Handen klappen, tamboerijnen ratelen

De cd-box Goodbye, Babylon biedt een lappendeken van gospelmuziek door blanke en zwarte musici. Van Mahalia Jackson tot Ernest V. Stoneman en zijn Dixie Mountaineers.

Het houten kistje doet een paar mooie flessen wijn vermoeden, maar de inhoud van Goodbye, Babylon is nog veel spiritueler. Vijf cd's vol opzwepende gospel uit voornamelijk de eerste helft van de vorige eeuw, een schijfje met al even imposante preken, een tekstboek dat is vormgegeven als een ouderwets zangboek en een paar bollen katoen. Die dienen als eerbewijs aan het diepe zuiden van de Verenigde Staten, de streek die deze opmerkelijke muziek heeft voortgebracht.

Bekende namen als Mahalia Jackson, Blind Willie Johnson en The Louvin Brothers ontbreken niet, terwijl nummers als Down On Me (Eddie Head And His Family) en Jesus Is A Mighty Good Leader (Skip James) dankzij de latere uitvoeringen van respectievelijk Janis Joplin en Beck in het domein van de hedendaagse popmuziek zijn doorgedrongen. Dat Ernest V. Stoneman, die met zijn Dixie Mountaineers het roerende I Remember Cavalry brengt, tot de favoriete artiesten van Thomas Alva Edison behoorde, is maar een van de talloze feiten die in het prachtige, grondig aangepakte boekwerk worden opgediept.

De meeste namen zijn onbekend, maar dat maakt het kippenvelverwekkende effect niet minder. Je mond valt regelmatig wijd open bij het ondergaan van deze rauwe geloofsbelijdenissen. Tamboerijnen ratelen, handen klappen, orgels kreunen en gitaren janken: hun bespelers lijken af en toe bezeten.

Juist door de lappendeken van bekende en onbekende artiesten, solisten en grotere groepen die zingen over verlossing en verdoemenis, krijg je een schitterend beeld van de religieuze beleving in een voorbij tijdperk. Opmerkelijk genoeg staan zwarte en blanke artiesten en hun stijlen daarbij gewoon door elkaar. In de context van het sterk gesegregeerde zuiden van weleer, is dat niet zo vanzelfsprekend.

,,Veel mensen waarschuwden me daarvoor'', zegt Lance Ledbetter van het platenlabel Dust-to-digital, die met zijn assistente eigenhandig alle 5.000 uitgeleverde sets in elkaar heeft gezet. ,,Maar voor God zijn we allemaal hetzelfde, en ik weet zeker dat de artiesten het zelf ook zo zouden hebben gewild. Al was het maar omdat ze elkaar toch ook beïnvloed hebben; zwarte muzikanten namen dingen over van hun blanke vakbroeders en andersom. Bovendien wilde ik alle subgenres laten horen. Als je je op blanke of juist op zwarte artiesten concentreert, vertel je maar de helft van het verhaal.''

Via zijn radioprogramma op een universiteits-radiostation – ,,een old time music show'' zegt hij met een charmante, zuidelijke tongval – kwam Ledbetter in contact met de wonderlijke wereld van de gospel. ,,Er is heel wat jazz, hillbilly en blues opnieuw uitgebracht, maar voor oude gospel geldt dat nauwelijks. Aangezien ik altijd heb gedroomd van een eigen platenlabel, besloot ik het zelf te doen.''

Ledbetters motieven om deze muziek opnieuw onder de aandacht te brengen, zijn eerder muzikaal dan religieus. ,,Deze muziek heeft iets verslavends, je wilt er gewoon meer en meer en meer van horen. Bij het afluisteren van dit materiaal stonden mijn nekharen geregeld recht overeind. Of je nu gelovig bent of niet: alle religieuze muziek, christelijk, joods, hindoeïstisch of wat dan ook, heeft een toewijding die wereldse muziek gewoon niet kent. Deze mensen maken muziek voor spiritueel gewin en daardoor wordt het krachtiger. Veel rock 'n' roll-bands doen het om andere redenen: geld, roem, kicks. De artiesten op Goodbye, Babylon hadden zulke motieven niet. Ze hadden het hart op de juiste plek. En dat kun je horen.'' Een opmerkelijke categorie te midden van de kwartetten, de gospelblueszangers, de string bands en de countrygroepen, is de Sacred Harp-zang, zo genoemd naar een beroemd negentiende-eeuws liedboek. Er gaat een merkwaardig, hallucinerend effect uit van de monolithische, hoekige en harde koorzang, die destijds op grote schaal werd beoefend. ,,Dat zoiets bestond! Daar had ik geen idee van, tot ik deze box ging samenstellen. Dit is wild spul, dacht ik meteen. Ik ben bij een conventie geweest en geloof me; een plaatopname doet het massale effect van die koorzang geen recht.''

Hoewel er ook ruimte is voor de calypso van Roaring Lion uit Trinidad, concentreerde samensteller Ledbetter zich op de muziek uit het zuiden van de Verenigde Staten. Ledbetter:,,Die muziek heeft naast de religieuze component nog iets bijzonders, wat mij als zuiderling erg bevalt. Het is lastig om daar de vinger op te leggen. Hier in het Zuiden ervaren we het leven anders dan in de rest van het land. Dat blijkt des te duidelijker uit die oude muziek, uit de liedjes die ze schreven en de manier waarop ze het uitvoerden. Ik weet dat het er is en dat het mij bevalt, maar wat het precies is?''

Er schuilt inderdaad een enorme, tijdmachineachtige charme in de oude muziek, die dwars door het gekraak en gesuis van oude 78-toeren-platen heen schijnt. ,,Het was een andere tijd met een totaal andere context. Muziek was toen veel meer een sociale activiteit, die je met je vrienden en je familie bedreef. Tegenwoordig spelen heel andere zaken en motieven een rol, daarom kun je zulke muziek ook niet goed naspelen. Bands organiseren zich tegenwoordig als bedrijven, maar dat was destijds onvoorstelbaar. Zie je het voor je, The Cotton Top Mountain Sanctified Singers Inc.?''

De Verenigde Staten zijn een diep religieuze natie, en Goodbye, Babylon leert daarover heel wat.

,,De theocratische ideeën die momenteel opduiken, hebben daar beslist mee van doen'', stelt Ledbetter. ,,Er schuilt een enorme kracht in deze muziek. Als je diezelfde kracht in je boodschap en je retoriek legt, kun je mensen sturen. Dat effect kun je dan ook misbruiken voor politieke spelletjes. Maar de mensen kunnen een stuk beter naar Goodbye, Babylon luisteren dan naar George W. Bush.''

Diverse artiesten: Goodbye, Babylon. Dust-to-digital, distr. Munich.