Onze taak om Irak te helpen aan wederopbouw 1

De dag van 15 december was ook voor mij een historische dag om te zien dat mijn toenmalige medevluchteling uit Irak de heer Siammand Banaa werd benoemd tot de Iraakse ambassadeur van de Republiek Irak in Nederland (NRC Handelsblad, 16 december). Ik herinner mij ook als de dag van gisteren hoe wij op 13 mei 1975 als eerste tien Iraakse vluchtelingen vanuit Iran op Schiphol aankwamen. Van Nederland hebben wij geleerd dat de aanhouder wint, als je maar je best blijft doen. Ik onderschrijf de woorden van zijne excellentie met betrekking tot de huidige situatie van Irak volledig en de puinhopen die het regime van Saddam Hussein in Irak heeft achter gelaten. Na 33 jaar heb ik in juni 2003 samen met mijn twee Nederlandse consultants de hoofdstad Bagdad en de rest van Irak bezocht en de puinhopen en de Chinese muren van Saddam Hussein kunnen aanschouwen. Het land was vol met gevangenissen en militaire bases langs de snelwegen vanaf de Jordaanse grens, richting Ramadi, Falluja, Bagdad, Kirkuk en uiteindelijk Arbil (mijn geboortestad).

Nu is het onze taak en onze morele verplichting (behoefte) om samen met de Iraakse ambassadeur te helpen aan de wederopbouw van Irak met inschakeling van zoveel mogelijk, ook Nederlandse bedrijven.