De hoop van De Mol

93,24 miljoen euro. Dat was de beurswaarde die het telecombedrijf Versatel er gisteren bij kreeg in reactie op de overwinning van John de Mol bij de biedingsstrijd om de uitzendrechten voor het Nederlandse eredivisievoetbal. Versatel krijgt het recht om wedstrijden achter de decoder rechtstreeks uit te zenden, en zet daarmee voorganger Canal Plus opzij. De Mols investeringsmaatschappij Talpa bezit 41,7 procent van Versatel, en werd gisteren op papier dus een kleine 39 miljoen euro rijker. Hoewel een beurskoers weinig meer is dan een momentopname, toont de koersreactie van Versatel – de grootste op één dag in twee jaar – hoe gunstig in financiële kring wordt gedacht over De Mols succesvolle coup. De samenvattingen van de eredivisiewedstrijden, het kroonjuweel van de veiling van gisteren, vallen aan hem toe en zullen worden ondergebracht in de programmering van de nieuwe commerciële zender, TVNL geheten. De Mol heeft dus op de twee belangrijkste fronten gewonnen.

Dat de NOS, de voornaamste tegenstrever van De Mol, bij de veiling van de rechten achter het net viste, is geen ramp. Integendeel. Hoewel de procedure van gisteren het midden hield tussen een veiling en een schoonheidswedstrijd, zijn veilingen niet altijd een zegen. Wie zich de UMTS-veilingen voor derde-generatie mobiele telefonie in Europa van 2000 herinnert, moet achteraf concluderen dat de miljardenbedragen die destijds betaald zijn een bittere nasmaak hebben achtergelaten. Weliswaar was sprake van maximalisatie voor de aanbieders van de UMTS-frequenties (de overheden), maar de bieders moesten zich zo zwaar in de schulden steken dat zij bijna bankroet gingen en de introductie van UMTS erdoor kan zijn vertraagd.

Dat zou ook hebben gegolden voor de publieke omroep. Voor een bestaande omroep is er een punt waarop de kosten van de rechten niet meer worden goedgemaakt door de verwachte opbrengsten aan reclame en andere effecten. Te veel betalen zou zijn neergekomen op een verdere indirecte publieke subsidie van de sport. Dat gaat niet op voor De Mol. De voetbaluitzendingen zetten zijn nieuwe zender in één keer op de kaart. Televisiekijkers zullen TVNL ergens in de enkele cijfers van hun kanalen programmeren en de weg naar de zender vanaf de eerste dag moeiteloos vinden. Voetbal is De Mols `killer-applicatie', en het valt zo zelfs voor te stellen dat hij voetbal bij wijze van spreken verliesgevend had willen exploiteren als dat nodig geweest was. Ziedaar de volkomen verschillende uitgangspositie van de publieke omroep en De Mol. Laatstgenoemde had kunnen blijven bieden. De NOS bood gisteren misschien al boven haar macht.

Moet het publiek nu bang zijn voor een verdere commercialisering van het voetbal? Ja. Dat zou anders ook wel zijn gebeurd, alle dappere woorden van de NOS over journalistieke onafhankelijkheid ten spijt. Reclame-uitingen rukten de afgelopen jaren ook onder de NOS steeds verder op en een van de presentatoren van Studio Sport houdt er bijvoorbeeld een eigen kledinglijn op na. Leuk of niet, commercie is een wezenlijk onderdeel van wat achtereenvolgens gewoon eredivisie, daarna PTT Telecompetitie en Holland Casino Eredivisie is gaan heten. Hoe complex de morele vragen op dit punt liggen, blijkt wel uit het feit dat de overheid volledig aandeelhouder is van voetbalsponsor Holland Casino en dit jaar via dat kanaal zelf 5,5 miljoen euro in het eredivisievoetbal pompt.

Of er groot geld te verdienen blijft met de voetbalrechten zal vanaf volgend jaar John de Mol moeten aantonen. Op 's mans zakeninstinct valt weinig aan te merken, al zal hij rekening moeten houden met het gevaar van verzadiging, waarover in Groot-Brittannië al wordt gesproken. De publieke omroep moet verder zónder voetbal. Is dat nu werkelijk zo'n ramp? Het verschaffen van amusement was al geen overheidstaak. Het is het domein van de John de Mols van deze wereld.