Britse politiek aarzelt over euthanasie

Premier Blair wil medische wilsbeschikkingen legaliseren. De invloed van vooral de katholieke kerk blijkt in het Lagerhuis nog groot.

Britse christelijke leiders klagen graag over de ontkerkelijking, maar in de politiek is hun rol niet uitgespeeld. Zo moest premier Blair gisteren concessies doen aan de katholieke kerk om te voorkomen dat een wetsvoorstel over medisch handelen en de dood in het Lagerhuis zou worden weggestemd door merendeels katholieke backbenchers van alle partijen.

Blair, een anglicaan die heet te flirten met het katholicisme, beloofde kardinaal Murphy-O'Connor, aartsbisschop van Westminster, dat het voorstel ,,euthanasie niet via de achterdeur binnenlaat''. Lord Falconer, hoofd van de rechterlijke macht en minister met een deel van de justitieportefeuille, onderhandelde tot vlak voor de stemming met Peter Smith, de katholieke aartsbisschop van Cardiff. Smith vreest dat artsen een patiënt zouden kunnen laten sterven door een behandeling te staken als de omstandigheden daar (nog) geen aanleiding toe geven.

Het voorstel moet zogeheten living wills, wilsbeschikkingen, legaal maken. Daarin kan iemand van tevoren laten vastleggen om wel of geen levensverlengende medische behandelingen te ondergaan wanneer hij of zij daarover zelf geen beslissingen meer kan nemen. Rechters erkennen ze in praktijk, maar de regering wil dat ze ook in het wetboek staan. Het voorstel zag tien jaar geleden al het licht als de Mental Incapacity Bill en is door Labour na talloze consultaties en nieuwe kladversies omgedoopt tot Mental Capacity Bill. Tegenstanders geloven dat sommigen overhaast zo'n document tekenen en dat familieleden het kunnen misbruiken. Ze zeiden ook dat patiënten soms op sterven na dood lijken en toch overleven. En ze vrezen dat sommige ondertekenaars alsnog van gedachte veranderen, zonder dat te kunnen zeggen. Wanneer de living will dan wordt uitgevoerd, is dat volgens de rebellen actieve euthanasie.

Euthanasie is strafbaar, maar wordt in de Britse praktijk algemeen toegepast door terminale patiënten steeds hogere doses morfine te geven. Euthanasie in de wet vastleggen naar Zwitsers of Nederlands model geldt niettemin als onhaalbaar. Het onderwerp is controversiëler door prominente gevallen van dodelijk zieke, maar wilsbekwame Britten zoals Diane Pretty. Zij leed aan een spierziekte waardoor ze vanaf haar hoofd was verlamd, maar mocht van de rechter niet sterven. Ten tweede rilt het land na van het schandaal rond de arts Harold Shipman, die zeker tweehonderd, merendeels oudere patiënten vermoordde met insuline-injecties. Het vertrouwen in artsen is daardoor sterk gedaald.

Tegenstanders, onder aanvoering van de katholieke oud-Tory-leider Iain Duncan Smith, wilden dat de wet artsen uitdrukkelijk verbiedt levens te beëindigen. Hun motie sneuvelde met 297 tegen 203 stemmen na het casuïstieke hoogstandje waarin de regering verzekerde dat de wet poogt lijden te verlichten zonder te doden, óók als dat tot de dood leidt. Met die `verheldering' ging de bisschoppen – en in hun voetspoor genoeg tegenstanders – akkoord, waarna de wet door kon naar het Hogerhuis.