Bastet krijgt P.C. Hooft voor essays

Aan de essayist en Couperus-biograaf F.L. Bastet is gisteren de P.C. Hooft-prijs voor essayistiek toegekend. De jury van de prijs, die in mei 2005 feestelijk wordt uitgereikt, noemt Bastet ,,een meester van de evocatie''. De schrijver zelf was zeer verrast.

,,Wat ik het meeste ben: wetenschapper, schrijver, biograaf? Bij mij kwam altijd het een van het ander.'' Aldus F.L. Bastet drie jaar geleden in een interview met Aleid Truijens. De Leidse archeoloog, die in de jaren zeventig en tachtig grote bekendheid verwierf met zijn in het Cultureel Supplement gepubliceerde `wandelingen door de antieke wereld', kreeg donderdag de P.C. Hooft-prijs voor letterkunde.

Het juryrapport van de Hooft-prijs, die eens in de drie jaar wordt uitgereikt aan een essayist, prijst Bastet omdat hij ,,het genre van het essay verrijkt en getransformeerd [heeft]. Door geruisloos terug te treden, is hij een meester van de evocatie. Hij is de auteur van een buitengewoon oeuvre zonder enig effectbejag, maar met een onweerstaanbare uitwerking: een prachtige weergave van het antieke Europa.''

In een reactie op de toekenning zei Bastet vanmorgen dat de prijs ,,totaal onverwachts'' is gekomen en dat hij zich erover verbaast dat hij hem heeft gekregen voor zijn essays. ,,Het laatste boek met `wandelingen' is al vele jaren geleden.'' Sindsdien was Bastet vooral bekend als kenner van het leven van Louis Couperus, aan wie hij in 1987 een grote biografie wijdde en in 2001 een bundel essays onder de titel Al die verloren paradijzen. In de jury van de Hooft-prijs zaten dit jaar onder anderen Frida Balk-Smit Duyzentkunst (voorzitter) en de negentiende-eeuwspecialiste Marita Mathijsen.

Fréderic Louis Bastet werd geboren in 1926 en studeerde klassieke talen en archeologie te Leiden. Hij debuteerde als schrijver met De aardbeving (1959), als dichter met Gedichten (1960) en als biograaf met Mr Carel Vosmaer (1967). In 1976 werd hij in Leiden hoogleraar archeologie aan de Rijksuniversiteit en conservator van de klassieke afdeling van het Rijksmuseum voor Oudheden. Na zijn emeritaat schreef hij onder meer twee biografische romans, Funerailles (1993) en De schele hertogin (2000), en een biografische schets over Chopin, Liszt en George Sand (Helse liefde, 1997).

Bastets eerste van vijf bundels `wandelingen door de antieke oudheid', Duizendjarig dolen, verscheen in 1978. In het voorwoord daarbij noteerde Bastet zijn credo: ,,Wij interesseren ons bijna allemaal wel voor ons verre of meer nabije verleden [...] Maar wie er meer van wil weten, stuit dikwijls op moeilijk toegankelijke vakliteratuur [...] Hoewel ik niet naïef genoeg ben om idealist te zijn, hoop ik natuurlijk toch, dat de lezers van deze opstellen er inspiratie uit zullen putten om zelf verder op pad te gaan.''

,,De P.C. Hooftprijs is een mooie afsluiting van mijn schrijven,'' zei Bastet vanmorgen. ,,Ik ben mijn hele leven bezig geweest, maar ik ben 78 en heb het schrijverschap afgesloten. Kan ook niet met moderne computer en dat soort gedonder omgaan. Het schrijven laat ik aan de jongeren.'' De P.C. Hooftprijs wordt op 20 mei 2005 uitgereikt in het Letterkundig Museum in Den Haag, de stad van Louis Couperus.