Eindelijk zelf op het bordes

Een opvanghuis voor getraumatiseerde veteranen? Een Oranjemuseum, spiritueel centrum of anjerkwekerij? Honderden lezers reageerden op de oproep een nieuwe bestemming te bedenken voor Paleis Soestdijk.

Paleis Soestdijk moet zijn deuren openen en voor iedere Nederlander te bezoeken zijn. De Nederlander wil naar binnen en graag ook op het bordes. Dit blijkt uit de bijna tweehonderd inzendingen die de Achterpagina bereikten naar aanleiding van de oproep op 8 december.

Was het paleis tot nu toe onbereikbaar achter een hek met een schildwacht, zo'n zeventig inzenders zijn voorstander van een maatschappelijke functie met een beperkte openbaarheid. Dat kan zijn: tehuis/opvanghuis voor asielzoekers, zwerfkinderen, dak- en thuislozen, aids-patiënten en ooglijders, gehandicapten, psychiatrische patiënten, islamitische Nederlanders ,,die zich te pletter hebben gewerkt'' (Hans van der Woude, Den Haag). Een ,,onderduikhotel voor bedreigde prominente Nederlanders'' (Leander Moons, Den Haag) is een mogelijkheid, of een Blijf-van-m'n-lijfhuis voor bedreigde politici (Corien Plaisier, Bavel).

Velen voelen voor een bestemming als opvang voor al dan niet getraumatiseerde veteranen of bejaarden- en/of verpleeghuis. ,,In dit paleis kloppen de zusters voor ze binnenkomen'', schrijft bejaardenverzorgende Jan Stegeman uit Amsterdam. ,,Hier word je nimmer uit bed gehaald of gevoed door telefonerende zusters. Hier krijg je geen mariakaakjes, maar boterkoekjes van Holtkamp. Hier word je vorstelijk behandeld.'' Opvallend veel inzenders maken zich overigens zorgen over de toekomst van de plaatselijke middenstand en het personeel van het paleis, dat als suppoost of verzorgende kan aanblijven – wel graag gekleed in livrei, hoopt G. Muntinga uit Paterswolde.

Een even grote groep geeft de voorkeur aan een volledig openbare functie als museum. Bij deze inzenders speelt zowel de zorg om de Nederlandse identiteit een doorslaggevende rol, als de grote nationale symbolische waarde van het gebouw. De meesten kiezen voor een museum voor vaderlandse geschiedenis c.q. nationaal erfgoed (met bruiklenen uit het Rijksmuseum, aldus Lucia Hogervorst uit Rotterdam), eventueel gekoppeld aan de geschiedenis van Oranje; Ronald Groenewegen uit Arnhem oppert het idee om het tot een dependance te maken van een beroemd museum als het Louvre of het Prado. Maar het kan ook een museum zijn gewijd aan de negentiende eeuw, of aan de twintigste eeuw, of alleen aan de jaren vijftig of zelfs expliciet een Oranje Museum over de periode 1937-2004.

Docente geschiedenis Hanneke Duym greep de actualiteit aan en zette haar leerlingen in de havo-vwo klas 3 (Scholengemeenschap Lelystad) aan het werk. Zij stuurden een bonte reeks suggesties in, variërend van hotel met chill-plek tot multi-theater en buurthuis met tafeltennis en motorparcours.

Mariël Schouwink (Luxemburg) ziet een thematische inrichting voor zich, met een schaatsenkamer, polderkamer, klompenkamer, Indonesië-kamer enzovoort. Het mag nóg vrijer, als museum voor luchtvaart (met een Starfighter van Lockheed in de tuin), automobielen, mode, landschap en sculptuur. Joost van Hövell tot Westervlier zet zijn voorstel voor een Nationaal Historisch Museum kracht bij door zichzelf en zijn gezin als beheerder en bewoner aan te bieden en als zodanig op de (montage)foto te zetten. Johan van der Pol uit Eindhoven maakt er een mooie quiz van, met vragen als: `Wat is smeergeld?' `Waarvoor staat ZKH?' (Zeer Koud Hier, i.t.t. HKH, Heel Koud Hier – strikvraag voor allochtonen uit warme landen).

Menige lezer heeft zijn of haar fantasie de vrije loop gegeven. Leg er een racecircuit omheen, Bernhard hield immers van snelle auto's (Sander van Os, Baarn), maak er een anjerkwekerij van (Michiel Verweij, Zeist) of een ruïne. ,,Het onderhoud wordt gestaakt, de elektra afgesloten, het hek hermetisch gesloten, er wordt niet meer gejaagd. Op www.stilte.nl worden dagelijks om twaalf uur 's middags webcam-opnames van dit `koninklijke monument van de stilte' getoond'' (W. Hartman, Amsterdam).

Sommigen willen het verkopen, anderen willen het afbreken, weer anderen willen er een hotel met golfbaan van maken. Marieke Geljon uit Amsterdam vindt dit de aangewezen plek om in een `multiperson mausoleum' de rest van de Oranjes bij te zetten, ,,aangezien de kelder van de kerk in Delft zo ongeveer vol blijkt te zijn. Natuurlijk wel toegankelijk voor het publiek, want dat het Volk der Nederlanders niet langs die graven [het zijn kisten, RvD/TM] mag lopen, is natuurlijk niet meer van deze tijd.'' Een hele reeks voorstellen legt zich toe op de ontmoetingsfunctie: conferenties (bijvoorbeeld voor `Bilderberg'), opleidingen, contacten tussen allochtone en autochtone jongeren, denktank, studiecentrum, spiritueel trefpunt (zoals het `Irene-centrum' van S.J. Beels-De Beus uit Heemstede) en een kunstenaarskolonie (,,Nederland is door kleinzieligheid veel van de eigen internationale culturele positie kwijtgeraakt in de laatste jaren'', vindt Dragan Klaic uit Amsterdam). P. Jelinek uit Amsterdam brengt in zijn uitvoerige plan voor een Denk Instituut Soestdijk (DIS) een groot aantal functies bij elkaar, waaronder een wekelijkse jongerenDISpuut, DiS-arrangementen (Diner in Soestdijk) voor groepen als burgemeesters, studenten, sporters en ondernemers, en kinderboerderij Het Grote Dierenpaleis.

Elkaar ontmoeten doe je ook op kantoor, maar de jury vindt dat toch te weinig openbaar. Ook al gaat het om het kantoor van oud-premiers, koninklijke fondsen, goede doelen, het Wereld Natuur Fonds, een studiecentrum over de Europese vorstenhuizen (John Schiffel, Enschede) of zelfs de residentie van het Republikeins Genootschap (wel zes keer gesuggereerd). Dat geldt ook voor een bestemming als onderdak voor tribunalen als voor Joegoslavië en straks ,,helaas'' over Afghanistan en Irak (Monique van Erp, Leiden) of voor een Constitutioneel Hof (Vincent Loosjes, Werkendam).

Dat geldt ook voor de inzendingen die Soestdijk voorstellen als toekomstig woonhuis van Willem-Alexander en Máxima of andere Oranjes. Ook buiten de prijzen vallen de ideeën om er de ambtswoning van de minister-president van te maken (Gabrielle Thomassen, Den Haag en A. Bartelds-Boshuizen, Ter Apel), of een onderkomen voor Oranjes in problemen (Margarita, maar ook Alicia en Alexia) en voor ontspoorde nazaten van bevriende buitenlandse vorsten (Arnout ter Haar, Amsterdam).

Om dezelfde reden moest de jury voorbijgaan aan de suggestie om Soestdijk voor het leven ter beschikking te stellen aan Pieter van Vollenhoven ,,voor al het onrecht dat hem door de koninklijke familie en de daaruit voortgekomen negatieve publieke opinie is aangedaan'' (Ingrid Tieken, Leiden). Dat geldt voor de Kensington Palace-variant, een prinselijk pied à terre (Dennis Edeler, Amsterdam) c.q. toevluchtsoord waar ,,de prinsen en prinsessen gezellig min of meer ebenbürtig bij elkaar in een vertrouwde entourage'' kunnen zitten (nogmaals Johan van der Pol).

Bij het kiezen van een winnaar heeft de jury als criteria gehanteerd: openbaarheid, een zekere haalbaarheid en uiteraard aantrekkelijkheid. Winnaar van het jaarabonnement op het maandblad Vorsten Royale is Bram Bom uit Ouddorp. Hij vindt dat het paleis een bestemming van algemeen belang moet krijgen, maar houdt er rekening mee dat de exploitatie deels commercieel moet zijn. Tot zijn multifunctioneel ontmoetingscentrum annex museum behoren een trouwzaal, een ontvangstzaal voor lezingen, muziek en bedrijfspresentaties, ruimtes voor exposities, cursussen en vergaderingen, een souvenirwinkel, een Royal Lounge, een restaurant en een vrij toegankelijke beeldentuin. De werk- en woonruimtes van Bernhard en Juliana zijn vanachter glas te bezichtigen.

Er is nog meer. Twee inzenders, Ruud Schurmann uit Rotterdam en Greetje Rijnten-Dikboom stellen voor om het paleis één jaar open te stellen voor het publiek. Volgens de jury bevredigt dit de gerechtvaardigde nieuwsgierigheid van de Nederlanders naar zowel de vaderlandse historie als het dagelijks leven van ons koningshuis. En succes is verzekerd: denk aan de lange rijen vorige week voor Paleis Noordeinde en de Nieuwe Kerk in Delft. Na dat jaar kan een volgend voorstel worden uitgevoerd: het paleis wordt door de kunstenaar Christo ingepakt (Magda Lagerwerf, Sellingen). Deze sympathieke en uitvoerbare oplossingen zijn echter tijdelijk. Ze worden daarom beloond met eervolle vermeldingen.

Zoveel is duidelijk: Soestdijk moet de poorten opengooien en wel meteen. Nog vóór de kerst kan de regering daartoe besluiten, dan kan Nederland dit roerige jaar op het bordes afsluiten.

En daarmee, om met de prins te spreken, basta.