Een potje snooker langs de kant van de weg

China wil aan internationaal sportprestige winnen en richt zich daarbij ook op kleinere sporten. Snooker bijvoorbeeld. Miljoenen mensen spelen het langs de kant van de weg en volgen het op tv. `Binnen vijf jaar behoren we tot de wereldtop.'

Yuan Jiangbao en He Yuehui waren al met elkaar bevriend toen ze nog als kleine kinderen op de lagere school zaten. Ze komen uit hetzelfde dorp en ze zijn allebei niet alleen gek op voetbal, maar ook op snooker en pool. Ze kijken er graag naar op televisie – en vooral de plaatselijke zenders laten veel wedstrijden zien. Ze kennen de namen van de belangrijkste Britse spelers dan ook vooral van de televisie.

In het milde zuidelijke winterzonnetje staan ze buiten voor een winkel een partijtje pool te spelen, uren achter elkaar en spel na spel. Failliet zullen ze er niet aan gaan. Eén uur tafelhuur kost ze nog geen twintig eurocent, en dat is ook voor een Chinees goed te betalen. Waar ze de tijd vandaan halen? Yuan heeft een eigen restaurant even verderop in de straat, maar dat is in de middag gesloten. He is politieman, maar daar heeft hij het zo te zien niet al te druk mee.

In China zijn er naar schatting alleen al zo'n tien miljoen snookerspelers, daar komen de misschien nog wel talrijker poolspelers nog eens bovenop. ,,In ons geboortedorp stonden er rijen pooltafels langs de rand van de weg. Daar hebben we het geleerd'', zegt He, terwijl hij zich vakkundig over de tafel buigt.

De pooltafel waar Yuan en He aan spelen is klein, oud en behoorlijk versleten. Het groene laken is niet van vilt maar van een soort grove kunststof. In het midden is een groot gat met breed doorschijnend plakband dichtgeplakt en krijt voor de keus is in geen velden of wegen te bekennen. ,,We huren die tafels van een bedrijf'', zegt de eigenaresse van de winkel, die de mannen een pakje sojamelk met een rietje komt brengen. ,,Zo'n tafel huren is heel goedkoop, en je hebt er extra aanloop door'', meent de vrouw.

China, dat afgelopen zomer maar liefst 32 medailles wist te veroveren op de Olympische Spelen in Athene, is ook als snookernatie sterk in opkomst. Het verhaal gaat dat er in 1997 een Chinese arts was die er bij een Britse bookmaker tweehonderd pond op waagde dat de wereldkampioen snooker in 2010 een Chinees zou zijn. De bookmaker vond dat zo onwaarschijnlijk dat hij beloofde om de dokter vijfhonderd keer zijn inzet terug te betalen als dat uitkomt.

Snooker is tot nu toe vooral een Britse sport, met vijftien van de zestien topspelers afkomstig uit Groot-Brittannië. Maar als het aan de 17-jarige Ding Junhui ligt gaat dat veranderen. Ding, afkomstig uit de Zuid-Chinese stad Guangzhou, slaagde er vorige maand in om de nummer elf van de wereldranglijst, Jimmy White, te verslaan. Hij veroorzaakte daarmee een sensatie in snookerland.

Ding woont niet in China, maar bij een trainingscentrum voor snookerspelers in Engeland. ,,Over vijf jaar behoren er drie of vier Chinese spelers tot de top zestien van de wereld. Ding is nog maar het begin'', zei Keith Warren, de leider van het trainingscentrum, onlangs in een interview tegen het Engelse dagblad The Daily Telegraph.

China is trots op zijn snookertalent. Dat de overheid graag zou zien dat snooker één van China's nieuwe veroveringen op sportgebied wordt, blijkt ook uit de aandacht die het succes van Ding en van een andere Chinese speler, de 20-jarige Liu Song, eerder in de Engelstalige Chinese overheidskrant China Daily kreeg. ,,Nu, met de opkomst van Ding en Liu, kan China een belangrijke rol gaan spelen in het breken van de Britse wurggreep op de belangrijkste onderscheidingen in deze sport'', zo stelt de krant. China wil aan internationaal sportprestige winnen, en richt zich daarbij ook op kleinere sporten die relatief makkelijk te veroveren zijn.

De snookerbond is van zijn kant juist weer erg geïnteresseerd in de Chinezen, omdat die nieuw bloed in de sport kunnen brengen. Sir Rodney Walker, voorzitter van de bond, wil de sport uit zijn Britse isolement bevrijden. Hij kijkt daarbij niet alleen naar andere landen in Europa, maar ook naar landen in het Midden- en Verre Oosten.

China, met zijn 1,3 miljard inwoners en zijn levendige belangstelling voor een heel scala aan sporten, is niet alleen aantrekkelijk als leverancier van nieuw talent, maar het land is ook heel interessant als nieuw televisiepubliek voor de sport.

In september, toen de Britse topspelers Paul Hunter en Peter Ebdon in Peking demonstratiewedstrijden speelden tegen onder meer Ding Junhui, werd dat door vier Chinese televisiestations in zo'n driehonderd miljoen Chinese huiskamers op prime time gebracht, een interessant gegeven voor westerse sponsors met belangstelling voor de Chinese markt.

China, dat eerder dit jaar een peperduur stadion bouwde voor de Formule 1-races in Shanghai, hoopt dat het land in de toekomst ook gastheer mag zijn voor het wereldkampioenschap snooker. Restauranteigenaar Yuan Jiangbao en politieman He Yuehui zeggen dat ze dat kampioenschap in elk geval met de grootste belangstelling zullen gaan volgen.