Vergelijken islamofobie met antisemitisme onhoudbaar

De stelling van rabbijn Soetendorp `Islamofobie is vergelijkbaar met antisemitisme' (Opinie & Debat, 11 december) lijkt me onhoudbaar. Van een overeenkomst kan namelijk alleen worden gesproken als de achterliggende oorzaken vergelijkbaar zijn, hetgeen niet het geval is. Er bestond in de jaren '30 van de twintigste eeuw bijvoorbeeld geen joods terrorisme, er waren geen fanatieke joden die het parlement middels doodsbedreigingen ontwrichtten, er waren geen rabbijnen die in de synagoge haat zaaiden tegen het Westen, of adviseerden homo's van het dak te gooien, enz. Voor het antisemitisme bestond, om kort te gaan, geen enkele rechtvaardiging en was dan ook, voorzover in Nederland aanwezig, volledig door de nazi's geïmporteerd. De vergelijking is dus niet alleen onterecht, maar ook ongepast. Het probleem voor Soetendorp, en voor velen met hem (zoals Dijkstal), is het feit dat de islam een religie is, en geen `gewone' totalitaire stroming, zoals bijvoorbeeld het fascisme of het nationaal-socialisme. Hoe veel gemakkelijker zou het dan zijn, zeker voor de `linkse kerk', om facetten van deze stroming subiet te veroordelen, terwijl dat nu onmogelijk lijkt door het etiket `religie' dat erop is geplakt.

Misschien is het verbodsartikel in de Grondwet over discriminatie op grond van ras of geloofsovertuiging hier ook debet aan. Ondoordacht is dit artikel, omdat ras en geloofsovertuiging er in één adem genoemd worden, waardoor negatieve kritiek op een andere religie dikwijls, en ten onrechte, als racisme wordt afgedaan. Onvolledig is het, omdat het verbod onvoorwaardelijk moet zijn voor wat betreft ras, maar voorwaardelijk voor wat betreft geloofsovertuiging, omdat er nu stilzwijgend achter kan worden gedacht: `ongeacht hoe misdadig die overtuiging ook is'.