Pro Helvetia niet gekort na rel om kunst

De Zwitserse culturele stichting Pro Helvetia wordt komend jaar niet financieel gekort. Dat heeft het Zwitserse parlement gisteren besloten.

Daarmee is een besluit van vorige week van de Zwitserse senaat ongedaan gemaakt om Pro Helvetia in 2005 voor straf 33 miljoen frank te geven in plaats van de beloofde 34 miljoen. De senatoren accepteerden niet dat de stichting, die Zwitserse kunst in het buitenland moet promoten, de omstreden tentoonstelling Swiss-Swiss Democracy van de beeldend kunstenaar Thomas Hirschhorn in het Zwitserse culturele centrum in Parijs had gesubsidieerd.

In die tentoonstelling steekt Hirschhorn de draak met de directe democratie in Zwitserland. Zijn expositie ontketende heftige reacties van politici. Dat Hirschhorn een acteur laat opdraven die zijn `poot' oplicht bij een grote foto van de extreem-rechtse minister van Binnenlandse Zaken, Christoph Blocher, was voor velen onverteerbaar. Het is ontoelaatbaar dat ,,ons land met belastinggeld door de modder wordt gehaald'', meende een partijgenoot van Blocher. Ook de christen-democraten wilden Pro Helvetia financieel straffen en het geld in een fonds voor Jeugd en Sport of de restauratie van monumenten steken.

Een krappe meerderheid (97 tegen 85) van vooral socialisten, groenen en liberalen, oordeelde gisteren echter dat artikel 21 van de grondwet dit soort ,,censuur'' niet toelaat. Dat artikel garandeert de kunstzinnige vrijheid in Zwitserland. Bovendien valt de expositie volgens hun niet onder `Zwitserland-promotie' maar onder `kunstpromotie'. Daarom kan en mag niemand Pro Helvetia beletten om een internationaal vermaard kunstenaar als Hirschhorn te sponsoren.

Ten slotte stelden veel parlementsleden met enig gevoel voor ironie vast dat het overhaaste besluit van de senaat van vorige week de expositie in Parijs meer publiciteit heeft bezorgd dan ze anders gekregen zou hebben.