Vierletterwoordwaarde

In de 45ste en laatste aflevering van zijn thematische serie over wereldliteratuur buigt Pieter Steinz zich over verboden boeken in het algemeen en Lady Chatterley's Lover van D.H. Lawrence in het bijzonder.

`Lees mee met NRC' luidt de titel van deze rubriek, en na een jaar van reacties en suggesties wil ik in de slotaflevering graag alle enthousiaste meelezers bedanken. Vooral degenen die me wezen op de fout waarmee ik vorige week het stuk over seks in de fictie begon. Wendy Perriams beschrijving van een krijtstreeppenis was namelijk al twee jaar oud en dus niet de winnaar van de Bad Sex in Fiction Award 2004. Die eer ging afgelopen maandag naar Tom Wolfe, voor maar liefst drie passages in I Am Charlotte Simmons, een roman over een onschuldig plattelandsmeisje dat kapot gaat aan de oversekste sfeer op een Amerikaanse universiteit.

Winnen schrijvers tegenwoordig prijzen voor de seks in hun romans, vroeger werden ze er doorgaans om verketterd. De reden dat De 120 dagen van Sodom van D.A.F. de Sade pas na honderdvijftig jaar gepubliceerd werd, was niet de subversieve filosofie die van de bladzijden afspat, maar de kinky sex. Dat Sister Carrie van Theodore Dreiser pas na twaalf jaar door de Amerikaanse censor werd `vrijgegeven', kwam door de seksscènes; en hetzelfde geldt mutatis mutandis voor Joyce' Ulysses en het oeuvre van Alberto Moravia. Het is pas sinds een jaar of veertig dat – in de westerse wereld althans – romans met een flinke dosis seks weinig meer van de rechter te vrezen hebben. Sinds 1960, om precies te zijn, toen Penguin Books na een geruchtmakend proces werd vrijgesproken van het uitgeven van obsceniteiten, te weten de roman Lady Chatterley's Lover van D.H. Lawrence.

De schrijver was toen al dertig jaar dood. Hij had Lady Chatterley's Lover in 1928 bij een kleine uitgeverij in Florence gepubliceerd omdat hij terecht voorvoelde dat zijn reguliere uitgevers weinig heil zouden zien in een roman die Lawrence zelf omschreef als `absoluut onbetamelijk'; bovendien was hij gewaarschuwd door de reactie van de eerste bewerkster van zijn manuscript, die weigerde om verder te typen dan hoofdstuk vijf. Lady Chatterley's Lover, het verhaal van een vrouw die haar verschraalde leven ontvlucht door een relatie met een viriele jachtopziener, werd vervolgens geweerd door Engelse boekverkopers en geconfisqueerd door Amerikaanse douanebeambten. Pas twee jaar na Lawrence' dood, in 1932, kwam een eerste, gecensureerde editie uit in Londen, 28 jaar later gevolgd door de volledige uitgave.

Het was niet alleen Lawrence' verheerlijking van de penis en het vrouwelijk orgasme die post-Victoriaans Engeland schokte. Ook de `four-letter words' die hij zijn hoofdpersonen in hun mond legde, waren op z'n zachtst gezegd ongehoord. Preutse lezers hadden het liefst gehad dat Oliver Mellors en Connie Chatterley hun lul en kut het hele boek door hadden aangeduid met de spreekwoordelijk geworden koosnaampjes John Thomas en Lady Jane. Maar Lawrence was op een heilige missie: hij wilde zijn tijdgenoten duidelijk maken dat goed neuken de verstoorde relatie tussen de seksen (en tussen de klassen) kon herstellen; daartoe was het nodig om seks uit de sfeer van het geheime en het verbodene te halen, en waar kon je beter beginnen dan bij het onverbloemd benoemen van alles wat er mee te maken had?

Lady Chatterley's Lover begint met een beroemde zin: `Onze eeuw is in essentie tragisch, dus weigeren we om hem tragisch op te vatten.' Lawrence beschrijft vervolgens de (morele) puinhopen waartussen de Engelsen na de Grote Oorlog een nieuw bestaan proberen op te bouwen. De materialistische Clifford Chatterley, de halfverlamde en impotente echtgenoot van Connie, is een symbool voor de koudbloedige, arrogante aristocratie die Groot-Brittannië in een knellende greep houdt. Volgens Lawrence kon goede seks de maatschappij beter maken, en de relatie van de gepassioneerde Connie met de rechtdoorzeeë Mellors was zijn blauwdruk voor een brave new world. Dat zijn laatste roman onzedelijk werd gevonden, zal hem siberisch hebben gelaten. Want, zoals Oscar Wilde al schreef in The Picture of Dorian Gray: `De boeken die de wereld onzedelijk noemt zijn de boeken die de wereld haar eigen schande laat zien.'

Reacties: steinz@nrc.nl

D.H. Lawrence: `Lady Chatterley's Lover' (Penguin Modern Classics).

Dit is de laatste aflevering van `Lees mee met NRC'. Op 7 januari begint Pieter Steinz met een nieuwe, tweewekelijkse serie over leeslijstklassiekers, `De literaire X-factor'.