Vastberaden, soepel, met mate met dank aan Bot

Vermijd bovenal risico's, was het devies toen Nederland een half jaar geleden voorzitter werd van de Europese Unie. Het akkoord over toetreding van Turkije tot de EU, eind vorige week, zorgde ervoor dat het voorzitterschap alsnog `with a bang' eindigde.

Felicitaties waren er volop. Van de Franse president Jacques Chirac die vond dat ,,op een zeer opmerkelijke wijze een heel moeilijke taak was volbracht''. Van de Oostenrijkse kanselier Wolfgang Schüssel die het had over ,,een eersteklas job van Jan Peter.'' Zelfs bij de altijd kritische Europarlementariër Max van den Berg (PvdA) kon er een complimentje van af: ,,Knap werk''.

Zo werd het Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie dank zij het akkoord over `Turkije' toch nog het zo gehoopte succes. Daar zag het in de nacht van donderdag op vrijdag niet naar uit. De moed zonk premier Balkenende en minister Bot in de schoenen, toen hun Turkse tegenvoeters Erdogan en Gül met strakke gezichten bij hen aanschoven om de nieuwste voorstellen van de Europese Unie te bespreken.

,,Het was njet'', zo vertelde Bot naderhand in kleine kring. Geen glimlachje kon er bij de Turken vanaf. De voorwaarde van de EU dat Turkije van zijn kant Cyprus impliciet moest erkennen was voor Erdogan en Gül onverteerbaar.

Zo wankelden Balkenende en Bot urenlang op het randje van een mislukt Europees voorzitterschap. Vriend en vijand waren het er immers vooraf al over eens dat de Turkse `kwestie' het pièce de résistance van het voorzitterschap was. De afloop daarvan zou bepalend zijn voor het oordeel over het Nederlandse voorzitterschap van Jan Peter Balkenende. En dat werd het. Zoals de Financial Times vanmorgen schreef: ,,Low-profile Dutchman goes out with a bang''. Met vereende krachten werd er tenslotte vrijdagmiddag tot grote opluchting van de Nederlanders alsnog een voor alle partijen aanvaardbaar compromis uitgeperst.

`Continuïteit' en `voortgang'; dat waren de twee woorden die premier Balkenende een half jaar geleden telkens noemde als hij de plannen voor het Nederlands voorzitterschap van de Europese Unie ontvouwde. ,,Onze ambitie'', ze de premier, ,,is niet dat we Europa helpen aan een stortvloed van nieuwe plannen en strategieën. Onze ambitie is dat we juist in deze tijd van verandering bijdragen aan de voortvarende uitvoering van de plannen en beleidslijnen die eerder zijn afgesproken'', aldus Balkenende toen de Europese Commissie op 1 juli van dit jaar, de eerste dag van het Nederlands voorzitterschap, een bezoek aan Den Haag bracht.

Aan die intentie heeft Nederland zich het afgelopen jaar inderdaad gehouden. Het moest in de woorden van premier Balkenende ,,geen rock the boat'' worden en dat is het ook niet geworden. Het voorzitterschap was er een geheel volgens de titel van de beroemde tv-documentarie van het driemanschap Hofland, Keller en Verhagen over het Nederland tussen 1938 - 1948: Vastberaden, maar soepel en met mate.

Het moest een risicomijdend half jaar worden, was al lang van te voren op Balkenendes ministerie van Algemene Zaken bedacht. Dit zou de gelegenheid zijn voor de in het binnenland zo bekritiseerde premier om zich via de band van de internationale politiek te manifesteren. Want, zo zegt één van de overigens arbitraire politieke wetten: een in het buitenland gerespecteerde premier wint automatisch ook aan vertrouwen in eigen land.

Het voorzichtige voorzitterschap hield in dat er vooral geen fouten gemaakt mochten worden. Omdat het om de premier ging, lag de regie bij Algemene Zaken. Zonder de op dat ministerie werkzame raadsadviseurs Wepke Kingma en Rob Swartbol gebeurde er niets.

,,Nederland had geen erg ambitieuze agenda'', stelt het Tweede-Kamerlid Timmermans (PvdA). ,,Opvallend initiatiefloos'', zegt zijn in het Europees Parlement vertegenwoordigde partijgenoot Max van den Berg. Helemaal onbegrijpelijk was de bescheiden agenda van Nederland niet. De Unie verkeerde immers bij het begin van het Nederlandse voorzitterschap nog maar twee maanden in de nieuwe, uitgebreide samenstelling, met tien nieuwe lidstaten erbij. Het vergde enige tijd een nieuw evenwicht te vinden met de nieuwelingen.

Daar kwam nog bij dat de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de Europese Unie in min of meer demissionaire staat verkeerde in afwachting van een nieuwe commissie die op 1 november zou aantreden. En tenslotte kreeg het Nederlands voorzitterschap ook nog te maken met een nieuw gekozen Europees Parlement. Er stonden kortom veel zaken op een laag pitje en er was zodoende ook niet zoveel ruimte voor ingrijpende nieuwe initiatieven. Bijkomend `probleem' voor Nederland was het succesvolle voorzitterschap dat de Ieren hadden achtergelaten. ,,De Nederlanders hebben gedaan wat ze moesten doen'', vat een in Brussel werkzame Britse diplomaat samen.

Een grote tegenvaller was dat de aangewezen motor van het voorzitterschap, premier Balkenende, anderhalve maand uit viel door een ernstige voetkwaal. Hierdoor is het plan om in het binnenland aan statuur te winnen maar ten dele gelukt. In het buitenland oordeelt men echter milder over hem. ,,Balkenende heeft in het buitenland een betere naam dan in eigen land'', aldus een Britse diplomaat. ,,Je kunt goed met hem samenwerken. Maar hij komt ook op voor de eigen nationale belangen en durft de leiders van grote landen tegen te spreken, als hij dat nodig acht.''

Een voordeel voor Balkenende was intussen dat de Portugees Jose Manuel Barroso in juni was benoemd tot voorzitter van de Europese Commissie. Beiden kunnen uitstekend met elkaar overweg. ,,De chemie met Barroso is zowel in persoonlijk als in zakelijk opzicht voortreffelijk'', zegt Balkenende. ,,We waren al maatjes toen hij nog premier was''.

Overigens bracht diezelfde Barroso het Nederlandse voorzitterschap eind oktober nog danig in verlegenheid door niet op tijd de bakens te verzetten, toen het Europees Parlement dwarslag bij de benoeming van de omstreden Italiaan Buttiglione. Pas toen duidelijk was dat het EP niet akkoord kon gaan, trok Barroso zijn équipe op het laatste moment terug. Balkenende en Bot, die sterk op het oordeel van Barroso hadden vertrouwd, waren verrast door deze crisis. ,,We understand the situation'', waren de hilarische woorden die staatssecretaris Atzo Nicolaï van Europese Zaken in het Parlement in Straatsburg namens het Nederlands voorzitterschap uitsprak.

Nederland hield zich in de weken daarna afzijdig onder het motto dat het een zaak betrof tussen de Europese Commissie en het Europees Parlement. Toch kwam dit ze hier en daar op kritiek te staan. De Nederlanders zouden te passief zijn geweest. Bovendien kreeg Nederland vanuit de grote fracties van het Europees Parlement het verwijt het voorzitterschap te hebben misbruikt om de eigen, eveneens in het Parlement omstreden, kandidaat-commissaris Neelie Kroes te handhaven. ,,De Italiaanse regering heeft zich bij het zoeken naar een oplossing flexibeler dan de Nederlandse getoond'', aldus de Duitse sociaal-democratische fractieleider Martin Schulz tijdens een debat in het Parlement.

De kwaliteit van een EU-voorzitterschap hangt mede af van de wijze waarop wordt gereageerd op onverwachte internationale crises. De belangrijkste deed zich in november voor in Oekraïne. Daar rees onder brede lagen van de bevolking protest tegen fraude bij de presidentsverkiezingen. Balkenende en Bot maakten namens de EU meteen duidelijk dat ze alleen een winnaar konden accepteren, die via eerlijke verkiezingen was gekozen. Dat standpunt werd eind november ook overgebracht aan de Russische president Poetin tijdens de EU-Ruslandtop in Den Haag. Poetin, die zelf eerder openlijk partij had gekozen voor de omstreden premier Janoekovitsj, verklaarde op ijzige toon dat anderen lees de EU zich niet moesten mengen in de interne aangelegenheden van Oekraïne.

Vooral Bot vervulde een hoofdrol in de Oekraïense zaak. Hij stond voortdurend met alle betrokkenen in contact. Bewust besloot hij de Russen niet nodeloos te irriteren door zelf naar Kiev te reizen. In plaats daarvan gingen EU-buitenlandcoördinator Solana en de voormalige Nederlandse diplomaat Biegman. Maar inhoudelijk hield het voorzitterschap voet bij stuk. Gesteund door de EU wist de oppositie nieuwe verkiezingen af te dwingen. Rusland legde zich uiteindelijk tandenknarsend neer bij de gang van zaken. Timmermans heeft waardering voor de aanpak van Bot. ,,Voor het eerst zag je dat de Amerikanen de EU volgden in deze kwestie en niet andersom.''

Eén resultaat van het Nederlands voorzitterschap is het zogenoemde Haags programma, waarover begin november overeenstemming werd bereikt. Dit is gericht op nauwere samenwerking op het terrein van het terrorisme en op een slagvaardiger gezamenlijk asiel- en migratiebeleid. De afspraken, die hierover werden gemaakt voor de komende jaren, waren uiteindelijk minder bindend dan enkele Justitieministers in de voorbereiding voor ogen stond. Maar daar had de voor dit terrein verantwoordelijke Nederlandse minister Donner weinig moeite mee. Die had zelf de draai een jaar geleden gemaakt toen hij in een discussiestuk met het oog op de Europese Grondwet schreef dat verdere harmonisering niet langer ,,het meest bevredigende systeem is om de problemen op te lossen waar we tegenaan lopen''.

En dan was er nog het stokpaardje van premier Balkenende, de waarden van Europa. Op zijn verzoek organiseerde het instituut Nexus een serie internationale debatten over de vraag welke waarden Europa bindt. Veel respons voor zijn initiatief vond hij in het buitenland aanvankelijk niet. Maar mede door de onrust, die volgde op de moord op cineast Theo van Gogh, groeide de ontvankelijkheid voor het thema. De Oostenrijkse kanselier Schüssel zegde begin deze maand toe een vervolgconferentie te zullen organiseren tijdens het Oostenrijkse voorzitterschap in de eerste helft van 2006. De voorzitters voor 2005, achtereenvolgens Luxemburg en Groot-Brittannië, beperkten zich op dit terrein echter tot een oorverdovende stilte. Balkenende zelf is echter trots op zijn aanzet tot het waardendebat. ,,Als je dat onderwerp als voorzitter op de agenda hebt weten te krijgen, dan doe je iets bijzonders. Zoiets heeft nog niemand anders ooit gedaan.''

Maar ook Balkenende erkende dat het grote publiek het succes van het voorzitterschap toch vooral zou afmeten aan de afloop van het Turkije-dossier. Al konden de champagne-kurken vrijdagavond ten slotte toch nog knallen, het is maar de vraag of het inderdaad de opmaat vormt voor een volwaardig Turks lidmaatschap van de EU. De afgelopen maanden is het verzet in veel Europese landen tegen een Turks lidmaatschap aanzienlijk toegenomen en vooralsnog wijst niets erop dat deze sentimenten minder worden. Na Frankrijk kondigde afgelopen vrijdag ook Oostenrijk een referendum aan over dit onderwerp.

Gevraagd in het programma Buitenhof of de mogelijkheid nu niet groot is dat Turkije geen lid kan worden van de EU, was minister Bot gisteren dan ook eerlijk: ,,Die kans is groot. Dat is een onprettige gedachte. Ik vind het niet helemaal eerlijk om tijdens het spel de doelpalen te verwisselen.'' Aan de andere kant: dit zal pas gaan spelen als de onderhandelingen over tien tot vijftien jaar zijn afgerond. Ruim voorbij het Nederlandse voorzitterschap dus.