Citigroup moet harder z'n best doen

Citigroup is aan het leren dat reputaties breekbaar zijn. Toen 's werelds grootste bank op 2 augustus een agressieve handelsstrategie uitprobeerde op de markt voor in euro's gedenomineerde staatsobligaties (eurobonds), werd daarmee zo'n 15 miljoen euro verdiend, een miniscule 0,06 procent van de winst over 2004.

Maar die winst blijkt nu heel duur te zijn. De transacties kregen destijds een stortvloed van kritiek te verduren, omdat zij het `herenakkoord' schonden dat de marges tussen de diverse rentestanden op het MTS-handelsplatform voor obligaties binnen redelijke grenzen hield.

Britse en Duitse toezichthouders zijn nu aan het onderzoeken of de strategie van Citigroup zich ook uitstrekte naar manipulatie van de markt voor futures. Het geld is niet zo'n groot probleem. Zelfs als de bank schuldig wordt bevonden, zou de boete bescheiden zijn. En het is niet waarschijnlijk dat Citigroup in Duitsland een tijdelijk verbod zou worden opgelegd om activiteiten te ontplooien, zoals in een andere zaak in Japan is gebeurd.

Het werkelijke probleem is de reputatie van de Amerikaanse bank. Haar hardhandige optreden en de grote verontwaardiging die daarvan het gevolg was, kan Citi-group een aantal opdrachten van regeringen van Europese landen kosten voor het onderschrijven van de uitgifte van nieuwe staatsobligaties.

Door zijn omvang geniet Citigroup schaalvoordeel, maar aan die omvang kleven ook nadelen. De ethische problemen van de bank trekken daardoor veel aandacht. Als de bank wil dat zijn reputatie meer in overeenstemming wordt gebracht met zijn omvang, moet hij harder zijn best doen – en meer potentiële winstkansen laten schieten.

Het nieuws uit Europa duidt erop dat niet iedereen bij Citigroup er al van overtuigd is dat een goede reputatie van de bank meer waard is dan een flinke hap uit haar winst.

Onder redactie van Hugo Dixon. Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld.