Marokko breekt zich het hoofd over Nederland

In Marokko beziet men met verbazing en afschuw hoe in Nederland de stemming na de moord op Van Gogh is omgeslagen.

Rachid Ahassad (53 jaar) had een vreemde ervaring toen hij afgelopen week voor zaken in Nederland was. De kleine, vriendelijke directeur van de Tangerse fabriek De Klomp Maroc – producent van Delftsblauw aardewerk – liep een winkel in Haarlem binnen om een aantal afgeprijsde Hugo Boss-pakken te kopen. Daar houdt hij van: goed spul gaat langer mee. ,,Die mensen in die winkel keken me zo vreemd aan toen ik binnenstapte'', lacht Ahassad, terwijl hij een vers sjekkie draait. ,,Alsof ik een dief was.''

Dat was hem als voormalig immigrant nog nooit overkomen. Pas toen hij voor 1.000 euro had besteed en zijn Nederlandse paspoort liet zien, brak het ijs. ,,Toen waren ze weer blij'', zegt Ahassad, terwijl hij zijn bezoeker rondleidt door zijn fabriek met borden, molentjes en jeneverkruiken.

Wat is er aan de hand met Nederland? Die vraag is de afgelopen weken veelvuldig gesteld in Marokko. Vooral in het noorden, waar de meeste immigranten vandaan komen, wordt de situatie in ,,La Hollande'' op de voet gevolgd. Abdenabi Abdellaoui (45), Ali voor zijn Nederlandse vrienden, kreeg een telefoontje van zijn moeder in Den Bosch dat zij bang was met haar hoofddoek de deur uit te gaan naar de moskee. ,,Je leest van die verhalen dat de mensen spugen. Mijn zus, die een restaurant heeft, voelt zich 's avonds niet veilig als ze het kleine stukje naar de auto moet lopen'', zegt hij boven een kopje koffie in een duidelijk Brabants accent. ,,Je durft bijna niet meer te zeggen dat je Marokkaan bent.''

De Marokkaanse pers besteedde de afgelopen tijd veel aandacht aan Nederland, dat voorheen voor de meeste Marokkanen hooguit vage associaties opriep met tulpen, molens en een liberaal klimaat. De nadere kennismaking was niet erg positief. Le Matin, een krant nauw verbonden aan het koninklijk huis en de Marokkaanse autoriteiten, bracht de moord op Van Gogh vrij uitgebreid en neutraal in beeld. De moskee- en schoolbranden werden echter met stijgende verontwaardiging besproken in de kolommen van de Arabischtalige kranten.

Abdellaoui begon vier jaar geleden na terugkeer uit Nederland het Grand Café Kandinsky in Tanger. Op de leestafel liggen de kranten waarboven de gasten het nieuws uit Nederland bespreken. ,,Voor mij persoonlijk was wat in Nederland gebeurde geen verrassing'', zegt bedrijfsleider Mohammed Legdaïh. ,,Je zag al eerder agressie tegen Marokkanen in Parijs en in Antwerpen.'' [Vervolg ANTI MAROKKANEN: pagina 2]

ANTI MAROKKANEN

In Tanger ziet men vreedzaam land verdwijnen

[Vervolg van pagina 1] Bedrijfsleider Legdaïh, die nog nooit in Nederland is geweest, blijkt de details van de gebeurtenissen na de moord op Theo van Gogh goed te kennen. Over de moordenaar is men het snel eens in ijssalon Kandinsky: een gestoorde gek. Dat vice-premier Zalm na de moord van een oorlog sprak, vond Legdaïh niet erg verstandig. ,,Dat stimuleerde de anti-Marokkaanse stemming'', meent hij. En ook de oproep van voormalig Eurocommissaris Bolkestein aan koning Mohammed VI, die zijn geëmigreerde landgenoten op hun verantwoordelijkheden zou moeten wijzen, is misplaatst. ,,Het probleem ligt in Nederland. Het parlement heeft er over gepraat en dat is een goede eerste stap.''

Nederland heeft zijn gebruikelijke vreedzaamheid in een klap omgeruild voor een soort hysterische hetze tegen de Marokkaanse gemeenschap, zo vinden de Arabischtalige kranten in Marokko. Aangemoedigd door de regering is ,,het licht op groen gezet'' voor allerhande agressie tegen de immigrantenbevolking.

De Franstalige pers reageert gematigder, maar ook hier is Nederland de afgelopen weken flink de oren gewassen. Het liberale zakendagblad l'Economiste herinnerde de Nederlanders er aan dat Marokko een jaar geleden zelf het slachtoffer was van uiterst bloedige bomaanslagen in Casablanca. Europa, met zijn verziekte migrantengetto's die een voedingsbodem vormen voor het extremisme, zou de hand in eigen boezem moeten steken in plaats van elders naar de schuldigen te zoeken. ,,De houding van sommige Nederlandse politici is niet minder dan een afwijzing van de verantwoordelijkheid van hun eigen overheid voor een deel van hun bevolking en daarom min of meer een teruggave van de Nederlandse soevereiniteit in de handen van Marokko en zijn koning'', zo schreef de krant in een commentaar.

Dat de moord op Van Gogh algemeen als een individuele actie wordt gezien die de Marokkaanse gemeenschap niet aangerekend mag worden, betekent niet dat het in Tanger aan de aandacht is ontsnapt dat er problemen bestaan met de kinderen van de eerste generatie immigranten. Ze zijn niet goed geïntegreerd, meent men bij de koffie in café Kandinsky. ,,We hebben hier een rijmend spreekwoord'', zegt Mohammed Legdaïh, ,,Je moet als vreemdeling in een stad zoveel mogelijk naast de bewoners lopen, anders blaffen de honden naar je.'' Café-eigenaar Abdellaoui kon zich wel vinden in bepaalde ideeën van Pim Fortuyn, een naam die de afgelopen weken rondzong in Marokko.

Over het gedrag van sommige Nederlandse Marokkanen tijdens hun vakantie in Marokko is men dan ook niet erg te spreken. Ze racen met 100 kilometer over de boulevard, terwijl de toegestane snelheid 30 is. Ze vallen op door een grote mond en ander onbeschaafd gedrag. Abdellaoui heeft besloten om een speciale cursus voor het personeel in te stellen om te leren omgaan met de tweede generatie op vakantie. ,,Te veel vrijheid is niet goed'', weet zijn bedrijfsleider, ,,Dat zit in onze genen.''

Abdenabi Abdellaoui en Rachid Ahassad, geslaagde remigranten die nog altijd nauwe banden onderhouden met Nederland, zien de oplopende spanningen met lede ogen aan. Ze denken dat de oplossing zit in goede opleidingen en werk voor de nieuwe generaties Marokkaanse Nederlanders. ,,Werken is als sport'', zegt Ahassad. ,,Het is gezond. Je hebt geen tijd voor onzin en in het weekeinde ga je lekker naar de disco.'' En over al die ophef over hoofddoekjes kan hij kort zijn. ,,De islam zit in je hart, niet in je kleding.''

Beide ondernemers zijn blij met de viering volgend jaar van 400 jaar Nederlands-Marokkaanse betrekkingen en de tentoonstelling over Marokko in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Ahassad, die vorige week bij de opening was, verhaalt trots over de aanwezigheid van Moulay Rachid, de broer van de Marokkaanse koning. ,,Het is leuk dat er met die culturele tentoonstelling iets positiefs over Marokko valt te horen'', zegt Abdellaoui.

Mohammed Legdaïh heeft een vraag over Nederland. Hij werkte enige tijd in een café in de buurt van het Nederlandse consulaat in Casablanca. Wat dat `Je maintiendrai' betekent, wil hij weten. De uitleg leidt tot enige vrolijkheid. ,,Kunt u mij uitleggen: wat handhaaft Nederland nu eigenlijk?''