Nederlandse troepen moeten in Irak blijven

De regering houdt vast aan het vorige maand genomen besluit om per 15 maart de Nederlandse troepen uit de Iraakse provincie Al Muthanna terug te trekken. ,,We hebben een heldere lijn en daaraan houden we ons vast'', aldus minister Kamp in de Kamer (NRC Handelsblad, 21 december). Het is een koppig vasthouden aan een in zijn internationale consequenties onverantwoord besluit. Wat is het motief?

,,Na de verkiezingen dragen de Iraakse autoriteiten de verantwoordelijkheid, maar ik kan geen garanties geven dat dat goed gaat'', zegt de minister. Maar waarom laten we de Iraakse regering, de provinciale autoriteiten vallen nu zij om steun vragen in de te verwachten onrustige periode? Er is internationale bezorgdheid. Vooral de Britse autoriteiten, op wie de last van het Nederlandse terugtrekken straks komt te liggen, dringen op verlengd Nederlands verblijf aan. Ook de commandant van het juist afgeloste Nederlandse bataljon in Irak, die de situatie goed kent, is van mening dat het Iraakse veiligheidspersoneel niet klaar is voor die taak. Waarom dit alles genegeerd?

Heeft de Nederlandse krijgsmacht problemen om dit vol te houden, zoals minister-president Balkenende eerder suggereerde? Dat is toch niet waar? Het afgelopen jaar waren gemiddeld zo'n 1.750 miltairen van de landmacht uitgezonden, maar die bestaat uit circa 21.000 militairen en 9.000 burgers. Het kan niet zijn dat deze inspanning niet is vol te houden; dat spoort geenszins met het door de minister gegarandeerde ambitieniveau. Daarenboven zijn er ook nog de mariniers.

Zoveel aandacht als aan de internationale context werd besteed bij de uitzending, zo flodderig gaat het besluit over terugtrekken. Is er toch angst? Beseft moet worden dat Nederland internationaal verantwoordelijkheid draagt voor de gevolgen van het terugtrekken en bondgenoten en bevolking in de steek laat. Als het moeilijk wordt, leert men zijn vrienden kennen, dat is voor de rest van de wereld nu helder.