Waarschuw bij tsunami's

Natuurrampen krijgen veel internationale aandacht als er westerse slachtoffers bij zijn betrokken. Dat was het geval met de vloedgolf in de Indische Oceaan gisteren die aan de kusten van Indonesië, Thailand en Sri Lanka ook veel westerse toeristen trof, onder wie Nederlanders. Westerse overlevenden geven voor de media levendige beschrijvingen in het Engels van wat hun is overkomen en familieleden maken zich om begrijpelijke redenen ernstig zorgen over vermiste vakantiegangers. Daarmee vergeleken passeerde een vloedgolf in 1998 die in het slecht toegankelijke Papoea Nieuw Guinea duizenden slachtoffers maakte, geruisloos.

De huidige internationale bezorgdheid heeft hopelijk tot gevolg dat er eindelijk een internationaal waarschuwingssysteem in het leven wordt geroepen om de schade van tsunami's in de Indische Oceaan te beperken. Dat de inwoners van Sumatra door de vloedgolf werden verrast, was niet te voorkomen omdat de onderzeese aardbeving vlakbij dat eiland plaatsvond. Maar de inwoners van Indiase deelstaten, Sri Lanka of de Maldiven zouden enkele uren de tijd hebben gehad om naar hoger gelegen land te gaan. Gisteren speelden kinderen daar nog nietsvermoedend aan de kust, terwijl de golf allang onderweg was. Een enkele melding uit het getroffen Sumatra aan India en andere afgelegen landen zou voldoende zijn geweest om duizenden levens te sparen. Regeringen hoeven niet zulke hechte banden te hebben om elkaar zulke diensten van onschatbare waarde te bewijzen. Via transistorradio's kunnen noodoproepen worden verspreid om naar hoger gebied te vluchten. Ook zouden autoriteiten alert moeten zijn op extreme dalingen van de zeespiegel, de voorbode van een vloedgolf.

Nog effectiever zijn waarschuwingen bij metingen van aardbevingen onder zee. Getijdemeters kunnen meteen de resulterende vloedgolven registreren. In de door bevingen en vloedgolven geteisterde Stille Oceaan en rond Alaska bestaat al heel lang een dergelijk systeem, in het geval van de Stille Oceaan al sinds 1948. Een dergelijk systeem is eenvoudig en goedkoop vergeleken bij de enorme schade die nu aan samenlevingen rond de Indische Oceaan is toegebracht.

Gedurende de eerste dagen na zo'n ramp zijn de opgaven van het geschatte aantal doden altijd slagen in de lucht, die in de loop van de tijd drastisch moeten worden bijgesteld. De communicatie is uitgevallen, vermisten worden levend teruggevonden, nieuwe getroffen gebieden worden ontdekt. Ook voor de vele overlevenden is het een hard gelag met gebrek aan schoon water en voedsel, verwoeste huizen en dreigende epidemieën. Voor armen komt een natuurramp nog harder aan dan voor toeristen, die naar huis kunnen vliegen. De achterblijvers zijn gebaat bij noodhulp, maar ook bij simpele voorzieningen die in arme landen evenveel levens sparen als in rijke.