Voorstel van Cruijff door UEFA bestudeerd

Het dagelijks bestuur van de Europese voetbalbond UEFA bespreekt morgen de mogelijkheid het aantal `buitenlanders' in de voetbalcompetities te beperken.

De UEFA stelt voor dat een club ten minste acht spelers moet opstellen die door de club zelf zijn opgeleid of door een nationaal instituut in het land waar de club huist.

Het plan is een poging de gevolgen van het Bosman-arrest uit 1995 in te dammen. Die uitspraak zorgde er destijds voor dat clubs ongelimiteerd buitenlandse spelers, afkomstig uit EU-landen, konden opstellen hetgeen volgens vele kenners gaat ten koste van de kansen voor spelers uit het eigen land. Bondscoach Marco van Basten sprak zich maandag nog uit voor een dergelijke maatregel. Hij deed dat in navolging van Johan Cruijff die eerder in een column in De Telegraaf met het plan was gekomen om het aantal buitenlanders per elftal tot maximaal vijf te beperken. ,,Wordt nu niet ingegrepen dan zitten we over een paar jaar echt in de problemen.''

Met de gewenste regelgeving kan de UEFA de clubs niet verplichten alleen spelers uit eigen land op te leiden. Dat zou in strijd zijn met de Europese regelgeving. Wel denkt de Europese voetbalunie dat de maatregel het aantal buitenlanders in nationale competitites terugdringt. Het bestuur van de bond hoopt bij het congres in april het voorstel in stemming te kunnen brengen.

Een maximum aan buitenlanders moet vooral de doorstroming van eigen jeugsdspelers ten goede komen. Foppe de Haan, bondscoach van Jong Oranje, merkte eerder deze week nog op dat jeugdspelers in de eredivisie nauwelijks nog doorbreken. ,,Vaak hebben clubs geen geduld met jonge jongens uit de eigen jeugdopleiding''. Ondanks investeringen van verschillende clubs ziet in de praktijk alleen Ajax structureel eigen jeugdspelers in het eerste elftal terechtkomen.