Woningnood in Nederland, bouwen bij Boedapest

Tien Drentse woningcorporaties stapten in een Hongaars avontuur. Maar de minister wil het niet hebben. De corporaties zijn verbaasd: ,,Het was goed bedoeld.''

De delegatie van Drentse woningcorporaties was onder de indruk. ,,Grote nood.'' ,,Bedroevende huisvestingsomstandigheden''. De nood van de Hongaren deed de bestuurders van de Nederlandse woningcorporatie op studiereis pijn.

Roelof Nijhof, directeur van Woonservice Drenthe, een van de corporaties, was erbij, in 1998, daar in het Hongaarse Székesfehérvár, 65 kilometer ten zuiden van Boedapest. ,,We móésten hulp bieden.''

Twee jaar later deden ze dat. De tien corporaties richtten de Stichting Farkas op, Hongaars voor `wolf'. De stichting heeft als doel de volkshuisvesting in Hongarije te verbeteren, zo staat in de oprichtingsakte. Ze verzorgt opleidingen en geeft lokale collega's informatie over hoe de Nederlandse corporaties werken.

Samen investeerden de Drentse corporaties 922.990 euro, waarvan twintig seniorenwoningen gebouwd zijn die nu worden verhuurd. In de oprichtingsakte van de stichting staat dat er jaarlijks ten minste twee vergaderingen over gehouden moeten worden. Volgens Nijhof is de ,,betrokkenheid nu nog steeds groot''.

Maar niet iedereen is daar net zo vol van als de tien corporaties. Het ministerie van Volkshuisvesting schreef een van hen, Woonconcept, vorige maand een brief op poten. Het ministerie wil uitleg – en liefst ook nog een beëindiging van de verhuur van de panden. Woonconcept, met 12.000 huurhuizen in Assen, Meppel en Hoogeveen, is een van de grootste corporaties van Noord-Nederland.

Woningcorporaties moeten op hun thuismarkt werken, is de regel. Buitenlandse activiteiten mogen wel, mits als kleine schenkingen of met toestemming vooraf van het ministerie, maar ook dan op beperkte schaal en mits de corporatie in Nederland zijn best doet als volkshuisvester.

De actie nu van het ministerie, na jaren van stilzwijgende goedkeuring, past in het beleid van minister Dekker. Zij spreekt de corporaties actief aan op hun verantwoordelijkheden. Anders gezegd: ze wil dat de corporaties hun geld steken in de woningbouw in Nederland.

Die staat er niet goed voor. De ruim 500 corporaties hebben samen 2,4 miljoen huurwoningen, en dat moeten er fors meer worden. Dit jaar (tot en met oktober) zijn er in Nederland 7.500 woningen in de sociale sector bijgebouwd, terwijl de minister streeft naar een jaarlijkse productie van 20.000. De wachttijd voor een nieuw huurhuis is gestegen tot een landelijk gemiddelde van drie jaar, voor elk huis dat vrijkomt melden zich iets minder dan honderd gegadigden.

En wie denkt dat dit in Drenthe meevalt, komt bedrogen uit. ,,Woningnood'', concludeert Woonconcept in het meest recente jaarverslag. Vorig jaar wist de corporatie dit zelf nauwelijks tegen te gaan: Woonconcept bouwde één nieuwe woning.

De brief van het ministerie is niet de eerste actie tegen grensoverschrijdende woningbouw. De Maastrichtse corporatie Servatius en het ministerie strijden al langer dan een jaar over een woningbouwproject over de grens, in het Belgische Luik. Toen Servatius zonder Haagse toestemming met de bouw van studentenhuizen in Luik begon, eiste het ministerie stopzetting. ,,Het werkgebied van de corporatie bevindt zich binnen de Nederlandse grenzen'', antwoordde minister Dekker in april op vragen over de kwestie in de Tweede Kamer. ,,Het laatste woord hierover is uiteraard aan de rechter.''

Servatius en het ministerie hebben tevergeefs geprobeerd de zaak onderling te regelen. Volgend voorjaar staan ze weer bij de rechter. VROM wil in ieder geval dat Servatius direct na oplevering van de bouw het complex verkoopt, de corporatie weigert dit.

In Drenthe hebben de investerende corporaties nooit ergens een geheim van gemaakt. Woonbeheer (Assen), Woonconcept (Meppel), Wooncom (Emmen), Woonservice Drenthe (Westerbork), Inter Pares (Emmen), Woningstichting De Volmacht (Gieten) en de vier andere corporaties melden al jarenlang in jaarverslagen hun investeringen in Hongarije. Deze jaarverslagen gaan naar het ministerie, die ze jaarlijks bestudeert. Dat is dan ook exact hetgeen de directeuren van Woonconcept en Woonservice Drenthe nu zo verbaast: ,,Begrijp er niks van'' (Hedzer van Houten van Woonconcept), ,,snap dit niet'' (Nijhof van Woonservice). Want het ministerie was toch akkoord gegaan?

Jazeker, zegt de VROM-woordvoerder. Maar alleen met de bouw. Niet met verhuur. De oprichtingsakte van stichting Farkas spreekt over ,,planontwikkeling van woningbouwprojecten en de uitvoering daarvan'', niet over exploitatie.

Als Woonconcept het ministerie al weet te overtuigen dat het toch binnen de wet valt wat ze in Hongarije doet, zijn er nog de vragen over een lening aan een woningbouwproject in Zuid-Afrika, de met een omweg verstrekte rentevoordelen voor bewoners van panden in Meppel en de zestien huizen die in Hoogeveen voor 209.000 euro direct na de bouw verkocht werden, terwijl 200.000 euro de grens van het toegestane is. ,,De minister zou blij moeten zijn met ons'', zegt Van Houten. De komende vijf jaar wil hij 1.700 huizen gaan bouwen.

En nu? Woonconcept moet voor 1 april reageren. Maar Nijhof van collega-corporatie Woonservice ziet het Hongaarse avontuur niet snel aflopen. Het is namelijk niet riskant, denkt hij. ,,We hebben onderling nog niet uitgeproken wanneer we hier uit stappen. Maar zodra we het verkopen, hebben we ons geld terug. Hier is niks mee, het was goed bedoeld.'

www.nrc.nl Dossier woningmarkt