Bedrijven vrezen strop bij JSF-project

Er is onenigheid ontstaan tussen het kabinet en het bedrijfsleven over nieuwe tegenvallers rond de deelname aan de ontwikkeling van de Joint Strike Fighter (JSF), het nieuwe Amerikaanse gevechtsvliegtuig.

Volgens bronnen rond het kabinet vrezen de bedrijven dat ze mede door de huidige lage koers van de dollar ten opzichte van de euro worden opgescheept met een tegenvaller van ten minste enkele tientallen miljoenen euro`s.

Door die lagere koers zijn in dollars berekende orders voor Nederlandse bedrijven, die meedoen in het JSF-project, in euro's minder waard dan eerst gedacht. Hun afdrachten aan het kabinet daarentegen zullen naar verwachting juist hoger uitvallen.

Eerder had het kabinet de Tweede Kamer voor deze week een brief in het vooruitzicht gesteld waarin de jongste ontwikkelingen rond de JSF zouden worden geschetst. Als gevolg van het conflict is deze brief nu pas op zijn vroegst in januari te verwachten.

Nederland heeft twee jaar geleden besloten deel te nemen in de ontwikkeling van de JSF. Daarmee was van kabinetszijde een investering gemoeid van 800 miljoen dollar. In ruil daarvoor zouden Nederlandse bedrijven de kans krijgen opdrachten voor het project binnen te halen. De hoop was dat hiervan een nieuwe impuls zou uitgaan voor hightech-bedrijven. De verwachte orderstroom is inmiddels enigszins haperend op gang gekomen.

Minister Zalm (Financiën) is vooralsnog niet van plan extra geld ter beschikking te stellen om eventuele gaten te dichten in de zogeheten business case, het rekenmodel dat het kabinet voor de Nederlandse kant van het project hanteert. Volgens hem is het de verantwoordelijkheid van de bedrijven om dat te doen.

Aanvankelijk waren het kabinet en de betrokken bedrijven overeengekomen om pas in 2008 de balans op te maken van de financiële kant van het JSF-project. De onrust over de dollarkoers noopt de bedrijven echter om de zaak nu al aan de orde te stellen. ,,De valutaschommelingen zijn dusdanig groot dat we de zaak eerder onder de loep moeten leggen'', aldus een woordvoerder van Stork, een van de grootste deelnemende bedrijven in het project.

Voorzitter E. Vink van het NIFARP, het samenwerkingsverband van betrokken bedrijven, is overigens niet in paniek. Hij acht het voorbarig nu al ernstige zorgen te uiten. Hij wijst erop dat het project nog tientallen jaren zal voortduren en dat de vooruitzichten voor het project op langere termijn nog steeds gunstig zijn. Maar ook hij erkent dat het door de lage dollarkoers ,,allemaal wat uit balans is geraakt''.