DNA-test is nog niet goed genoeg voor darmkankerscreening

Met een test op DNA-mutaties is dikkedarmkanker in een vroeg stadium op te sporen. De DNA-test scoort aanmerkelijk beter dan die op onzichtbaar bloed in de ontlasting maar is duidelijk niet zo betrouwbaar als colonoscopie, inspectie van de darm met een flexibele camera (New England Journal of Medicine, 23 dec).

Het onderzoek naar DNA-mutaties had plaats in de Verenigde Staten bij zo'n 4.400 mensen van 50 jaar en ouder, allen zonder darmklachten en zonder verhoogd risico; ze hadden dus bijvoorbeeld geen darmkanker in de familie. De DNA-test spoort in de ontlasting mutaties op in genen waarvan een beschadiging de voorbode is van darmkanker. Om het resultaat van deze test te kunnen beoordelen, onderging iedereen ook nog een test op onzichtbaar bloed in de ontlasting én een colonoscopie.

Met de test op DNA-mutaties vond men 16 gevallen van darmkanker, terwijl colonoscopie er 31 opleverde. De DNA-test mist dus bijna de helft. Maar dat was nog een hele goede score vergeleken met de test op onzichtbaar bloed, want daarmee ontdekte men maar 4 gevallen (13%). Nog minder dan in eerder vergelijkend onderzoek.

Een week geleden stond in The Lancet een vergelijking van een gewone colonoscopie met een colonoscopie met behulp van een CT-scanner, de zogenoemde virtuele colonoscopie. Daaraan deden 614 mensen mee, nu wel met een verhoogd risico op dikkedarmkanker. Bij de deelnemers is ook een röntgen-contrastfoto met bariumpap gemaakt. Ook hier kwam de gewone colonoscopie als veruit het betrouwbaarst te voorschijn. Daar staat tegenover dat met deze twee technieken weer één geval van darmkanker werd ontdekt dat men bij de colonoscopie niet gezien had.

Maag-darm-leverartsen pleiten al een paar jaar voor screening op dikkedarmkanker bij alle 50-plussers: met 4.500 sterfgevallen per jaar staat deze aandoening tweede na longkanker. Maar ook na deze twee nieuwe onderzoeken ontbreekt nog steeds de echt optimale methode. Colonoscopie is heel betrouwbaar maar onaangenaam en ook niet zonder gevaar: bij de 4.400 patiënten ontstonden er vier darmperforaties. Sigmoïdoscopie is een minder belastend alternatief: daarbij bekijkt men alleen het laatste deel van de darm (het colon sigmoideum) maar daarmee mist men gezwellen in de rest van de dikke darm (ongeveer 25%). Virtuele colonoscopie vereist een uitgebreide en onaangename schoonmaakbeurt van de darm en voorlopig zijn de resultaten dus minder dan die van colonoscopie. De test op verborgen bloed lijkt ideaal – weinig belastend, alleen een beetje vies – maar heeft als groot nadeel dat alle niet-bloedende darmafwijkingen niet te voorschijn komen, dat wil zeggen juist de poliepjes die een voorstadium zijn van dikkedarmkanker. De test moet elk jaar plaatsvinden en geeft veel onjuiste uitslagen omdat hij ook reageert op bepaalde voedingsbestanddelen (bloed in vlees) en sommige medicijnen. De test op DNA-mutaties lijkt daarom toch de beste papieren te hebben, al moet de gevoeligheid daarvan nog verbeterd.