Inrichting `buik van Parijs' blijft probleem

Er kwamen 125.000 mensen kijken naar de vier plannen voor de herinrichting van de Hallen in Parijs. Iedereen sprak erover, maar van de winnaar wordt alleen het structuurplan gebruikt.

David Mangin, de Franse architect die gisteren is uitgekozen om het Parijse Hallen-gebied te herinrichten, heeft volgens een commentaar ,,gewonnen zonder te winnen''. Mangin is geselecteerd als toezichthouder op de uitvoering van plannen, die uiteindelijk niet door hem ontworpen worden. Van zijn plan, dat samen met drie andere van april tot september dit jaar is tentoongesteld en waarvan een onverwacht groot aantal van 125.000 belangstellenden kennis is komen nemen, wordt slechts de structuur overgenomen. De architectonische invulling wordt inzet van een nieuwe prijsvraag, waaraan Mangin niet kan meedoen.

Mangins ambivalente uitverkiezing is de slotsom van een gaandeweg met steeds grotere koortsachtigheid omgeven procedure. Met zijn aanvankelijk bijna naïef- enthousiaste voornemen om de Hallen aan te pakken heeft Bertrand Delanoë, de in 2001 met grote meerderheid gekozen, linkse burgemeester van Parijs, ,,ongetwijfeld niet beseft de doos van Pandorra te openen'', zoals dagblad Libération vanochtend vaststelt. Keer op keer is de afgelopen maanden een steeds weer opnieuw aangekondigde beslissing uitgesteld. De door Delanoë kennelijk niet geheel doorgronde gevoeligheid van de kwestie werd bij de uiteindelijke aankondiging van gisteren nog eens onderstreept door de aanwezigheid van vijftien nationale en internationale televisieploegen.

De opwinding houdt niet alleen verband met de grootte van het gebied – vier hectaren – en de ligging ervan, in het hart van Parijs. Ze is ook, en misschien wel vooral, terug te voeren op een door trauma's geïnspireerd wantrouwen. De oude, begin jaren zeventig gesloopte Hallen, met hun vlees- en groentenmarkten, ooit de romantische `buik' van Parijs, zijn uitgegroeid tot een kristallisatiepunt van nostalgie en weemoed. Toen was het nog knus en was Parijs nog van het volk; daarna kregen kille projectontwikkelaars en autocratische bestuurderen het voor het zeggen.

De huidige Hallen met hun glazen, jaren zeventig-architectuur zijn vanaf het begin als een mislukking beschouwd en worden tot op de dag van vandaag met gelatenheid gedoogd, zoals critici vaststellen. Het ondergrondse gebied, met dagelijks ruim 800.000 reizigers het grootste (metro-)station van Europa, voldoet bovendien niet meer aan de huidige veiligheidseisen, met name met het oog op terroristische aanslagen. Bovengronds heet het gebied een verzamelplaats voor kleine drugshandelaars, gauwdieven en hangjongeren te zijn. Het park is een onoverzichtelijk doolhof: argeloos van het ene punt naar het andere lopen is niet mogelijk. De bebouwing is vervallen en biedt een troosteloze aanblik.

Gezien het tumult dat de herinrichtingsplannen hebben veroorzaakt was het commentaar van Delanoë op de afgewezen projecten opmerkelijk sober. Over de glazen overkapping van het hele gebied, die de Nederlander Winy Maas voorstelde, zei de burgemeester slechts dat hij er ,,op een bepaald moment'' voor door de knieën was gegaan. Een kortstondig moment, kennelijk. Het door Jean Nouvel voorgestelde dak met hangende tuinen zei hij ,,een te dichte structuur'' te vinden, dat ,,het perspectief brak''. Over het project van de Nederlander Rem Koolhaas – een zeer omstreden menigte kleurige, glazen torens van verschillende hoogten en vormen – bewaarde de burgemeester het stilzwijgen.

,,Een van de bekendste architecten ter wereld wordt zonder commentaar terzijde geschoven'', schrijft Libération. Deze, links-georiënteerde krant concludeert dat met het stedebouwkundige concept van Mangin teruggegrepen wordt op het principe van de grote `klassieke' perspectieven en op het `ultraklassieke model' van de zeventiende-eeuwse tuinarchitect Le Nôtre. Onder verwijzing naar de gewaagde pyramide op het plein van het Louvre stelt de krant dat Delanoë geen François Mitterrand is, de partijgenoot en voormalig president die dat omstreden maar nu als zeer geslaagd beschouwd project hoogstpersoonlijk doordrukte.