Tekort aan slaap werkt op hormonen en maakt hongerig

Te korte nachtrust kon weleens een van de oorzaken zijn van de epidemie van vetzucht die we doormaken. Slaaptekort zorgt voor veranderingen in bepaalde hormonen, wat de eetlust aanwakkert (Annals of Internal Medicine, 7 dec).

In een Belgisch/Amerikaans experiment bij twaalf gezonde jonge mannelijke vrijwilligers mocht de ene helft eerst twee nachten vier uur slapen en daarna twee nachten tien uur. Bij de andere helft was het precies andersom. Alle deelnemers kregen de tweede korte nacht een infuus met een vaste hoeveelheid glucose, zodat hun inname aan calorieën precies bekend was. Voor en na het experiment stelde men de concentraties van ghreline en leptine in hun bloed vast. Dat zijn twee hormonen die als het ware het gas en de rem voor de eetlust vormen: ghreline uit de maag geeft een hongergevoel terwijl leptine uit vetcellen juist een gevoel van verzadiging verwekt.

Na een korte nacht van vier uur slaap bleek ghreline met gemiddeld zo'n 30% toe te nemen, terwijl tegelijk leptine met gemiddeld 18% afnam, vergeleken met de lange nacht. Dat is vergelijkbaar met de verschuiving die optreedt als iemand een driedaags dieet heeft volgehouden van 900 calorieën per dag. De deelnemers zeiden verder dat ze zich na een korte nacht ook veel hongeriger voelden, terwijl in werkelijkheid hun lichaamsgewicht in de korte nachten constant gebleven was. Opvallend was ook de verschuiving in de voedselkeuze naarmate het hongergevoel toenam; er was nu een voorkeur voor snoep, koekjes en cake in plaats van voor fruit, groente of melkproducten. Waarom dat zo is, is onduidelijk. Zeker is dat de hersenen op glucose draaien. Waarschijnlijk zoekt het brein tijdens de stress door slaaptekort gewoon naar `directe' energie.

Tegelijk wijzen resultaten van de Wisconsin Sleep Cohort Study (PLOS Medicine, dec) op een verband tussen eetlust en slaapduur. Het gaat hier om een in 1989 gestart langlopend onderzoek naar slaapgewoonten en gezondheid onder ruim duizend volwassenen. Daaruit blijkt dat er een U-vormige relatie bestaat tussen de hoeveelheid slaap en het lichaamsgewicht: mensen die gemiddeld per nacht 7 à 8 uur slapen, hebben een lager lichaamsgewicht dan kort- en langslapers. Ook hier zag men een verschil in hormoonconcentraties: ghreline was 14,9% hoger en leptine juist 15,5% lager bij mensen die doorsnee vijf uur sliepen vergeleken met de normale acht uur slaap.