Mens van het jaar

Time heeft president George W.Bush tot Mens van het Jaar gekozen. Steeds meer media en verenigingen komen met hun mens van het jaar, de beste voetballer, kok, en nu we mogen schrijven wat we denken, ook de grootste ellendeling. Time is lang geleden begonnen met de Man v.h.j. die nu de Mens is geworden. De Mens van Time is de belangrijkste. Het is knap van het weekblad dat het dit gezag al zo lang handhaaft.

Binnenin wordt de keuze uitvoerig toegelicht. De Mens van dit jaar wil en zal de werkelijkheid volgens zijn plannen hervormen. Hij zal democratie in het Midden-Oosten brengen. Hij is de leider van een revolutie. Als hij daarbij vijanden maakt, doet hem dat plezier. De erfenis van zijn tweede termijn is bij voorbaat samengevat in de formule `de Dood van het Compromis'. Dit is het portret van een uniek en moedig man, in wiens eenvoud het volk zich herkennen kan; geroepen om de verwarde wereld naar betere tijden te voeren. Of meer dan een portret: een hagiografie.

In de columns die ik op deze pagina heb geschreven, heb ik tientallen keren, telkens op grond van nieuwe gebeurtenissen uitgelegd, dat ik deze president één van de laatsten vind die ik op een voetstuk zou willen zetten. Nu weer hoe hij minister Rumsfeld, mede-architect van de chaos in Irak en delend in de verantwoordelijkheid voor Abu Ghraib en Guantánamo Bay, als een prima kerel blijft beschouwen. Over het begin van de oorlog, de massavernietigingswapens hebben we het niet meer. Evenmin over het werk van de CIA en de FBI vóór 11 september. Ook niet over de splitsing van het westelijk bondgenootschap dat zich na de aanval juist een nieuwe eenheid leek te verwerven. Op grond van deze reeks manifeste mislukkigen zou je misschien denken dat hij in ieder geval niet voor een nummertje heldenverering in aanmerking kwam. Maar het geheim van Bush is, dat het tegendeel het geval is.

,,De kwaliteit van je plan is minder belangrijk dan de kwaliteit van de uitvoering'', zegt Jim Jordan, campagneleider van John Kerry in Time. Hij bedoelt het als een compliment. Bush werd begeleid door een gedisciplineerd team. Er werd niet geaarzeld, er was geen ruimte voor ingewikkelde discussie. Ze begrepen daar dat het grote publiek genoeg had van het geruzie over de mvw's en het gemartel in Abu Ghraib en Guantánamo. Wel vond kort voor de verkiezingen 60 procent dat ,,het land op de verkeerde koers lag'', maar daar werd in het kamp van Bush niet over gepraat. Geen gelul. De aanval op Falluja was in voorbereiding, de bandieten zouden worden verpletterd en dan stond niets meer de verkiezingen van 30januari in de weg. We will prevail.

Deze geniale eenvoud werkt. Zeker in moeilijke tijden wil de kiezer, niet alleen in Amerika maar overal, de simpele rechte weg naar de zekere toekomst. Die werd hem door Bush zonder poespas gewezen, terwijl Kerry sprak over herstel van historische vergissingen en van de vriendschap met allerlei Europeanen die de afgelopen drie jaar als verraders van de democratie en in het bijzonder van de Amerikanen waren afgeschilderd.

Een paar dagen na de verkiezingen begon de aanval op Falluja, een stad van 300.000 of 350.000 inwoners. Een groot aantal, 100.000 of 150.000, had de kans gekregen te vluchten. Hoeveel dan ook, dat zijn veel mensen. Waar hebben ze onderdak gevonden? Eerst op de Amerikaanse televisie, daarna op de Nederlandse heb ik wel veel schieten in en op de stad gezien, maar geen enkele vluchteling. Als in een stad een paar weken hevig is gevochten en daarna de vrede is hersteld, wil je, ook als burger van een land dat lid is van de Coalitie, weten hoe het er na het herstel van de vrede uitziet. Een korte documentaire, misschien ook over de terugkeer van die 100.000. Die heb ik dan gemist. Het enige dat me van de laatste tijd is bijgebleven is minister Rumsfeld, in Irak, die na een pijnlijke vraag een soldaat met een kluitje in het riet stuurt.

Een maand voor de historische verkiezingen kan niemand ook maar vermoeden hoe deze feestdag van de democratie zal verlopen. Is de burgeroorlog tussen soennieten en sjiieten al aan de gang? Houdt de uit Falluja ontsnapte al-Zarqawi (collega van Bin Laden) zijn terroristen nog even in reserve? Het Iraakse leger is nog niet klaar om de orde te bewaren, heeft president Bush gezegd. De Amerikanen moeten niet verwachten dat hun soldaten binnenkort naar huis komen. De verkiezingen van 30 januari markeren ,,niet meer dan het begin van het democratiseringsproces''. Dat is precies twintig maanden nadat hij ,,het einde van de grote operaties'' afkondigde.

In het portret dat Time van hem schetst, lezen we dat hij, na het zaad van de vrijheid in Irak te hebben geplant, vast van plan is dit ook in de rest van het Midden-Oosten te doen. Hoe? Aan een verandering van het regime in Iran wordt op het ogenblik niet gedacht. Vanzelfsprekend, want met de handen vol aan Irak en met dit begrotingstekort kan Amerika zich geen uitbreiding van de oorlog veroorloven, ook al werkt Iran misschien aan een kernwapen. Saoedi-Arabië is al lang een labiel gegeven, maar ook daar moeten we voornamelijk afwachten hoe God of Allah het water over Zijn akker zal laten lopen.

Iedere dag dat de door Washington afgekondigde revolutie langer duurt, neemt het risico van chaos in de regio toe. Dat zou voor Europa de dringendste reden moeten zijn om zelf met een omvattend initiatief voor het Midden-Oosten te komen. Daar wordt natuurlijk over gedacht, maar het gaat veel te langzaam.

De werkelijkheid van deze dagen is niet de werkelijkheid die Bush naar zijn hand zet, maar die waarin het initiatief hem verder ontglipt. Dat laat toenemende ruimte voor een Europese politiek. Maar dan moeten er ook Europeanen komen die de moed en het verstand hebben om aan dat ingewikkelde werk te beginnen. Niet bang zijn. Overwin twijfel en reserves. Neem een voorbeeld aan de Mens van het Jaar.