Geen geld Akzo voor sanering

Het chemieconcern Akzo Nobel hoeft de sanering van grond die is verontreinigd met het landbouwgif HCH niet te betalen. Dit heeft het gerechtshof in Den Bosch bepaald.

De vervuilde grond, afkomstig van een fabrieksterrein van Akzo Nobel in Hengelo, is in de jaren vijftig en zestig op bijna driehonderd locaties in Twente gestort om putten op te vullen of percelen op te hogen. Het ministerie van VROM verwijt Akzo Nobel ernstige nalatigheid en wil dat het bedrijf de saneringskosten betaalt. Deze zijn opgelopen tot 27 miljoen euro. Volgens het gerechtshof in Den Bosch kan Akzo Nobel niet aansprakelijk worden gesteld omdat niet gebleken is dat het bedrijf ernstig verwijtbaar heeft gehandeld.

De Hoge Raad heeft in 2001 in een eerdere procedure al geoordeeld dat Akzo Nobel weliswaar verantwoordelijk is voor de vervuiling, maar dat het bedrijf niet met opzet of bewust roekeloos heeft gehandeld. Het ministerie van VROM denkt dit wel te kunnen bewijzen en heeft de zaak daarom opnieuw aanhangig gemaakt. Het ministerie, dat tegen de uitspraak van het gerechtshof in cassatie kan gaan bij de Hoge Raad, was niet bereikbaar voor commentaar. Het juridische geschil loopt al achttien jaar. Het ministerie ziet de HCH-zaak als een principekwestie, die gevolgen kan hebben voor toekomstige bodemsaneringen.

HCH (hexachloorcyclohexaan), werd gebruikt voor de productie van een insectendodend middel.