Hemelbed

Elke avond, als Fatima Fateh in het hemelbed stapt en tegen haar dochter aankruipt, is ze gelukkig. Ze hebben te eten en te drinken, ze kunnen slapen, er zijn kleren en het is gezellig met de andere vluchtelingenvrouwen en kinderen. ,,Dan denk ik: ik ben een goed mens geworden.''

Maar de volgende ochtend, als Fatima Fateh weer uit het hemelbed stapt, is ze nerveus, agressief soms. Heeft ze geen zin in grappen over grote borsten, kleine borsten, dikke billen, dunne billen en snauwt ze dat het niet alle dagen zondag is. ,,Dan denk ik: ik ben een slecht mens geworden.''

Fatima Fateh (30) is illegaal in Nederland. Ze draagt hier een andere naam dan in Tunesië, het land waar ze tot juli 2000 woonde. Ze heeft, vertelt ze, de familie te schande gemaakt door illegaal in een moskee in Nederland te trouwen met een illegale Tunesiër. ,,En omdat de imam geen papieren heeft gegeven, denkt de familie dat ik een slechte vrouw ben. Ik ben mijn leven niet meer zeker.''

Drie keer heeft ze twee verschillende ministers geschreven. En drie keer schreven ze terug: we geloven je verhaal, maar asiel krijg je niet, want voor de wet moet je terug. Maar Fatima Fateh durft niet terug. Zeker niet nu haar man haar heeft laten zitten en weer in Tunesië woont. ,,Mijn ouders, vooral mijn ooms en tantes, zijn strenge moslims.''

Fatima Fateh leeft in de bossen van Rosmalen een verborgen leven met 90 illegale vluchtelingen bij de Stichting Vast. Haar dochter gaat 's ochtends naar de crèche en speelt 's middags met de andere vluchtelingenkinderen. Op woensdag tekent ze met zusters die vrijwilligerswerk doen. Ahlem laat een tekening zien: twee koppoters in een hemelbed: ,,Dat zijn mama en ik.''

Fatima Fateh, trots: ,,Ik heb alleen mijn dochter. Maar dan ben je rijk.''

Ahlem trekt de ijskast open. Ze drinkt melk uit een pak.

Fatima Fateh: ,,Grijs bestaat in mijn leven niet meer. Het is zwart of wit. Ik ben er sterker door geworden. En God is niet boos op mij. Ik doe geen slechte dingen. God moet weten dat ik goed ben.''

Dit is het laatste deel van een serie over de 5.000 uitgeprocedeerde asielzoekers. Met dank aan VluchtelingenWerk Nederland en SOS Wereldwijs in Den Bosch.