Uitbundige `Vuurvogel' van Brandsen (Gerectificeerd)

Voor het Diaghilev Festival presenteert Het Nationale Ballet Russische sprookjes, een programma met drie balletten van Les Ballets Russes: hernemingen van Petroejska (1911) en Les Sylphides (1999), in de oerversies van choreograaf Michel Fokine, en een een nieuwe versie van Vuurvogel door Ted Brandsen. Deze maand staat het gezelschap in het Amsterdamse Muziektheater, eind januari speelt het op het Diaghilev Festival in Groningen.

In de beginjaren afficheerde Les Ballets Russes zich met Russische exotica, ontleend aan sprookjes en legenden vol mythische wezens. De vormgeving was kleurrijk, en de balletten werden verlevendigd met ritmische en sierlijke folkloredansen. De vliegende start van de groep te Parijs, begin twintigste eeuw, valt behalve aan de energieke leider Serge Diaghilev en de aankleding toe te schrijven aan componist Igor Stravinsky en choreograaf Fokine, beiden vernieuwers die de traditie niet uit het oog verloren.

L'Oiseau de feu (`De Vuurvogel'), Stravinsky's debuut in het ballet, heeft een romantisch onderwerp: de strijd tussen Goed en Kwaad die uitgevochten wordt rond de dolende prins Ivan en de betoverde prinses Goloebka. De protagonisten zijn de slechte tovenaar Kajtsjej en de bovennatuurlijke, licht en leven brengende Vuurvogel.

Ted Brandsen haalt voor zijn Vuurvogel alles uit de kast om de Russische sprookjessfeer tot z'n recht te doen komen. Paul Gallis' decor is een imposant ijslandschap dat het Koninkrijk van het Kwaad voorstelt. Dat kleurt soms grijsblauw, grimmig en kil, maar wanneer oranje licht van binnenuit schijnt, ontstaat een lieflijk feeëriek plaatje. Ontwerper Francois-Noël Cherpin heeft zich bij de kleurrijke kleding van de `vogelvrouwen' vermoedelijk laten inspireren door het oorspronkelijke ontwerp van Leon Bakst. De zilveren en witbonte kostuums voor Kajtsjej's volgelingen ogen futuristisch.

Het verhaal werd door dramaturge Janine Brogt teruggebracht tot de essentie. Dat schept helderheid, maar neemt ook iets van de magie weg. Brandsen taalt nooit naar psychologie of symboliek. Hij zoekt het liever in vlotte groepsdansen, en maakte een robuust klassieke pas de deux voor Ivan (een levendige Gaël Lambiotte) en Goloebka (een serene Ruta Jezerskyte).

De grootste troef in Vuurvogel is de hoofdrol die Brandsen creëerde voor Sofiane Sylve, ex-soliste van Het Nationale Ballet, die vijf weken vrij kreeg van het New York City Ballet. Wie kan de vuurvogel beter dansen dan deze temperamentvolle Franse ballerina? Brandsen laat Sylve excelleren in haar vurige aanpak, majestueuze beheersing en warme uitstraling.

Soms raakt Vuurvogel de rand van kitsch, vooral door de belichting. Maar wanneer in de apotheose, ten teken van overwinning van de lente op de winter en van het leven op de dood, een heel berkenbos verrijst, is dat even verbazend en verrassend als dat ooit voor Serge Diaghilev moet zijn geweest.

Samen met het bonte spektakel Petroesjka en het poëtische Les Sylphides is dit een onderhoudend en betoverend programma.

Voorstelling: Russische Sprookjes, door Het Nationale Ballet. Orkest: Holland Symfonia o.l.v. E. Florio. Gezien: 16/12 Muziektheater, Amsterdam. Aldaar t/m 1/1. Inl. 020-6255455 of www.het-ballet.nl. 29/1: Groningen, www.diaghilevfestival.nl

Rectificatie

Les Sylphides

In de recensie Uitbundige `Vuurvogel' van Brandsen (20 december, pagina 9) staat dat Fokines ballet Les Sylphides is gemaakt in 1999. Het was in 1909.