Government governance

De Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten onder voorzitterschap van PvdA-Kamerlid Duivesteijn heeft nogal wat ontluisterende doorkijkjes geboden op de manier waarop besluiten in de Tweede Kamer tot stand komen, en vooral op de wijze waarop tijdens de uitvoering controle wordt uitgeoefend op de uitgaven en de geleverde prestaties.

De aanleiding om de commissie in te stellen was de vraag aan de Kamer of de HSL-Zuidlijn een paar honderd miljoen meer mocht kosten. Of preciezer, die vraag werd niet gesteld, maar het bedrag bleek een beetje weggemoffeld in de begroting van Verkeer en Waterstaat. De commissie beveelt nu onder andere aan dat de Kamer zou moeten kunnen beschikken over een eigen kennis- en informatiecentrum naar analogie van het Amerikaanse Congressional Budget Office. Dat zou de Kamer in staat stellen tegenwicht te bieden tegen de overmacht aan mankracht en de informatievoorsprong van de departementen. Verder zou de Grondwet moeten worden aangepast om de regering een ,,actieve informatieplicht'' op te leggen. Dat betekent dat departementen niet moeten wachten tot er om informatie gevraagd wordt, ze zouden het spontaan moeten komen brengen. In bulk, vermoedelijk.

Als er één ding is waar een Tweede-Kamerlid geen tekort aan heeft, dan is het informatie. Tonnen en tonnen nota's en voorstellen en rapporten worden jaarlijks over de arme parlementariërs heen gekieperd. Daar komt geen enkele sterveling ooit op een systematische manier doorheen. Als het parlement de uitvoerende macht van de regering beter in het gareel wil houden, gaat dat zeker niet lukken met meer informatie. De hoeveelheid informatie is eerder het probleem dan de oplossing.

Het bedrijfsleven is geen sprookjeswereld. Integendeel, misbruik van macht en invloed zijn er ongeveer uitgevonden. Daar zijn, ook in het recente verleden, schandalen en stroppen uit voortgevloeid waarmee een hele HSL-lijn te financieren was geweest. Maar juist hierdoor zijn er wel procedures en richtlijnen ontwikkeld waarmee toezichthouders grip houden op de ogenschijnlijk overmachtige CEO's. Die hebben altijd meer informatie dan een toezichthouder, maar geen enkele goede commissaris zal zich laten bedelven onder honderden pagina's rapporten en bijlagen. ,,Geef me het voorstel op hoofdlijnen, wat het kost, wat het moet opbrengen en wat de risico's zijn. En je persoonlijke garantie dat deze informatie substantieel accuraat en volledig is.'' Eventueel kan een raad van commissarissen nog besluiten een eigen second opinion te gaan halen, maar die leidt er nooit toe dat alle sommetjes opnieuw worden gemaakt en de informatie in detail wordt beoordeeld. Het is meer een sanity check: deugen de uitgangspunten, zijn we het eens over de belangen, en kunnen we desgevraagd ooit aantonen dat we zorgvuldig gehandeld hebben in de voorbereiding en de uitvoering van dit besluit?

Het onderwerp corporate governance is in beweging gekomen na enkele grote bedrijfsdebacles, en versneld door de dreiging van persoonlijke aansprakelijkheid van bestuurders en toezichthouders. Op deze manier bekeken lijkt het er goed uit te zien voor het openbaar bestuur. De debacles hebben we al. De stroomversnelling zou kunnen ontstaan door persoonlijke aansprakelijkheid voor ministers te laten gelden als voor CEO's, en voor parlementsleden zoals voor commissarissen. Er is natuurlijk geen vertegenwoordigend orgaan dat vrijwillig een dergelijk risico over zichzelf zal afroepen, maar het kan al helpen als men het ondenkbare in het achterhoofd zou houden, als iets dat ooit kan gebeuren.

De commissie-Duivesteijn is niet te beroerd de hand in eigen boezem te steken waar het gaat over het functioneren van de Tweede Kamer zelf. Wat we hebben verzuimd en wat in de toekomst wel moet gebeuren, stelt men, is ,,een probleemanalyse, uitmondend in een heldere probleemstelling en een scherpe definitie van te bereiken doelen''. Intussen wordt laconiek gemeld dat de interdepartementale accountantsdienst zeven jaar lang (!) niets aan de Kamer heeft gerapporteerd over kostenoverschrijdingen in het HSL-project, waardoor Kamerleden zijn ,,beroofd van een belangrijke bron van deskundigheid en (semi-)onafhankelijke informatie''.

Het klinkt als het machteloze handenwringen van de bejaarde moeder wier verslaafde zoon elke week opnieuw de huishoudportemonnee komt leeghalen. Als je dit laat gebeuren dan word je ook gekke Henkie. Maar ministeriële verantwoording komt er nooit van, want zij wordt altijd langs partijlijnen politiek weggepoetst, uitgeruild of afgekocht. En daar ligt het wezenlijke probleem: de Tweede Kamer is niets. Zij heeft geen identiteit, geen zelfrespect, geen eigenwaarde. Ze is bevolkt door mensen die liever minister of staatssecretaris zouden zijn en hun best doen om het ooit een keer te worden. Ze zijn van achteren verbonden met de partij waar ze uit voortkomen, naar voren met het pluche waar ze ooit hopen te zitten, en onderling hebben ze niets met elkaar behalve concurrentie. De Kamer is voor hen een holle ruimte waar ze een tijd in hebben te verkeren en die verder geen inhoud heeft. Een tussengebied, een limbo.

Als er ooit iets moet veranderen in de verhouding tussen Kamer en regering, dan moet de Kamer eerst iets worden. Een organisatie met visie, trots, een missie en kwaliteitsnormen, met gedeelde ervaringen om over te juichen of over te janken. En met het vaste voornemen zich nooit meer onbestraft de portemonnee te laten leegstelen. Niet wegens het geld, maar wegens gekke Henkie.

Wie kan dit tot stand brengen? De coryfeeën, de leiders van de grote fracties. Hebben die daar belang bij? Nee, want zij zijn straks minister en dan is een sterk parlement lastig. Zo zal dus alles blijven zoals het is.

Corporate governance raakte in een stroomversnelling toen de Amerikaanse beurstoezichthouder, de Securities and Exchange Commission, het begon af te dwingen. Wie of wat gaat die rol spelen in government governance? Als ik een gok moest doen dan zette ik een klein bedragje in op de Europese Commissie: ,,Waar was u, Kamerlid, toen uw land bezig was verdragsverplichtingen te schenden in het kader van wetgeving zus of begrotingstekort zo?'' Misschien is dat de stroomstoot, de schok die ons zal opschrikken uit de huidige lethargie en machteloosheid.