Testosteron-kerncentrale

Maartje Duin keert haar handtas om en vindt een kleverige herinnering aan een middag in New York.

Eens in de zoveel weken zet ik mijn handtas op de kop om de gebruiksvoorwerpen (nagelvijltje, naaigarnituurtje, ademverfrisser) te scheiden van de nutteloze prullen (snoeppapiertjes, parkeerbonnetjes, visitekaartjes van reeds lang vergeten figuren). Sommige voorwerpen blijven echter ondanks hun prullenstatus eeuwig in mijn tas zitten. Vaak omdat er een herinnering aan kleeft. Zo ook twee cocktailstaafjes van de Stock Exchange Luncheon Club in New York. Ze belandden in mijn tas tijdens een namiddag in september.

De Luncheon Club bevindt zich op Wall Street 11, een paar verdiepingen boven de beursvloer. Ik was er samen met een vriendin, Tonya. Onze gastheer, laten we hem Phil noemen, was een keurig getrouwde huisvader van vierenveertig die het niettemin voorzien had op mijn vriendin van tweeëntwintig. Daarop duidde althans zijn vraag: ,,Hoe vaak gaat vierenveertig in tweeëntwintig?'' Voor haar antwoord – ,,minder dan één keer'' – leek hij doof.

Hij bood haar een rondleiding op de beurs aan. ,,Alleen als ik een vriendin mag meenemen'', zei zij. Gretig aanvaardde ik de rol van sullige chaperonne.

Het was die middag rustig op Wall Street. De Republikeinse Conventie was aan de gang en New York was meer bezig met Bush dan met de beurs.

Met grote ogen liepen Tonya en ik door de verschillende ruimtes, terwijl ons het verschil werd uitgelegd tussen aandelen en opties, de Dow Jones en de NASDAQ, de US 100 en de TMT... krijg nou wat, die Phil was hier een populaire figuur, zeg, of leek dat maar zo? ,,Hai Phil!'' ,,Phil, my man!'' klonk het aan alle kanten. Ik wist niet wat me overkwam. Ik had nog nooit zoveel goedgeklede mannen in de bloei van hun leven op zo'n klein oppervlak bij elkaar gezien. Nog nooit zóveel mannen in zó'n korte tijd naar mij zien kijken. Het was... alsof je door een soort... kerncentrale... met testosteron... liep.

Tijd voor verfrissing. Phil nam ons mee naar de Luncheon Club. Zwijnen- en hertenkoppen staken fier uit de muren van de lobby. In de aanpalende ruimte, met leestafel en open haard, lagen makelaars in Chesterfield-fauteuils met open mond te slapen, hun jasjes over de leuning.

,,Kan ik hier naar de wc?'', vroeg ik.

,,Zal ik je een leuk verhaal over vertellen'', zei Phil. ,,Tot 1987 waren hier geen dameswc's. Er was gewoon geen vraag naar! Zie je die telefooncel? Die hebben ze toen maar verbouwd.''

Toen ik terugkwam in de bar, had Phil cocktails besteld. Hij leunde gevaarlijk dicht tegen Tonya aan. Deze wierp mij een veelbetekenende blik toe. Ik wurmde me tussen hen in.

Het dagelijks leven van Phil Delano. Om vijf uur stond hij op. Om zes uur reed een chauffeur hem naar kantoor, zodat hij in de auto stukken kon doornemen. Op kantoor zat hij vergaderingen voor, totdat de beurs openging, om half tien. Op Wall Street was hij tot sluitingstijd, vier uur. Daarna had hij afspraken met klanten, al dan niet in restaurants. Meestal kwam hij rond middernacht thuis.

,,En wanneer zie je je kinderen?'', vroeg Tonya.

,,In het weekend.''

,,En je vrouw?''

,,Haar zie ik genoeg.''

Hoewel Phil tot de senioren van de beurs behoorde, peinsde hij er niet over om ermee te stoppen. ,,Geld is niet belangrijk voor me'', zei hij. ,,De beurs is mijn leven. Ik hoop hier tot mijn tachtigste te blijven werken. Dan val ik er waarschijnlijk bij neer.''

Het gesprek kwam op de conventie, waar wij Phil hadden ontmoet. Hij was er op uitnodiging. ,,Dat is ze geraden ook, na al het geld dat ik ze heb gegeven.''

Toch beschouwde hij zichzelf niet als Republikein. Ook de kas van de Democraten spekte hij. En ook voor hun conventie werd hij uitgenodigd. ,,Ik noem mezelf het liefst political'', zei hij.

De laatste tijd werden de geruchten steeds sterker dat de dienstplicht weer zou worden ingevoerd. ,,Mijn oudste zoon is vijftien. Als die over drie jaar wordt opgeroepen, wil ik een senator kunnen bellen en zeggen: zet hem op de lijst afgekeurden. Of dat nou een Republikein of een Democraat is.''

Wij roerden in onze Manhattans. Op de cocktailstaafjes stond een afbeelding van een stier en een beer die met elkaar in gevecht waren. Het symbool van de aandelenmarkt, zei Phil. ,,Je kunt niet zien of de stier de beer in zijn greep heeft, of dat de beer bezig is aan een come-back. Dat is het prachtige aan dit vak. Je weet nooit wie er wint: de stier of de beer, de vraag of het aanbod...''

,,... de man of de vrouw'', grinnikte Tonya, terwijl ik de cocktailstaafjes in mijn tas liet glijden.