Politieke crisis binnen Servische Republiek Bosnië

De Servische Republiek in Bosnië maakt een diepe crisis door na de sancties van Bosnië-bestuurder Paddy Ashdown en de Amerikaanse regering tegen leidende functionarissen van de Servische entiteit in Bosnië.

Ashdown ontsloeg vorige week donderdag zes politiecommissarissen en drie lokale ambtenaren in de Servische Republiek. Hij gaf daarvoor twee redenen op: de weigering van de regering in Banja Luka samen te werken met het Joegoslavië-tribunaal bij het oppakken van oorlogsmisdadigers, en de weigering van de regering van de Servische Republiek om in te stemmen met de fusie van de politie in de Servische Republiek met die van de moslim-Kroatische federatie. Die fusie is nodig om Bosnië één politiemacht te geven.

Op dezelfde dag kondigde Washington sancties aan: een aantal leidende politici van de Servische Republiek krijgt geen visum voor de VS meer – een maatregel die naar verwacht door een soortgelijke sanctie van de EU zal worden gevolgd.

In Banja Luka werd met woede gereageerd op deze maatregelen. Premier Dragan Mikerevic van de Servische Republiek trad af. Hij zei ,,niet bereid te zijn de dreigementen en ultimata van de Hoge Vertegenwoordiger [Ashdown] te accepteren en uit te voeren.''

Het afgelopen weekeinde trad ook de minister van Buitenlandse Zaken van de eenheidsregering van Bosnië, Mladen Ivanic, een Bosnische Serviër – en oud-premier van de Servische Republiek – af, uit protest tegen de besluiten van Ashdown. Verder werd aangekondigd dat de Bosnische minister van Transport en de onderminister van Burgerzaken uit de regering van Bosnië zouden treden. Alle opgestapte leiders zijn lid van de kleine Partij voor Democratische Vooruitgang (PDP), die in de Servische Republiek regeert samen met de grotere Servische Democratische Partij.

De crisis is nog verergerd door een suggestie van Ashdown dat de internationale gemeenschap de opheffing van de Servische Republiek zou overwegen. Ashdown deed die suggestie in een vraaggesprek met een krant in de Servische Republiek. Minister van Buitenlandse Zaken Ivanic zei dat Ashdown aanstuurt op de vorming van ,,een Bosnië zonder de Servische Republiek'', hetgeen ,,een aanval betekent op ons'' en gezien moet worden als een strafmaatregel tegen het verzet van de Bosnische Serviërs tegen ,,schendingen van de grondwet''. Gisteren ontkende Ashdown dat de Servische Republiek wordt opgeheven: ,,Het [vredes]akkoord van Dayton garandeert het voortbestaan van de Servische entiteit in Bosnië-Herzegovina''.

De sancties tegen de leiders van de Servische Republiek in Bosnië zijn ook in buurland Servië slecht gevallen. President Boris Tadic veroordeelde ze gisteren als de verkeerde maatregelen tegen de verkeerde mensen en premier Vojislav Koštunica liet aankondigen ,,maatregelen'' te nemen, zonder dat overigens werd toegelicht waaruit die bestaan.