`Een ramp met catastrofale, zo niet bijbelse proporties'

De hulp voor de slachtoffers van de `tsunami' komt geleidelijk op gang. De Verenigde Naties spreken over de omvangrijkste hulpactie ooit. Grootste zorg: het gevaar van epidemieën.

Hulporganisaties vanuit de hele wereld spannen zich in om Zuidoost-Azië hulp te bieden. Nooit eerder, zeggen woordvoerders, heeft een ramp zich op deze deze schaal, in zo veel landen – zeker negen – en op twee continenten tegelijkertijd voorgedaan. Naast tienduizenden doden, worden er nog eens duizenden mensen vermist, miljoenen zijn dakloos geworden en het gevaar van besmettelijke ziekten dreigt.

Hulporganisaties spreken van de grootste, duurste en ingewikkeldste noodoperatie ooit. Alleen al de logistieke problemen, zoals bij de distributie van voedsel en medicijnen, vormen een reusachtige uitdaging. Het hoofd humanitaire zaken van de Verenigde Naties, Jan Egeland, sprak gisteren over de grootste hulpactie ooit, niet gelijkend op enige andere operatie die door de VN werd uitgevoerd. ,,Dit zou wel eens de ergste natuurramp in de recente geschiedenis kunnen zijn omdat er zo veel dichtbevolkte gebieden zijn getroffen'', zo zei hij tijdens een persconferentie in New York.

Egeland waarschuwde ervoor dat het weken kan duren voordat ,,de volledige omvang'' van de ramp bekend is. Veel gebieden – waaronder de ondergelopen Maldiven en Atjeh – zijn onbereikbaar voor hulpverleners. Ook telefoonverbindingen zijn onmogelijk. ,,Het is een ramp met catastrofale, zo niet bijbelse proporties'', zei gisteren Mike Kiernan van Save the Children in Londen tegen Britse journalisten. ,,Het doet je perplex staan. Tienduizenden hebben hun leven verloren en er zijn honderdduizenden die alles hebben verloren.''

De noodhulp zal in eerste instantie gaan naar de regio's die ,,zich het minst weten te redden'', zo zei Yvette Stevens van de VN-coördinatie voor humanitaire zaken, gisteren in Genève. Jamie McGoldrick, eveneens van de VN, zei dat eerst wordt uitgezocht in welke gebieden en waaraan precies gebrek is, zodat men de hulp kan concentreren op die plekken waar de nood het hoogst is. Ze noemden Sri Lanka en de Maldiven. Van bijvoorbeeld India verwachten de VN en het Internationale Rode Kruis dat het zijn eigen herstel in gang zet.

Verschillende organisaties waarschuwen dat het grootste gevaar nu schuilt in besmettelijke ziekten. ,,De grootste bedreiging voor de overlevenden is de verspreiding van infectieziekten door besmet drinkwater en rottende lichamen die achterblijven als het water zich terugtrekt'', aldus McGoldrick van de VN.

Ook de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) noemde het belangrijk snel waterzuiverings- en antimalariatabletten naar de zwaarst getroffen regio's te krijgen. ,,Als de waterzuiveringssystemen zijn vernietigd, zoals meestal bij dit soort rampen, is er een direct gevaar voor ziekten als diarree, tyfus en hepatitis-E'', zei Fadela Chaib van de WHO.

Het hoofd gezondheid van het Internationale Rode Kruis, Hakan Sandbladh, die eveneens waarschuwde voor de uitbraak van malaria en diarree, zei dat verschillende teams, die zijn gespecialiseerd in watervoorziening en gezondheidszorg, klaar staan om naar Zuidoost-Azië te gaan.

Ook andere organisaties zijn op weg naar de door de tsunami getroffen gebieden. Kleine teams van Artsen zonder Grenzen in India, Thailand en Maleisië inventariseren ter plekke de situatie. De organisatie bereidt een vlucht met 32 ton hulpgoederen voor, met onder meer generatoren, muskietennetten, een ziekenhuistent en medisch materiaal.

Andere hulporganisaties zijn door de vloedgolf zelf in de problemen gekomen: het kantoor van Oxfam in het Srilankaanse Trincomalee is verwoest, zo meldt de organisatie. VN-teams in Banda Atjeh en op Sumatra hebben zich nog niet gemeld ,,in het gunstigste geval omdat ze hun spullen, waaronder satelliettelefoons, hebben verloren'', aldus een VN-woordvoerder.

Vele landen hebben financiële hulp toegezegd. Verder trekt de Europese Unie 33 miljoen euro uit en stelt Australië 10 miljoen dollar beschikbaar. De VS hebben 15 miljoen dollar beloofd. Frankrijk en Rusland hebben hulpgoederen gestuurd. Japan zegde 23 miljoen euro toe. Nederland stelde eergisteren 2 miljoen euro beschikbaar aan het Nederlandse Rode Kruis.

VN-noodhulpcoördinator Egeland noemde gisteren de buitenlandse regeringen ,,gierig''. ,,Als de buitenlandse hulp van veel landen 0,1 of 0,2 procent van het inkomen per hoofd van de bevolking is, is dat gierig.'', meende de Noor. Hij waarschuwde voor het sturen van hulp ,,waar niemand om heeft gevraagd, zodat vliegvelden verstopt raken en de belangrijkste goederen – zoals zuiveringsinstallaties – vertraging oplopen.''

De eerste noodhulp kwam in veel landen gisteren op gang. Hulpverleners uit onder andere Groot-Brittannië, Frankrijk, Spanje, Zweden, Rusland, Denemarken, Griekenland en Italië zijn naar de getroffen gebieden vertrokken. Zes Amerikaanse C-130 vrachtvliegtuigen zijn vanochtend vertrokken naar Thailand, en twee schepen van de Amerikaanse marine hebben medische voorzieningen aan boord die ingezet kunnen worden. Japan stuurt drie marineschepen, die op terugreis waren vanuit het Midden-Oosten, naar Thailand.

(Mede op basis van AP, BBC en Reuters)