`Soms moet je iets laten knallen'

Trinko Keen (33) is bezig aan zijn tweede pingpongjeugd. Hij is 21ste van de wereld en mag meedoen aan het Top 12-toernooi. Hij geeft zijn individuele carrière voorrang boven het Nederlands team, waar zijn maatje Danny Heister bondscoach werd. ,,Je moet onze relatie niet romantiseren.''

De tafeltennistweeling is niet meer. Na meer dan twintig jaar zijn Trinko Keen en Danny Heister gebrouilleerd. Twee linkshandige spelers uit Gelderland die in het enkelspel en het dubbelspel nationale en internationale successen vierden. Na het afscheid van Bettine Vriesekoop vormden zij de uitzondering op de regel dat het Nederlandse pingpong niets meer voorstelt. Ze zeggen elkaar in het voorbijgaan nog wel `goeiedag'. Maar een serieuze woordenwisseling tussen de onafscheidelijke topsporters die lief (titels) en leed (overleden vaders) met elkaar hebben gedeeld, is er sinds september van dit jaar niet meer bij. Heister werd bondscoach (playing captain) van het nationale team, Keen weigerde op hetzelfde moment het landsbelang te dienen. Toeval of niet?

,,Ik heb vijftien jaar lang alles gegeven aan de bond'', verklaart Keen zijn recente werkweigering. ,,Ik heb bijna altijd aan mijn interlandverplichtingen voldaan én ik heb door mijn individuele prestaties de NTTB ook een enorme dienst bewezen. Van huis uit ben ik opgegroeid in bondsstructuren. Mijn ouders hebben me opgevoed met verantwoordelijkheidsgevoel. Maar ik moest een keer voor mezelf kiezen. Ik wilde ook een andere dubbelpartner, maar dat staat er los van. Ik was vorig jaar op een tweesprong aangeland. Ver voordat de bond met Danny op de proppen kwam, had ik mijn keuze gemaakt. Ik ben fullprof en vraag alleen een beetje respect voor mijn beslissing. Van een machtsstrijd is geen sprake.''

Keen spreekt in sportcentrum Papendal in voorzichtige bewoordingen. Hij wil zijn oude maatje niet beledigen. Hij toont begrip voor de ambities van bondscoach Heister die ,,spelers goed kan begeleiden''. En hij koestert zelf ,,voorlopig geen enkele ambitie om trainer te worden, dus van afgunst of jaloezie is geen sprake''. Wel heeft hij zich gepasseerd gevoeld bij de plotselinge aanstelling van Heister. ,,De Spelen waren nog niet eens geëvalueerd, of ze kwamen met Danny op de proppen. Er was genoeg stof om over te praten. Er was van alle kanten onrust bij de bond en ik ben alleen gebaat bij rust, dus heb ik bedankt voor de eer. Ik kan niet spelen met een partner die tegelijkerijd coach is. Jammer voor Danny, jammer voor het Nederlandse tafeltennis, beter voor mij. De resultaten liegen niet. Ik presteer goed, heb dus een juiste keuze gemaakt.''

Keen verwacht dat het wel weer goed komt met Heister; een kwestie van wederzijds respect. ,,We hadden allebei behoefte aan een andere samenwerking, alleen heb ik wel vijf keer geprobeerd contact te zoeken en hield hij de deur dicht. We hanteren allebei het harmoniemodel, maar soms moet iets knallen om dingen duidelijk te krijgen. De breuk is `hardleers' tot stand gekomen, achteraf had het beter `zachtleers' gekund. Uiteindelijk zal het op zijn pootjes terecht komen. Ik ben geen rancuneus type en Danny ook niet. Het heeft alleen tijd nodig. Danny is bondscoach, ik speel niet voor het nationaal team, meer moet je er niet achter zoeken.''

Keen nuanceert zijn innige band met Heister. ,,Vergeet niet dat we elkaar nooit hebben uitgekozen. We kwamen toevallig uit dezelfde provincie en hadden meer talent en doorzettingsvermogen dan de andere jongens. Dus kwamen we elkaar overal tegen en werden we automatisch trainingsmaatjes. Bij gebrek aan beter waren we tot elkaar veroordeeld of liever gezegd: op elkaar aangewezen. We hebben ons kunnen optrekken. We waren rivalen en collega's tegelijkertijd. Een ingewikkelde combinatie, waar we allebei wel eens last van hadden. Als je elkaar zo veel ziet, word je vanzelf vrienden. Maar buiten de trainingen en de toernooien zagen we elkaar weinig. Het romantische beeld over Keen en Heister klopt niet.''

Op weg naar de Olympische Spelen waren de eerste wrijvingen al voelbaar. Ze hadden hetzelfde doel en hebben in de woorden van Keen ,,geknokt voor de ander om er in het dubbelspel samen te komen''. Keen plaatste zich als allerlaatste voor Athene. ,,Het kwam uit mijn tenen.'' Een zware loting en een gebrek aan topvorm zorgden in de Griekse hoofdstad voor een snelle uitschakeling in het enkel- en dubbelspel. ,,Ik was daar absoluut niet goed genoeg, een pijnlijke constatering.''

Er kwam ook een roemloos einde aan het verstandshuwelijk tussen de twee tegenpolen. Linkshandige spelers vormen een ongebruikelijke combinatie achter de tafeltennistafel; ze plegen elkaar nog wel eens in de weg te lopen. Bij gebrek aan beter (lees: goede rechtshandige spelers) maakten ze van de nood een deugd. ,,Ook al sloegen we geen bal raak, we werden toch wel geselecteerd'', schampert Keen. Kroon op de samenwerking was een derde plaats op de Europese kampioenschappen in 1998. Keen won toen ook brons in het enkelspel. ,,Een topjaar, maar ook een klotejaar. Ik worstelde met mijn identiteit'', weet hij nu.

Keen vindt niet dat hij de enige spelbreker zou zijn geweest in de relatie met Heister. ,,Danny ging al veel langer zijn eigen weg. Hij kreeg een gezin en ging andere prioriteiten stellen. Ik ben me juist helemaal gaan focussen op tafeltennis. Ik had geleerd van eerdere ervaringen, toen ik de sport wilde combineren met een HEAO-studie. Ik had vorig jaar december geen motivatie meer en heb mezelf met hulp van Joop Alberda (scheidend directeur sportkoepel NOC*NSF, red.) nog één keer kunnen oprichten. Alles moest wijken voor mijn eigen prestatie, ook het spelen in het Nederlands team, dat een topprestatie in de weg stond '', weet de huidige nummer 21 van de mondiale ranking.

De tafeltennisbond NTTB verweet Keen in een persbericht contractbreuk, toen hij bedankte voor de interland tegen Engeland begin vorige maand. Witheet was hij om ,,deze leugen''. Later erkende de bond dat Keen nooit op papier zijn deelname in het Nederlands team had bevestigd. ,,Dus was het helemaal geen contractbreuk'', zegt hij boos. Volgende maand speelt hij ook niet mee tegen Rusland. Door zijn afwezigheid is plaatsing voor het EK verder weg dan ooit. Keen dupeert dus ook zichzelf, benadrukt hij enkele malen tijdens het gesprek. Hij zou wat graag in het landentoernooi willen schitteren. Maar niet ten koste van zijn huidige bestaan als clubspeler in de Zuid-Duitse provinciestad Pluederhausen. Keen is voor bijna duizend toeschouwers dé publiekslieveling bij de koploper van de Bundesliga, de sterkste clubcompetitie van Europa. Hij is in de tweede seizoenshelft nog ongeslagen. Bij de Duitse Open versloeg hij vorige maand nog de halve wereldtop. Pingpongminnend Pluederhausen loopt sindsdien met hem weg. Keen oogt ook als een Duitse sportman, met zijn blonde haren en zijn vechtersmentaliteit.

,,Een geweldige ervaring'', zegt de zelfstandig ondernemer die vanuit zijn woonplaats Arnhem per trein de Duitse thuiswedstrijden bezoekt. ,,Laptopje op schoot en onderweg de administratie doen. Ik ben binnen vijf uur voorbij Stuttgart en sta lekker fris achter de tafel.'' Hij geniet van zijn Zweedse ploeggenoten Jan Ove Waldner en Jörgen Persson, twee tafeltennissers die respectievelijk twintig en vijftien jaar aan de Europese top staan. Vergeleken met hun erelijst komt de 33-jarige Nederlander net kijken. ,,Die gasten zijn zó rustig en zó gedreven. Niet dat nerveuze gedoe zoals in Nederland. Zweden telt minder leden, maar heeft altijd kunnen beschikken over goede clubtrainers. Die bepalen met de ouders het succes van een talent, niet de coaches van de bond, dat wordt hier nog wel eens vergeten.''

Manager Geritt Albrecht van Pluederhausen onderstreept de kleinschaligheid van de club in de vorm van alternatieve overnachtingen. De spelers slapen niet in hotels, maar bij gastgezinnen. Veelverdiener Keen ligt bij miljonair Waldner op de kamer. De 38-jarige balvirtuoos werd in Zweden uitgeroepen tot sportman van de eeuw; hij kreeg meer stemmen dan skiheld Ingemar Stenmark en tennislegende Björn Borg. In China is hij mateloos populair, want de enige Europees die zich kan meten met de Aziatische topspelers. Waldner opende onlangs een sportcafé in Peking. ,,Het was daar echt een gekkenhuis'', weet Keen.

Over zijn huisgenoot, die met de huispoes op schoot op de sofa ligt, zegt hij lachend:. ,,Jan Ove heeft de oudste rechten en mag met de kat naar bed. Die begint al te miauwen als hij zijn tanden gaat poetsen. We kijken samen tv en wedden wie er gaat winnen bij het golfen of een ander spel dat langs komt. Beetje melig, maar wel gezellig.'' Keen ontkent dat Waldner een lunatic is en zegt geen bewijzen te hebben voor diens vermeende gokverslaving. ,,Niemand weet wat hij precies uitspookt. Dat maakt hem zo mysterieus.'' Zeker is dat Waldner op paardenraces wedt en een boezemvriend is van oud-voetballer Thomas Brolin, een andere Zweedse sportheld die vaak in het uitgaansleven van Stockholm wordt gesignaleerd. Vergeleken met Waldner voelt Keen, die in zijn vrije tijd leest en muziek speelt, zich meer een burgerman.

,,Jan Ove slaat op de training nooit meer dan twintig of dertig ballen achter elkaar, want het gaat bij hem niet om de kwantiteit maar om de kwaliteit'', weet de minder getalenteerde Keen die zelf als een trainingsbeest bekendstaat. ,,In Zweden denken de jonge gasten nu ook dat ze zo moeten trainen, maar ze vergeten dat hij in zijn jeugd net als ik zes of zeven uur per dag achter de tafel stond. Hij heeft toen een basis gelegd, waarop hij met al zijn kwaliteiten nu kan voortborduren. Hij is een koele kikker, maar ik heb hem echt wel eens nerveus gezien. En hij baalt van de nederlagen die hij in de Bundesliga lijdt. Ik haal nu hogere percentages. Hij heeft meer moeite met de motivatie. Ik kan nog jaren doorgaan op deze weg.''

Onverzadigbaar lijkt Trinko Keen, de pingponger die de chaos uit zijn hoofd heeft verbannen. De gewezen zenuwpees heeft innerlijke rust gevonden en profiteert nu van zijn jarenlange ervaring met bal en batje. ,,Met vallen en opstaan heb ik de top bereikt. Dit is voor mij de enige manier om topsport te bedrijven. Er is geen ruimte meer voor piekeren. Ik heb een lijn uitgezet en geloof heilig in de richting die ik ben uitgegaan. Ik ben eindelijk volwassen.''