Alleen Hollywood kent `muur van water'

Een tsunami is vooral gevaarlijk door de lengte van de golf, tot wel 200 kilometer, en door de snelheid van soms meer dan 800 kilometer per uur waarmee die over de oceaan raast.

De vernietigende `tsunami' (letterlijk: golf in de haven), de vloedgolf die gisterochtend door de Indische Oceaan en vooral de Golf van Bengalen trok en die uiteindelijk zelfs de kust van Kenia en Somalië bereikte, had zijn oorsprong bij Indonesië. Pal ten westen van het eiland Sumatra deed zich een aardbeving voor met een sterkte van 9,0 op de schaal van Richter. Dat is een uitzonderlijk krachtige aardbeving, waarvan er maar een paar per eeuw voorkomen.

Het was geen onverwachte plaats: in het betreffende gebied schuiven de zogeheten Birma-plaat en de India-plaat langs elkaar en dit `geologisch schuiven' (dat zich tot tientallen kilometers diep in aardkorst en aardmantel uitstrekt) gaat gepaard met geleidelijke spanningopbouw en plotselinge ontlading. Zo'n ontlading wordt als aardbeving waargenomen.

Lang niet alle aardbevingen die onder de zeebodem plaatsvinden leiden tot tsunami's. Als de ontlading niet of nauwelijks verticale componenten heeft, dus als de zeebodem nauwelijks omhoog of omlaag beweegt, hoeft de beving niet veel effect te hebben op het zeeoppervlak. Anderzijds zal zeker een gevaarlijke tsunami ontstaan als de onderzeese aardbeving een forse landslide (afschuiving) teweegbrengt. Op veel plaatsen op aarde helt de oceaanbodem sterk naar de diepte en daar kan een beving makkelijk een onderzeese aardverschuiving (slumping) opwekken. Dat is een gebeurtenis die natuurlijk veel dichter bij het zeeoppervlak plaatsvindt. Of ook in het onderhavige geval `slumping' is voorgekomen is nog niet bekend. Vaak is het voorkomen van een onderzeese aardverschuiving later duidelijk af te leiden uit de grote hoeveelheid sediment die erbij is opgewerveld. Zo zijn ook afschuivingen die duizenden jaren geleden plaatsvonden nog teruggevonden.

In essentie veroorzaakt een aardbeving, al of niet in combinatie met een `landslide', in de oceaan wat een steen teweegbrengt als die in een vijver wordt geworpen. Vanuit het epicentrum breiden zich min of meer ringvormige golven naar de omgeving uit. De golfhoogte van die lopende golven is – aanvankelijk – niet eens bijzonder: er worden waarden genoemd van enige decimeters tot hooguit een of twee meter. Bijzonder is de golflengte (de afstand van golftop naar golftop) waarvoor waarden van meer dan 200 kilometer worden opgegeven.

Ook bijzonder is de loopsnelheid van de golven: de golftop raast met een snelheid van meer dan 800 kilometer per uur over de oceaan. Daarbij wordt de snelheid in hoge mate bepaald door de diepte. Hij neemt af zodra de oceaan minder diep wordt en de aanvankelijk mooi cirkelvormige uitbreiding gaat daardoor snel verloren. Daaraan dragen ook weerkaatsingen van de golf bij. Op de website van het KNMI (www.knmi.nl) laat een animatie zien hoe een cirkelvormig golffront van lieverlee bijna recht kan worden.

Zolang de oceaan maar diep genoeg is, bewaren de golven hun bescheiden golfhoogte, zelfs mag worden aangenomen dat deze aanvankelijk afneemt omdat de golfenergie over een steeds grotere cirkelomtrek verdeeld wordt, zoals ook in een vijver gebeurt. Schepen die de lopende golven midden op de oceaan ontmoeten merken vaak niets bijzonders op.

Het beeld verandert dramatisch zodra een ondiepte wordt bereikt, zoals bijvoorbeeld de grens van het continentaal plat (met een zeediepte van ruwweg minder dan 200 meter). De loopsnelheid van de golf neemt dan abrupt af en dit leidt tot een verkorting van de golflengte en een soms enorme vergroting van de golfhoogte. Pas op het allerlaatste moment kan de golf gaan breken, maar heel vaak breekt de golf helemaal niet.

Dan wordt de tsunami ervaren als het uitzonderlijk snel opkomen van een extreem hoge vloed. De `muur van water' die in verband met tsunami's wel is beschreven komt uiterst zelden voor. Hij bestaat hoofdzakelijk in Hollywood. Zoals met alle rimpelingen in water het geval is kan het vroegst arriverende deel van de golf bestaan uit een flink golfdal. Daarin schuilt een gevaar: aan het strand uit zich dat immers als uitzonderlijk laag water en dat kan strandbezoekers verleiden ver de zee in te gaan. Zij kunnen dan binnen enige minuten worden overvallen door de golftop.

Tsunami's kunnen tot meer dan één kilometer het land intrekken. Pas dicht bij de kust krijgt de chaotische waterbeweging die uiteindelijk ontstaat een duidelijke component in de richting van de kust. Vissersschepen die vlak voor de kust liggen lopen het risico door het water te worden meegenomen en op het land te worden achtergelaten.