Jan Egeland gisteren vaststelde: ondanks alle goede intenties zal de hulp voor velen te laat komen.

Tijd is de cruciale factor, voor de overlevenden én voor de nabestaanden. Vanuit de hele wereld hebben forensische deskundigen zich naar Thaise toeristenoorden gehaast om te helpen bij de identificatie van de omgekomen buitenlandse vakantiegangers. Hulpverlening voor de overlevenden moet snel gebeuren, om hen in de eerste plaats te voorzien van schoon drinkwater, voedsel en medische behandeling. Ook is haast geboden bij het achterhalen van de namen van de doden. In de tropische temperaturen in een gebied zonder gekoelde mortuaria worden de lichamen snel onherkenbaar.

,,Dit is een verschrikkelijke uitdaging'', zegt Karl Kent, leider van een forensisch team van de Autralische federale politie, dat gisteren in Bangkok aankwam. ,,Je praat hier over een omvang (van de catastrofe) waarmee Australië en geen enkel ander land ooit is geconfronteerd.''

Op het strand van Khao Lak, een van de populairste vakantiebestemmingen in Thailand, zijn de afgelopen dagen meer dan 300 lichamen aangespoeld, en ze spoelen nog steeds aan. Niemand weet hoe lang het nog duurt voordat alle vermisten zijn getraceerd, als dat al mogelijk zal zijn. ,,Dit is een enorme operatie. Ik denk dat het wel weken kan duren'', zegt de Australische diplomaat Bill Patterson.

Niet zozeer het identificeren van de doden, maar het opruimen van de stoffelijke overschotten én het stroomlijnen van de hulp zodat de zwaarst getroffen gebieden worden bereikt, zijn het dringendste probleem in Sri Lanka, zegt Migel Bermeo, hoofd van de VN-operatie in Colombo. Regeringsfunctionaris Thilak Ranaviraj zegt bevreesd te zijn voor het uitbreken van ziektes. ,,Het allerbelangrijkste (voor de overlevenden) is de kwaliteit van het drinkwater.''

Op het vliegveld van Colombo zijn verbandmiddelen, antibiotica, tenten en dekens uit landen als India, Frankrijk en Rusland aangekomen en deze hulpgoederen worden inmiddels door het leger naar de zuidelijke en oostelijke kuststreken getransporteerd. Maar vooralsnog vormt de hulp een druppel op een gloeiende plaat, in een land waar naar schatting een miljoen mensen in een mum van tijd dakloos zijn geworden. Overal hebben overlevenden een heenkomen gezocht in tempels, moskeeën en kerken. ,,Zelfs de mensen die niet direct zijn getroffen door de vloedgolf, kunnen niet aan voedsel komen. Er is niets beschikbaar'', schetst pater Raja Perera van de Mariakerk in Galle.

Overal, van Sri Lanka tot de kustlijn van de Zuid-Indiase deelstaat Tamil Nadu, is het beeld hetzelfde: ontredderde dorpsbewoners en machteloze functionarissen die afhankelijk zijn van hulp van elders. Al zijn er ook uitzonderingen. In het toeristische zuidwesten van Sri Lanka hebben talrijke buitenlandse vakantiegangers na zondag besloten te blijven en te helpen hotels weer op te bouwen of schoon te maken.

[Vervolg HULPOPERATIE: pagina 5]

HULPOPERATIE

'Geen aalmoezen'

[vervolg van pagina 1]

Deze toeristen helpen ook mee om de plaatselijke bevolking te helpen, zei een medewerker van een van de hotels tegen het persbureau ANP. Maar volgens Mahesh Karanurathne, een toeristengids uit Kalutara, zijn er ook kleine groepen toeristen die hun vakantie voorzetten alsof er niks is gebeurd. ,,Er zijn hier Russische toeristen in een hotel die gewoon weer alle service eisen. En dat terwijl de gehele begane grond van het hotel is weggevaagd''. Wat in Thailand is onderbelicht, is het lot van de Thaise slachtoffers. In het vissersplaatsje Ban Nam Khem, in het uiterste zuiden, hebben de inwoners vastgesteld dat de tsunami hun kust niet heeft overgeslagen, maar de hulpverlening de afgelopen dagen wel. Volgens Sorawat Kraipao, manager van een visverwerkingsbedrijf, zijn veel bewoners verbitterd omdat ze zien dat de rijke buitenlandse toeristen wel de aandacht van de hulpverleners krijgen, die de arme vissers in hun midden ontberen.

Maar ook waar die aandacht wel wordt gegeven, gebeurt dat soms op zo'n manier dat de slachtoffers zich alleen maar méér vernederd voelen. ,,Wij mogen dan wel onze huizen hebben verloren, maar dit is zo vernederend'', zegt de 22-jarige Kayalvizhi uit de plaats Nagappattinam in de Indiase deelstaat Tamil Nadu. Ze wijst, met haar baby op haar arm, naar een hoopje kleren dat in de modder naast de weg is neergesmeten door regionale overheidsfunctionarissen die geen tijd hadden om te stoppen. ,,Allemaal gebruikte kleding. Het is al vernederend dat we die moeten dragen, maar ze verwachten ook nog eens dat wij ze maar van de weg oprapen,'' zegt ze boos.

Veel vluchtelingen in Nagappattinam voelen zich met Kayalvizhi beledigd door de bevoogdende houding van de autoriteiten. Wat voedsel en drinkwater hebben ze wel gekregen, knikken ze, maar verder niets. ,,Hoe lang kunnen we hier blijven zitten en om voedsel blijven bedelen. Het enige wat we willen, is terugkeren naar ons normale leven'', zegt de 30-jarige visser Valarmathi. ,,We willen niet van anderen afhankelijk zijn voor ons levensonderhoud. Geef ons een boot en we hoeven jullie aalmoezen niet.''

Deze wanhoop is ook de wanhoop van particuliere hulpverleners. Hulporganisaties in Tamil Nadu hebben niet de middelen en mankracht om doeltreffend te reageren. Daarbij komt dat de Indiase regering buitenlandse hulp tegenhoudt. ,,In vergelijking met de aardbeving in Gujarat (in 2001, met 20.000 doden) is deze ramp minder groot, en hebben we voldoende middelen om de situatie aan te kunnen'', zegt een functionaris in Delhi. Maar `Gujarat' heeft ook geleerd dat de toegezegde hulp veelal veel te laat komt, als ze al komt.

(Verslaggeving mede op basis van AP, Reuters, AFP)